Cette leçon contient 20 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.
La durée de la leçon est: 60 min
Éléments de cette leçon
les 3 - 21 november 2024
Slide 1 - Diapositive
BONJOUR
Bonjour
et
bienvenue!!
Slide 2 - Diapositive
Le programme
subjonctif
Évaluer
Slide 3 - Diapositive
Le but
Je kunt de subjonctif gebruiken
Slide 4 - Diapositive
Subjonctif - encore ;)
Slide 5 - Diapositive
2 situations pour le subjonctif:
Let op: de subjonctif staat altijd in de bijzin en begint altijd met que !
1. Na ww in de hoofdzin die een wens, wil, noodzaak, twijfel of (on)mogelijkheid uitdrukken
2. Na bepaalde voegwoorden die eindigen op que: avant que, bien que, quoique, jusqu'à ce que, pour que, afin que, à moins que, sans que, pourvu que, à condition que
Slide 6 - Diapositive
Attention!
Bij de volgende veelvoorkomende ww gebruik je GEEN subjonctif in de bijzin:
croire, penser, espérer, dire
Slide 7 - Diapositive
Vervoeging
Je moet de vervoegingen herkennen
Van de belangrijkste ww moet je actief weten hoe je die vervoegt in de subjonctif: rww op -er + avoir, être, aller, faire, pouvoir
Slide 8 - Diapositive
Subjonctif: rww -er
Slide 9 - Diapositive
subjoncif oww
Slide 10 - Diapositive
Welk woordje staat er altijd voor de subjonctif?
Slide 11 - Question ouverte
Wat moet er in de hoofdzin worden uitgedrukt om in de bijzin een subjonctif te krijgen? Antwoord in het Nederlands!