kids

Lesopzet
  • Lesdoelen bespreken
  • Korte uitleg
  • Uitleg opdracht: vragen beantwoorden
  • Uitleg woordspin verzorgen van een baby
  • Quiz vragen
  • Hoe is het gegaan
  • Afsluiting les
1 / 47
suivant
Slide 1: Diapositive
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo lwooLeerjaar 1

Cette leçon contient 47 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 7 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 60 min

Éléments de cette leçon

Lesopzet
  • Lesdoelen bespreken
  • Korte uitleg
  • Uitleg opdracht: vragen beantwoorden
  • Uitleg woordspin verzorgen van een baby
  • Quiz vragen
  • Hoe is het gegaan
  • Afsluiting les

Slide 1 - Diapositive

doelen
Aan het eind van deze werkplek heb je geleerd over de verzorging van een baby. Dan kun je 
  1. een baby verschonen
  2. een babybedje opmaken
  3. je kunt een geboorte kaartje maken
  4. je kunt vertellen hoe de baby groeit in zijn eerste jaar.
  5. je kunt vertellen wat een dagverblijf is en welke groepen daar zijn en wat de kinderen daar doen.
  6. je kunt een babykamer inrichten
  7. je kent de taken van de kraamhulp.

Slide 2 - Diapositive

Bekijk de Film Kraamverzorgster. 

Bekijk de FilmWAT DOET EEN KRAAMVERZORGSTER? // Willem Wever // #44 Kraamverzorgster. 
1. In de film zie je een gezin waar een baby is geboren. 
a. Welke tip krijgt de kraamvrouw van de kraamverzorgende?
 b. Welke werkzaamheden doet de kraamverzorgende?

- vangt bezoek op
- beschuit met muisjes smeren, koffie inschenken, koken
- zorgt voor huishoudelijke taken (de was, stofzuigen, het bed opmaken
- ondersteuning van de baby (wassen, adviseert moeder over vasthouden van baby). c. Hoe let de kraamverzorgende op de medische gezondheid van moeder en kind?
- Ze controleert elke dag het gewicht van de baby om de groei in de gaten te houden.
- Ze neemt de bloeddruk en polsslag op van de moeder. d. Welke werkzaamheden van de kraamverzorgende lijken jou het leukst?
Eigen antwoord. e. Welke werkzaamheden van de kraamverzorgende lijken je minder leuk of moeilijk?

Slide 3 - Diapositive

Slide 4 - Vidéo

  1. assisteren bij de bevalling
  2. helpen de baby in bad te doen
  3. de lichamelijke verzorging van de moeder
  4. huishoudelijke taken: het kraambed verschonen
  5. toilet en douche schoonmaken, de was, stofzuigen.
  6. een maaltijd voorbereiden, beschuit met muisjes smeren, koffie zetten, 
  7. voorlichting aan de ouders geven 
  8. ondersteunt moeder bij de verzorging van haar kind; ook de verzorging van andere kinderen is belangrijk
  9. rapporteren.
  10. vangt bezoek op

Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Vidéo

reflexen van een baby
Bij een pasgeboren baby controleert de verloskundige reflexen van de baby. Dat zijn meer dan tien reactiepatronen die weer verdwijnen als de baby wat ouder is. 
grijpreflex Een baby grijpt een vinger in zijn handpalm onmiddellijk stevig vast.
stap/loopreflex Een baby die onder de oksels rechtop gehouden wordt, maakt met de voetjes bewegingen alsof hij een stap wil zetten.
schrikreflex Bij een plotselinge beweging doet de baby de armen wijd open en sluit ze
daarna weer langzaam.
slikreflex Deze beweging kan je baby direct na zijn geboorte maken; zo kan hij zich
meteen voeden met melk.
zoekreflex Bij aanraking van de wang van de baby zoekt de baby de tepel om te drinken.
zuigreflex Als de baby iets in zijn mond voelt, begint hij te zuigen.

Slide 7 - Diapositive

Slide 8 - Diapositive

wie heeft er een jonger broerje of zusje

Beantwoord de vragen: 
Heb je een jonger broertje of zusje. 
Heb je weleens een baby verzorgd.
Heb je weleens een baby in bad gedaan.
Waar moet je opletten wanneer je een baby optilt.
Wat zou je doen wanneer een baby huilt?

vergelijk je antwoorden met je buurman/vrouw

timer
7:00

Slide 9 - Diapositive

Beantwoord bovenstaande vragen.

Slide 10 - Question ouverte

Wat is er allemaal nodig om een baby te verzorgen.
Maak een woordspin. 
Denk terug aan de filmjes die je al hebt gezien.
Je antwoorden in de volgende dia.

Slide 11 - Diapositive

timer
5:00
verzorgen van;
een baby

Slide 12 - Carte mentale

Een paar quiz vragen
weetjes over baby's

Slide 13 - Diapositive

Hoeveel uur slaap heeft een baby nodig
A
12-18
B
11-13
C
12-14
D
8-9

Slide 14 - Quiz

Waarom maakt een baby (0-2 mnd) geluidjes?
A
omdat de baby honger heeft.
B
omdat de baby verdrietig is.
C
omdat de baby wil gaan praten.
D
omdat de baby aandacht wil.

Slide 15 - Quiz

Wie houdt de ontwikkeling van de baby bij?
A
Het babyadviesbureau
B
Het consultatiebureau
C
De huisarts
D
Het ziekenhuis waar de baby geboren is

Slide 16 - Quiz

Bij een pasgeboren baby zijn de fontanellen nog niet gesloten. Wees daarom voorzichtig met:
A
Wassen van de voetjes
B
Knuffelen
C
Luier verschonen
D
Aaien over het hoofdje

Slide 17 - Quiz

Hoe vaak moet een baby van ongeveer een half jaar een schone luier krijgen?
A
Minstens 1 x per dag
B
Minstens 2 x per dag
C
Minstens 5 x per dag
D
minstens 10 x per dag

Slide 18 - Quiz

uitleg praktijk 
Baby bedje opmaken
Baby verschonen



Slide 19 - Diapositive

Slide 20 - Vidéo

Slide 21 - Vidéo

Slide 22 - Vidéo

Slide 23 - Vidéo

opdracht tekenen en inrichten babykamer




opdracht 


Slide 24 - Diapositive

Slide 25 - Lien

lesdag 2 over kids
1 lesuur. 
Kind in de kinderopvang


Slide 26 - Diapositive

lesdoelen
Aan het eind van de les weet je welke kinderen naar de kinderopvang gaan. Wat kinderopvang is. 
Aan het eind van de les ken je de begrippen fijne motoriek en grove motoriek.

Slide 27 - Diapositive

kinderopvang 
Naar het kinderdagverblijf gaan kinderen vanaf 
6 weken tot 4 jaar oud.
Kinderen van 2 tot 4 jaar oud kunnen een peutergroep bezoeken.
Basisschoolkinderen kunnen naar de buitenschoolse opvang.
Gastouders vangen kinderen tussen 0 en 13 jaar op.

Slide 28 - Diapositive

timer
4:00
Waar denk je aan bij het kinderdagverblijf
kinderopvang?

Slide 29 - Carte mentale

Slide 30 - Vidéo

wat heb je gezien in het filmpje
denk na en schrijf je antwoord op
op de volgende Slide.


Slide 31 - Diapositive


Slide 32 - Question ouverte

Slide 33 - Diapositive

Wat is motoriek 
Wat is fijne en grove motoriek
fijn = klein
grof = groot

kleine bewegingen zoals knippen = fijne motoriek
grote bewegingen zoals rennen = grove motoriek

Slide 34 - Diapositive

Slide 35 - Diapositive

Grove motoriek
fijne motoriek
Lichamelijke ontwikkeling

Slide 36 - Diapositive

Noem voorbeelden van fijne motoriek

Slide 37 - Question ouverte

Een baby pakt een beertje vast. Is dit fijne motoriek of grove motoriek?
A
Fijne
B
Grove

Slide 38 - Quiz

Een baby gaat zelf zitten. Fijne of grove motoriek?
A
Fijne
B
Grove

Slide 39 - Quiz

Wat voor bewegingen horen er bij "fijne motoriek"?

Slide 40 - Question ouverte

Noem voorbeelden waarmee je de fijne motoriek stimuleert:

Slide 41 - Question ouverte

Een baby gaat zelf zitten. Fijne of grove motoriek?
A
Fijne
B
Grove

Slide 42 - Quiz

Voorbeelden van ......motoriek zijn kruipen, lopen, fietsen, hinkelen
A
grove
B
fijne

Slide 43 - Quiz

Welke activiteit kun je kinderen aanbieden om hun fijne motoriek te verbeteren?
A
een tekening laten maken
B
in een boom laten klimmen
C
touwtje springen

Slide 44 - Quiz

Welke activiteiten horen bij de fijne motoriek?
A
een stukje speelgoed vastpakken
B
hoofdje optillen
C
een blokje in een doosje doen
D
een lepeltje naar de mond brengen

Slide 45 - Quiz

Einde van deze 2 lessen.
Vul de volgende slide.
Geef in woorden aan wat je geleerd hebt?

Slide 46 - Diapositive

Wat geleerd?

Slide 47 - Carte mentale