Les 14.1 - §6.3

§6.3 Behoud van energie
Lesplanning:
  1. Uitleg rekenen met de wet behoud van energie.
  2. Maken opgave 29,  33 en 35
  3. 2 meerkeuzevragen
  4. Verder met vaardighedendossier
  5. Afsluiting
1 / 12
suivant
Slide 1: Diapositive
NatuurkundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

Cette leçon contient 12 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

§6.3 Behoud van energie
Lesplanning:
  1. Uitleg rekenen met de wet behoud van energie.
  2. Maken opgave 29,  33 en 35
  3. 2 meerkeuzevragen
  4. Verder met vaardighedendossier
  5. Afsluiting

Slide 1 - Diapositive

Lesdoel
Aan het einde van de les kan je rekenen met de wet van behoud van energie.

Slide 2 - Diapositive

Welke vorm van energie hoort bij:
kracht
snelheid
hoogte
verbranding
kinetische energie
arbeid
zwaarte-energie
chemische energie

Slide 3 - Question de remorquage

Wet van behoud van energie.
Wat zegt deze wet?

Slide 4 - Question ouverte

Ebegin=Eeind

Slide 5 - Diapositive

Voorbeeldopgave 1
Een rit in de steel dragon bevat een verticale val van 93,5 m. De achtbaan heeft een snelheid van 3,0 m/s aan de top van de val. Wat is de snelheid van de achtbaan op de bodem. Verwaarloos hierbij de wrijving.

Slide 6 - Diapositive

Voorbeeldopgave 2
Bereken de snelheid onderaan de helling.

Slide 7 - Diapositive

Aan de slag
Maken en nakijken
§6.3 opgave
(28), 29, (30), (32), 33, (34) en 35
timer
20:00
Eerder klaar: ga verder met 36, 38, 40 en 41

Slide 8 - Diapositive

Lesdoel
Aan het einde van de les kan je rekenen met de wet van behoud van energie.

Slide 9 - Diapositive

Hoe groot is de kracht die op
een bowlingbal met een
massa van 5,0 kg wordt
uitgeoefend?

A
200 N
B
50 N
C
25 N
D
5,0 N

Slide 10 - Quiz

Twee stenen vallen vanaf de top van een gebouw naar beneden. De ene steen is twee keer zo zwaar als de andere steen. Vlak voordat de stenen de grond raken heeft de zwaardere steen …
A
evenveel kinetische energie als de lichtere steen.
B
twee keer zoveel kinetische energie als de lichtere steen.
C
twee keer zo weinig kinetische energie als de lichtere steen.
D
vier keer zoveel kinetische energie als de lichtere steen.

Slide 11 - Quiz

Werken aan het vaardighedendossier

Slide 12 - Diapositive