Lección 1: Verbo gustar, doler, molestar, poner contento(a) / triste, hacer feliz

1 / 17
suivant
Slide 1: Diapositive

Cette leçon contient 17 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

Éléments de cette leçon

Slide 1 - Diapositive

We starten in 5 minuten met de les.

Slide 2 - Diapositive

Lesprogramma
¿Qué vamos a hacer hoy?
A. Opstarten: les en absentie
B. Toetsinzage
C.  Doornemen: Lesstof periode 3
D.  Doornemen: woordenlijst
E.  Doornemen: Verbo gustar
F. Afsluiting


Slide 3 - Diapositive

Lesprogramma
Después de la clase..

Leerdoel voor  conectores 

R: 
T1: 
T2: 
I:
 

Slide 4 - Diapositive

Los deberes para la próxima clase: 
Los deberes para la próxima clase:

Maken: Opdracht 41 a, c, d en e pagina 91 en 92
Leren: Hoofdstuk 5





Slide 5 - Diapositive

Registro de asistencia

Slide 6 - Diapositive

pagina X
Vocabulario: 
Doornemen hoofdstuk 5

Slide 7 - Diapositive



Wat: Betekenissen zoeken van 10 woorden uit het woordenlijst. 
Hoe: In groepjes van twee of individueel 
Waar: In je JDW-map
Hulpmiddel: Reporteros tekstboek

Klaar?
Kies 2 woorden en maak 2 zinnen.
Gebruik: mijnwoordenboek.nl 
¡A practicar! 

Slide 8 - Diapositive

Lesstof 
Toets 310: 

  • Gram
A. Werkwoorden zoals gustar
B. De gebiedende wijs
C. De ontkennende gebiedende wijs 
D. De plaats van het persoonlijk voornaamwoord

  • Voc
Hoofdstuk 5

Toets 311: 

EN EL RESTAURANTE


Slide 9 - Diapositive



Onderwerp: Verbo gustar 
Vak: Spaans
Datum: - 


Cornell schema 

Slide 10 - Diapositive



2. Notities:
Wanneer wordt de Pretérito perfecto gebruikt:
Om een handeling...

Cornell schema 

Slide 11 - Diapositive



2: Notities
Vorm:
Pretérito perfecto(Presente perfecto)

Cornell schema 

Slide 12 - Diapositive



3: Kernwoorden
Vorm: Signaalwoorden (Marcadores temporales)

Cornell schema 

Slide 13 - Diapositive

R: Ik kan de vormen van de verbos reflexivos correct reproduceren.
T1: Ik kan zinnen met de verbos reflexivos correct vormen in bekende contexten.
😒🙁😐🙂😃

Slide 14 - Sondage

Ik snap het verschil tussen pretérito indefinido en pretérito imperfecto.
😒🙁😐🙂😃

Slide 15 - Sondage


Ik kan werkwoorden vervoegen in de gerundio.
1 (NO)
2
3
4
5
6
7
8
9
10 (SÍ, POR SUPUESTO)

Slide 16 - Sondage

Sé explicar cómo se forma y cómo se usa el gerundio
😒🙁😐🙂😃

Slide 17 - Sondage