Hfst 4.4 schrijven en formuleren

Doel: 4.4 Schrijven en formuleren
  • Ik weet hoe ik een informatieve tekst moet schrijven. 
  • Ik weet hoe ik een inleiding moet schrijven. 
  • Ik weet een aantal formuleertips. 
1 / 10
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

Cette leçon contient 10 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min

Éléments de cette leçon

Doel: 4.4 Schrijven en formuleren
  • Ik weet hoe ik een informatieve tekst moet schrijven. 
  • Ik weet hoe ik een inleiding moet schrijven. 
  • Ik weet een aantal formuleertips. 

Slide 1 - Diapositive

Hoe goed denk jij dat je een informatieve tekst kan schrijven?
goed
wel oke
slecht

Slide 2 - Sondage

Wat is een informatieve tekst?

Slide 3 - Question ouverte

Wat is geen informatieve tekst?
A
Krant
B
biologieboek
C
de Donald Duck
D
website van school

Slide 4 - Quiz

Noem een paar voorbeelden van informatieve teksten.

Slide 5 - Question ouverte

Doel les: 4.4 Schrijven en formuleren
Informatieve tekst: is een tekst die je informatie geeft. 
Er worden vooral feiten genoemd. 

Hoe schrijf je een informatieve tekst:
Schrijf een inleiding, een kern en een slot. 
Zet witte regels tussen de alinea's. 
Zet een titel boven de tekst. 

Slide 6 - Diapositive

Doel les: 4.4 Schrijven en formuleren
Ik weet hoe ik een inleiding moet schrijven.
  • Waar gaat de tekst over?
  • Trek de aandacht van de lezer. 
  • (blz 32)

Slide 7 - Diapositive

Doel les: 4.4 Schrijven en formuleren
Ik weet een aantal formuleertips:
- Past je taalgebruik bij je doelgroep?
Voor volwassenen schrijf je anders dan voor kinderen. 

- Schrijf constant in de verleden of de tegenwoordige tijd. Verander niet!

- Gebruik niet constant dezelfde woorden. Dat leest vervelend. Zorg voor afwisseling. (blz 33)

Slide 8 - Diapositive

Aan de slag!
Bladzijde 30 t/m 35 

Hulpvragen voor opdracht 7 t/m 10
Wat wordt jouw titel?
Welke onderwerpen wil je in de tekst beschrijven? (kopjes/alinea's)
Schrijf daarna de inleiding (Een vraag die beantwoord wordt in de tekst?  (zie vb. blz. 31) en het slot (samenvatting). 

Slide 9 - Diapositive

Hoe goed denk jij dat je een informatieve tekst kan schrijven?
goed
wel oke
slecht

Slide 10 - Sondage