Atheïsme en agnosticisme: Wat zijn de verschillen?

Atheïsme en agnosticisme: Wat zijn de verschillen?
1 / 13
suivant
Slide 1: Diapositive
LevensbeschouwingMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

Cette leçon contient 13 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 60 min

Éléments de cette leçon

Atheïsme en agnosticisme: Wat zijn de verschillen?

Slide 1 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Doel van de les
Aan het einde van de les kun je het verschil tussen atheïsme en agnosticisme uitleggen.

Slide 2 - Diapositive

Introduceer het doel van de les en laat de studenten weten wat ze aan het einde moeten kunnen.
Wat weet je al over atheïsme en agnosticisme?

Slide 3 - Carte mentale

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat is atheïsme?
Atheïsme is het geloof dat er geen god of goden bestaan.

Slide 4 - Diapositive

Definieer atheïsme en leg uit wat het betekent.
Wat is agnosticisme?
Agnosticisme is het geloof dat het onmogelijk is om te weten of er een god of goden bestaan.

Slide 5 - Diapositive

Definieer agnosticisme en leg uit wat het betekent.
Verschil tussen atheïsme en agnosticisme
Het verschil tussen atheïsme en agnosticisme is dat atheïsten geloven dat er geen god of goden bestaan, terwijl agnosten geloven dat het onmogelijk is om te weten of er een god of goden bestaan.

Slide 6 - Diapositive

Leg het verschil tussen atheïsme en agnosticisme uit en laat de studenten de nuance begrijpen tussen de twee concepten.
Opdracht 1
Geef drie redenen waarom iemand atheïst kan zijn.

Slide 7 - Diapositive

Geef de studenten een opdracht om hun begrip van atheïsme te testen.
Opdracht 2
Geef drie redenen waarom iemand agnost kan zijn.

Slide 8 - Diapositive

Geef de studenten een opdracht om hun begrip van agnosticisme te testen.
Misvattingen over atheïsme en agnosticisme
Een veel voorkomende misvatting over atheïsme is dat het gelijkstaat aan satanisme, terwijl dit niet waar is. Een veel voorkomende misvatting over agnosticisme is dat het betekent dat iemand niet zeker is van zijn of haar geloof, terwijl dit ook niet waar is.

Slide 9 - Diapositive

Behandel veel voorkomende misvattingen over atheïsme en agnosticisme en leg uit waarom deze misvattingen niet waar zijn.
Opdracht 3
Wat zijn enkele veel voorkomende misvattingen over atheïsme en agnosticisme? Leg uit waarom deze misvattingen niet waar zijn.

Slide 10 - Diapositive

Geef de studenten een opdracht om hun begrip van de misvattingen over atheïsme en agnosticisme te testen.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 11 - Question ouverte

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 12 - Question ouverte

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 13 - Question ouverte

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.