4.4: Hitler aan de macht

Aan het einde van deze lessen...




1. Je kan uitleggen wat fascisme betekent.
 
1 / 15
suivant
Slide 1: Diapositive
GeschiedenisMiddelbare schoolvmboLeerjaar 2

Cette leçon contient 15 diapositives, avec quiz interactif, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min

Éléments de cette leçon

Aan het einde van deze lessen...




1. Je kan uitleggen wat fascisme betekent.
 

Slide 1 - Diapositive

Agenda:


Uitleg
Filmpje
Aan de slag



Slide 2 - Diapositive

De opkomst van de nazi's
1. Je kan uitleggen wat fascisme betekent.
  • 1929: economische crisis in Duitsland door Verdrag van Versailles en WO1.
  • Hitler beloofd er wat aan te doen. Levert de NSDAP veel volgers op.
  • Nationaalsocialistische ideeën zijn fascistisch.
  • Fascisme: een beweging die een sterke leider wil en alle tegenstanders uitschakelt.

Slide 3 - Diapositive

De opkomst van de nazi's
1. Je kan uitleggen wanneer en hoe Hitler en de NSDAP aan de macht kwamen
  • Verkiezing 1932: NSDAP de grootste.
  • Ze moeten samenwerken, maar sluiten met nieuwe wetten anderen buiten.
  • 1933: dictatuur

Slide 4 - Diapositive

De opkomst van de nazi's
1. Je kan uitleggen wanneer en hoe Hitler en de NSDAP aan de macht kwamen
  • Propaganda: bewust verspreiden van een leugen via posters of radio, om de bevolking je blindelings te laten volgen.
  • Terreur: Mensen met geweld angst aanjagen, zodat ze je volgen en niet tegen je ingaan.

Slide 5 - Diapositive

Nationaalsocialisme:
Deze overtuiging gaat uit van een:
Dictator: Een leider, een staat.
Lebensraum: de leefruimte voor alle Duitstaligen.
Rassenleer: Duitse ras is het beste.



2.Je kan uitleggen wat nationaalsocialisme betekent.

Slide 6 - Diapositive

Slide 7 - Diapositive

Aan de slag:
Maken opgave 1 t/m 15 op pagina 19 t/m 21.

Slide 8 - Diapositive

Antisemitisme:
  • Joden waren volgens Hitler een minderwaardig ras.
  • Zij kregen de schuld van de armoede en ellende.
  • Ze werden uitgesloten van het dagelijks leven.
3. Wat is antisemitisme?

Slide 9 - Diapositive

Alles onder controle
  • Een totalitaire staat: het leven van de inwoners wordt compleet beheerst en gecontroleerd door de staat
  • Om macht te behouden worden tegenstanders opgepakt
  • Geen vrijheid van meningsuiting.
  • Organisaties onder controle 
4. Je kan met een voorbeeld uitleggen dat Duitsland een totalitaire staat werd

Slide 10 - Diapositive

Op weg naar oorlog
5. Je kunt twee voorbeelden noemen waaruit blijkt dat Hitler aanstuurde op een oorlog
  • 1933: invoering dienstplicht, productie van tanks, vliegtuigen en wapens
  • 1933: Hitler stopte met vergoeden van schuld Versailles
  • 1936: Bondgenootschap met Italie (Asmogendheden)
  • 1938: Anschluss: Oostenrijk wordt toegevoegd aan Duitse Rijk
  • 1938: Sudetenland (Noord-Tsjechië) wordt toegevoegd.

Slide 11 - Diapositive

Slide 12 - Diapositive

Filmpje
opdrachten Hitler
4.4 maken
Pagina 21 t/m 23!

Slide 13 - Diapositive

Slide 14 - Vidéo


Schrijf 2 dingen op die je deze les hebt geleerd
Schrijf 2 dingen op die je deze les hebt geleerd

Slide 15 - Question ouverte