Qu'est-ce que LessonUp
Rechercher
Canaux
Connectez-vous
S'inscrire
‹
Revenir à la recherche
K4 - maandag 23-9 (meervoud zn)
2BK
1 / 20
suivant
Slide 1:
Diapositive
Nederlands
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 4
Cette leçon contient
20 diapositives
, avec
quiz interactifs
et
diapositives de texte
.
La durée de la leçon est:
45 min
Commencer la leçon
Partager
Imprimer la leçon
Éléments de cette leçon
2BK
Slide 1 - Diapositive
Vorige les
werkwoordspelling: wanneer een t, d of dt?
Opdracht 4 en 5 gemaakt
Vandaag
Starten met meervoud van zelfstandige naamwoorden
blz 25
Slide 2 - Diapositive
Slide 3 - Diapositive
Zelfstandig naamwoord
Mens, dieren en planten
Dingen die je kan zien (stoel, deur, zon, auto)
Dingen die je
niet
kan zien (geloof, hoop, liefde)
Je kan er 'de, 'het' of 'een' voor zetten
Je kan er een verkleinwoord of meervoud van maken
(hek - hekje- hekken)
Eigen namen (Johan, Utrecht, december, Noordzee)
Slide 4 - Diapositive
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Meestal plak je een +s of +en achter het woord.
een lepel - twee lepel
s
een bord - twee bord
en
Slide 5 - Diapositive
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Meestal plak je een +s of +en achter het woord.
Maar let wel op
Soms moet je een klinker (a-e-i-o-u) weghalen.
een noot - twee n
o
ten
Soms moet je er een medeklinker bij zetten.
een mes - twee me
ss
en
Slide 6 - Diapositive
Wat is het meervoud van:
plant
Slide 7 - Question ouverte
Wat is het meervoud van:
druppel
Slide 8 - Question ouverte
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Woorden die eindigen op a - i - o - u - y krijgen +'s
opa - opa's
ski - ski's
accu - accu's
hobby - hobby's
Slide 9 - Diapositive
Wat is het meervoud van:
taxi
Slide 10 - Question ouverte
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Woorden die eindigen op ee krijgen +ën
ree - reeën
idee - ideeën
traptree - traptreeën
Slide 11 - Diapositive
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Een woord dat eindigt op een s, krijgt meestal een z .
huis - huizen
kies - kiezen
haas - hazen
Slide 12 - Diapositive
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Een woord dat eindigt op een f, krijgt meestal een v .
staaf - staven
erf - erven
Slide 13 - Diapositive
Meervoud zelfstandig naamwoord (ZNW)
Sommige krijgen +eren
kind - kinderen
rund - runderen
ei - eieren
blad -bladeren
Slide 14 - Diapositive
Alles door elkaar oefenen
Slide 15 - Diapositive
Wat is het meervoud van:
raaf
Slide 16 - Question ouverte
Wat is het meervoud van:
relatie
Slide 17 - Question ouverte
Wat is het meervoud van:
oma
Slide 18 - Question ouverte
Wat is het meervoud van ree?
Slide 19 - Question ouverte
blz 25 en 26 NR 1-2-3
Slide 20 - Diapositive
Plus de leçons comme celle-ci
Les 1 week 46 Meervoud zelfstandige naamwoorden
November 2022
- Leçon avec
23 diapositives
Nederlands
MBO
Studiejaar 1
Meervoud zelfstandige naamwoorden
February 2025
- Leçon avec
36 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo k, g, t
Leerjaar 1
Meervoud zelfstandignaamwoord
November 2022
- Leçon avec
31 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo b
Leerjaar 2
Meervoud zelfstandige naamwoorden
March 2022
- Leçon avec
39 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo k, g, t
Leerjaar 1
Meervoud zelfstandige naamwoorden
September 2024
- Leçon avec
36 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo k, g, t
Leerjaar 1
K4 - maandag 23-9 (meervoud zn)
September 2024
- Leçon avec
22 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 4
Les 1 week 46 Nederlands
November 2021
- Leçon avec
36 diapositives
Nederlands
MBO
Studiejaar 1
Meervoud zelfstandignaamwoord
February 2025
- Leçon avec
30 diapositives
Nederlands
Middelbare school
vmbo b
Leerjaar 2