4. Omtrek, oppervlakte figuur rechte hoeken en driehoek

Meten
1 / 36
suivant
Slide 1: Diapositive
WiskundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

Cette leçon contient 36 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 20 min

Éléments de cette leçon

Meten

Slide 1 - Diapositive

Waar gaat deze les over? Meten
Leerdoelen: 
Herhalen
- eenheden van lengte en oppervlakte

Nieuw: 
- Je kunt de oppervlakte en de omtrek van een figuur met rechte hoeken uitrekenen
Je kunt de oppervlakte van een driehoek uitrekenen.






Slide 2 - Diapositive

Lengte
Oppervlakte
cm2
Lengte x breedte
Kilometer
Vierkante meter
dm
km2
Omtrek

Slide 3 - Question de remorquage

Zet de eenheden van lengte op volgorde van groot naar klein
Km
dam
cm
mm
m
hm
dm

Slide 4 - Question de remorquage

oppervlakte = lengte x breedte

Slide 5 - Diapositive

Welke oppervlakte-eenheden missen in dit rijtje?
km² - hm² - ... - m² - dm² - cm² - ...
A
dm² - mm²
B
dem² - m²
C
ham² - m²
D
dam² - mm²

Slide 6 - Quiz

Zet de eenheden van oppervlakte van groot naar klein.
dm²
km²
hm²
dam²
mm²
m²
cm²
are
ca
ha

Slide 7 - Question de remorquage

Slide 8 - Vidéo

Wat hoort bij elkaar? 
lengte x breedte
lengte + breedte + lengte + breedte
oppervlakte
omtrek

Slide 9 - Question de remorquage

Horen de volgende zinnen bij lengte of bij oppervlakte?
Lengte
Oppervlakte
De afstand van huis naar school
Een grasveld maaien
De omtrek van een cirkel

Slide 10 - Question de remorquage


Oppervlakte rechthoek = ...
A
lengte x breedte x hoogte
B
lengte x breedte
C
lengte + breedte + lengte + breedte
D
lengte + breedte

Slide 11 - Quiz


Wat is hier de omtrek van de rechthoek hiernaast?
En de oppervlakte?
A
omtrek = 22 cm² oppervlakte = 24 cm
B
omtrek = 16 cm oppervlakte = 22 cm²
C
omtrek = 11 cm oppervlakte = 24 cm²
D
omtrek = 22 cm oppervlakte = 24 cm²

Slide 12 - Quiz

Wat is de omtrek?

Slide 13 - Question ouverte

Bereken de omtrek

Slide 14 - Question ouverte

Wat is de
oppervlakte?
A
60
B
80
C
188
D
108

Slide 15 - Quiz

Bereken de oppervlakte.

Slide 16 - Question ouverte

Bereken de oppervlakte

Slide 17 - Question ouverte

Slide 18 - Diapositive

Hoe doe je dat nu?

Oppervlakte rechthoek = 3 x 4 = 12 cm²
Oppervlakte driehoek = 12 : 2 = 6 cm²


Slide 19 - Diapositive

Slide 20 - Diapositive

Slide 21 - Diapositive

Hoogtelijnen in een driehoek

Slide 22 - Diapositive

Slide 23 - Diapositive

Slide 24 - Diapositive

Welke zijde hoort bij hoogtelijn GH?
A
EG
B
FG
C
EF

Slide 25 - Quiz

Oppervlakte driehoek =
A
0,5 x zijde x bijbehorende hoogte
B
zijde x bijbehorende hoogte
C
diameter x π
D
straal x straal x π

Slide 26 - Quiz

Wat is de bijbehorende hoogte?
A
10
B
18
C
7
D
2

Slide 27 - Quiz

Wat is de zijde en de
bijbehorende hoogte?
A
hoogte =29 cm zijde =21 cm
B
hoogte= 20 cm zijde =33 cm
C
hoogte = 20cm zijde =21 cm
D
hoogte = 33 cm zijde = 29 cm

Slide 28 - Quiz

Wat is de bijbehorende hoogte van zijde AB?
A
hoogte CD
B
lengte BC
C
lengte BD
D
lengte AC

Slide 29 - Quiz

Oppervlakte driehoek
ABC is?
A
12
B
6
C
10
D
7,5

Slide 30 - Quiz

Bereken de oppervlakte van de driehoek.

Slide 31 - Question ouverte


Slide 32 - Question ouverte

Bereken de oppervlakte van de driehoek

Slide 33 - Question ouverte


Wat vind je van de lessen zoals ze nu gaan?
😒🙁😐🙂😃

Slide 34 - Sondage

Maak je 'rekenwoordenboek' compleet

Schrijf op: 
 omtrek = l + b + l +b 
oppervlakte rechthoek= l x b
oppervlakte driehoek = 0,5 x zijde x bijbehorende hoogte

Slide 35 - Diapositive

Slide 36 - Diapositive