Verschillende machten controleren elkaar en ‘houden elkaar scherp’.
Slide 7 - Diapositive
8.1: Theorie: Vrijheid en onvrijheid
Grondrecht: basisrecht dat geldt voor alle mensen in een bepaald land.
Grondwet: document waarin de grondrechten van alle burgers zijn vastgelegd.
Rechtstaat: land waarin alle inwoners grondrechten hebben die beschermen tegen machtsmisbruik door de overheid.
Overheid: Alle politici en ambtenaren die het beleid uitvoeren.
Democratie: land waarin de burgers grote invloed hebben op het bestuur.
Dictatuur: Land waarin burgers weinig of geen invloed hebben op het bestuur.
Slide 8 - Diapositive
Klassieke grondrechten
Grondrechten die de overheid moet garanderen. Kosten niets. Bijvoorbeeld:
Gelijkheidsbeginsel (Art. 1)
Kiesrecht (Art. 4)
Vrijheid van godsdienst en levensovertuiging (Art. 6)
Vrijheid van meningsuiting (Art. 7)
Recht op vergadering en betoging (Art. 9)
Slide 9 - Diapositive
Sociale grondrechten
Grondrechten waarbij de overheid een zorgplicht heeft. Kosten (veel) geld. Bijvoorbeeld:
Recht op werkgelegenheid. (Art. 19)
Recht op sociale zekerheid. (Art. 20)
Recht op onderwijs. (Art. 23)
Slide 10 - Diapositive
Les 8: Theorie: Vrijheid en onvrijheid
Persvrijheid: het recht om feitelijke informatie en ideeën te verspreiden via de media.
Censuur: Verbod door de overheid van publicatie van bepaalde informatie.
Zelfcensuur: het opleggen van beperkingen door journalisten of media zelf om problemen met de overheid te voorkomen.
Corruptie: misbruik van functie of macht om er zelf beter van te worden.
Wet: algemeen geldende overheidsregel.
Slide 11 - Diapositive
Les 8: Vrijheid en onvrijheid
Slide 12 - Diapositive
8: Theorie: Vrijheid en onvrijheid
Verenigde Naties: Internationale organisatie waarvan bijna alle landen ter wereld lid van zijn en die streeft naar vrede, rechtvaardigheid en welvaart voor alle mensen.
Mensenrechten: basisrechten die gelden voor alle mensen op aarde.
College voor de Rechten van de Mens: onafhankelijke organisatie waar mensenrechtenschendingen in Nederland kunnen worden gemeld.
Nationale Ombudsman: onafhankelijke organisatie waar burgers terecht kunnen met klachten over de overheid.
Slide 13 - Diapositive
Lesdoel:
9: Politiek en idealen
Je leert:
De verschillende soorten belangen onderscheiden: belang, eigenbelang en algemeen belang.
Wat er voor soort politieke partijen er bestaan; rechtse politiek en linkse politiek.
Hoe democratisch wordt besloten. Door inzet van: overtuigen, compromis sluiten en uitruilen.
DEZE WEEK MOET JE HET VOLGENDE AFRONDEN:
Les 9: Politiek en idealen. Casus + opdracht 1 – 14
Slide 14 - Diapositive
9: Politiek en idealen
Verschillende ideeën over een goede samenleving
Vind jij het goed dat de politiek in Nederland ook
belasting op suikerrijke frisdrank heeft ingevoerd?
Wij gebruiken cookies om jouw gebruikerservaring te verbeteren en persoonlijke content aan te bieden. Door gebruik te maken van LessonUp ga je akkoord met ons cookiebeleid.