Hoe vraagt de man hoe laat de trein naar Carcassonne vertrekt?
Hoe laat vertrekt de trein?
Hoe vraagt hij om een kaartje naar Carcassonne?
Wat is een retourtje ?
Wat is een enkele reis?
Hoe zegt de man dat dat te duur is?
Hoe reageert de vrouw ?
1 / 33
suivant
Slide 1: Diapositive
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1
Cette leçon contient 33 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 2 vidéos.
La durée de la leçon est: 60 min
Éléments de cette leçon
We gaan een filmpje bekijken
Hoe vraagt de man hoe laat de trein naar Carcassonne vertrekt?
Hoe laat vertrekt de trein?
Hoe vraagt hij om een kaartje naar Carcassonne?
Wat is een retourtje ?
Wat is een enkele reis?
Hoe zegt de man dat dat te duur is?
Hoe reageert de vrouw ?
Slide 1 - Diapositive
thiemo.thiememeulenhoff.nl
Slide 2 - Lien
Hoe laat vertrekt de trein?
A
À quelle heure part le train?
B
À quelle heure arrive le train?
Slide 3 - Quiz
Hij vertrekt om 9 uur
A
Il part à deux heures
B
Il part à quatre heures
C
Il part à neuf heures
D
Il part à quinze heures
Slide 4 - Quiz
Hoe vraagt hij om een kaartje naar Carcassonne?
A
Une billet
B
Un billet s'il vous plaît
C
Une billet s'il vous plaît
D
Un billet
Slide 5 - Quiz
Wat is een retourtje ?
A
Un aller
B
Un retour et aller
C
Un retour
D
Un aller et retour
Slide 6 - Quiz
Wat is een enkele reis?
A
un aller simple
B
un aller
C
un retour simple
D
un simple
Slide 7 - Quiz
Hoe zegt de man dat het te duur is?
A
C'est trop bon marché
B
C'est chèr
C
C'est trop chèr
D
C'est chèr trop
Slide 8 - Quiz
Hoe reageert de vrouw ?
A
C'est dommage
B
Prenez donc le bus
C
Zut alors
D
Va à pied
Slide 9 - Quiz
Les devoirs battle
herhaling grammatica
uitleg volgende les
Le but: à la fin de ce cours:
beheers ik de grammatica van unité 4 en unité 5 voor de toets
Slide 10 - Diapositive
Les devoirs
Leren apprendre 4 en 6 (ook schrijven)
Let op de juiste lidwoorden
BATTLE (zie volgende slide)
Slide 11 - Diapositive
Battle B1F - V1B
2-2
Nog drie keer battle (eventueel 2 x)
Slide 12 - Diapositive
Les devoirs - woensdag!
Leren apprendre 7 en 8 (ook schrijven)
Let op de juiste lidwoorden
Slide 13 - Diapositive
Toetsweek - la grammaire
werkwoord aller en futur proche
de ontkenning (ne...pas)
Het bijvoeglijk naamwoord
Leer ook goed de:
let op!
Slide 14 - Diapositive
Blz 118: ALLER - let op!
In het Frans kun je direct na de vorm van aller een heel werkwoord gebruiken. Zo geef je aan dat er iets binnenkort gaat gebeuren. Deze werkwoordsstijl heet de futur proche.
Demain, je vais jouer de la guitare - morgen ga ik gitaar spelen
Cet après-midi, nous allons regarder la télé - vanmiddag gaan we televisie kijken.
Slide 15 - Diapositive
Ontdek de fout
1. Demain, on va un film regarder
2. Vous avons une jolie maison.
3. Les filles elles vont à la plage
4. Ce soir, je vais visite un concert.
Slide 16 - Diapositive
Ontdek de fout
1. Demain, on va regarder un film (owerp - ww - rest van de zin)
2. Vous avez une jolie maison (uitgang -ons hoort bij nous)
3. Les filles vont à la plage (les filles - onderwerp, geen elles)
4. Ce soir, je vais visiter un concert (hele werkwoord)
Slide 17 - Diapositive
Hoe vertaal je?
Ik ga morgenavond dansen
Slide 18 - Diapositive
Hoe vertaal je?
Ik ga morgenavond dansen?
Je vais danser demain soir
Of
Demain soir je vais danser.
Slide 19 - Diapositive
De ontkenning
Andere ontkenningsvormen:
ne....plus = niet meer, geen meer
ne... jamais = nooit
ne...rien = niets
Uit je hoofd leren!
Slide 20 - Diapositive
Ontdek de fouten
1. Ce soir, je ne vais visiter pas un concert
2. C'est ne pas drôle.
3. Il ne habite pas à Delft
Slide 21 - Diapositive
Ontdek de fouten
1. Ce soir, je ne vais pas visiter un concert (meerdere ww, pas achter persoonsvorm)