Hoofdstuk 7 formules herhaling

Hoofdstuk 7 
7.1 - 7.2 en 7.3 herhalen voor SO
1 / 23
suivant
Slide 1: Diapositive
WiskundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

Cette leçon contient 23 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

Éléments de cette leçon

Hoofdstuk 7 
7.1 - 7.2 en 7.3 herhalen voor SO

Slide 1 - Diapositive

Welke leerdoelen heb jij?
Ik kan:
  • bij een situatie een regel in woorden maken
  • een pijlenketting bij een regel in woorden maken
  • met een pijlenketting rekenen
  • van een pijlenketting een formule maken

Slide 2 - Diapositive

Slide 3 - Diapositive

Wat is een goede berekening om de prijs te berekenen van: Bij de pizzabakker kost een pizza 6 euro.
A
Het aantal pizza's keer vier is de prijs in euro's
B
Het aantal dozen keer zes is de prijs in euro's
C
Het aantal pizza's keer zes is de prijs in euro's
D
Het aantal pizza's keer zeven is de prijs in euro's

Slide 4 - Quiz

Wat is de goede berekening om de prijs te berekenen van: Bij een boer kost een doosje eieren drie euro.
A
Het aantal doosjes keer twaalf is de prijs in euro's
B
Het aantal doosjes eieren keer drie is de prijs in euro's
C
Het aantal doosjes eieren keer vier is de prijs in euro's
D
Het aantal doosjes koeken keer drie is de prijs in euro's

Slide 5 - Quiz

Slide 6 - Diapositive

Hoeveel moet ik betalen voor 5 flesjes?
A
450 cent
B
400 cent
C
440 cent
D
455 cent

Slide 7 - Quiz

Het IN-getal is 8. Wat is de uitkomst van de berekening?
A
3
B
1
C
4
D
2

Slide 8 - Quiz

Hoeveel grijze tegels heb ik nodig bij 6 rode tegels?
A
20
B
24
C
26
D
12

Slide 9 - Quiz

120 leerlingen willen een ijsje, er zitten 12 ijsjes in 1 doos. Hoeveel dozen ijs zijn er nodig?
A
10
B
9
C
12
D
120

Slide 10 - Quiz

Aan het werk
Klassikaal E4 maken. Schrijf alles goed in je schrift.


Samen met degene die naast je zit maak je:
E5 - E6 en E7
timer
10:00

Slide 11 - Diapositive

Slide 12 - Diapositive

Welke formule is de juiste bij deze pijlenketting?
A
Aantal leerlingen x 5 + 2 = opbrengst in euro's
B
Aantal leerlingen x 2 + 5 = opbrengst in euro's
C
Aantal euro's x 5 + 2 = aantal leerlingen
D
Aantal euro's x 2 + 5 = aantal leerlingen

Slide 13 - Quiz

Wat is de juiste formule?
A
aantal tafels x 4 + 2 = aantal stoelen
B
Aantal tafels x 2 + 4 = aantal stoelen
C
Aantal ijsjes x 4 + 2 = bedrag in euro's
D
Aantal leerlingen x 4 + 2 = uren huiswerk

Slide 14 - Quiz

Slide 15 - Diapositive

Hoeveel betaal je als je 5 keer gaat zwemmen?
aantal keren x 2 + 5 = bedrag in euro's
A
€ 10
B
€ 12,50
C
€ 15
D
€ 17,50

Slide 16 - Quiz

klopt de tabel bij de
pijlenketting?
A
Ja
B
Nee

Slide 17 - Quiz

Aan het werk
 Werk in je mapje.

Je maakt 7.3 en 7.4 helemaal voldoende af.
timer
15:00

Slide 18 - Diapositive

Aan het werk
 Schrijf alles goed in je schrift.

Uit je KGT boek:
Samen met degene die naast je zit maak je:
opdracht 26, 27 en de leerdoelopdrachten op blz. 24
Ga daarna aan het werk met blz. 30 en 31 in je boek. E11 t/m E14
timer
15:00

Slide 19 - Diapositive

Slide 20 - Diapositive

Hoort deze grafiek bij deze formule?
aantal uren x 5 + 10 = bedrag in euro's
A
Ja
B
Nee

Slide 21 - Quiz

Wat vind je nog lastig?

Slide 22 - Carte mentale

Oefenproefwerk maken

Slide 23 - Diapositive