Werkwoorden

Werkwoorden
1 / 14
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsSecundair onderwijs

Cette leçon contient 14 diapositives, avec quiz interactifs et diapositive de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 15 min

Éléments de cette leçon

Werkwoorden

Slide 1 - Diapositive

Geef het voltooid deelwoord van
"schijnen"
A
geschijnd
B
gescheend
C
geschenen
D
schijnen

Slide 2 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

ZOEKEN
A
gezoekt
B
gezoeken
C
gezocht

Slide 3 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

BETALEN
A
betaalt
B
betaald

Slide 4 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

BETALEN?
A
betaalt
B
betaald

Slide 5 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

STRIJKEN
A
gestreekt
B
gestreken
C
gestreek

Slide 6 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

KOPEN
A
gekopen
B
gekocht

Slide 7 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

RUILEN?
A
geruilen
B
geruild
C
geruilt

Slide 8 - Quiz

Zet in voltooid deelwoord tijd: Hij heeft _________ (rusten).
A
gerust
B
gerusd

Slide 9 - Quiz

Zet in voltooid deelwoord tijd: Hij heeft _________ (leven).
A
geleeft
B
geleefd

Slide 10 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

VRAGEN
A
gevragen
B
gevraag
C
gevraagd
D
gevraagt

Slide 11 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van

RUILEN
A
geruilen
B
geruild
C
geruilt

Slide 12 - Quiz

Vul het voltooid deelwoord in: Hij heeft de taak ...
A
voltooiden
B
voltooid
C
voltooidt
D
voltooidde

Slide 13 - Quiz

Wat is het voltooid deelwoord van 'stofzuigen'?
A
stofgezuigd
B
stofgezogen
C
gestofzuigd
D
gestofzoogd

Slide 14 - Quiz