Cette leçon contient 21 diapositives, avec diapositives de texte.
Éléments de cette leçon
Schilderkunst in de Gouden eeuw
Slide 1 - Diapositive
Leerdoelen
-Schilderkunst uit de Gouden Eeuw herkennen?
- Soorten schilderkunst in de Gouden Eeuw?
Slide 2 - Diapositive
Deze les
- Bespreken kunst uit de Gouden Eeuw
- Werken aan opdracht 1 - 8
(speeddaten)
- Verder werken Pitch
Slide 3 - Diapositive
Schilderkunst
Ook in de schilderkunst is er een Gouden Eeuw.
Rembrandt van Rijn, Johannes Vermeer, Jan Steen en Frans Hals
zijn de belangrijkste Nederlandse schilders uit die tijd
Slide 4 - Diapositive
Slide 5 - Diapositive
Slide 6 - Diapositive
Schilderkunst uit de Gouden Eeuw herkennen
Slide 7 - Diapositive
Vaak sobere kleuren
Slide 8 - Diapositive
Realisme
Slide 9 - Diapositive
Alledaagse taferelen
Slide 10 - Diapositive
Kenmerken herken van de Nederlandse kunst van de 17e eeuw.
De tijd van Regenten en Vorsten, wordt ook wel vaak de Gouden Eeuw genoemd. In deze tijd ging het de Republiek der Verenigde Nederlanden voor de wind. Op economisch gebied, maar ook op het gebied van kunst en wetenschap, bloeide er van alles.
1
De kleuren in de schilderijen zijn vrij sober. Eenvoud is normaal.
2
Nederlandse schilders bekwaamden zich in het realisme. De personen op de schilderijen moesten eruit zien alsof je ze kon aanraken.
3
De schilderijen hadden als onderwerp meestal de alledaagse werkelijkheid. Een wereld die de kijker herkende.
4
Landschapsschilderijen zijn ook populair. Omdat in de stad weinig te zien is van de natuur, geven schilderijen een kijkje in dat wat je normaal niet kunt zien.
Slide 11 - Diapositive
Schilderkunst genre's
Slide 12 - Diapositive
Portretten
Slide 13 - Diapositive
Stillevens
Slide 14 - Diapositive
Landschappen
Slide 15 - Diapositive
Zeegezichten
Slide 16 - Diapositive
Dagelijks
leven
Slide 17 - Diapositive
Architectuur
Slide 18 - Diapositive
Leerdoelen
-Schilderkunst uit de Gouden Eeuw herkennen
- Soorten schilderkunst in de Gouden Eeuw
Slide 19 - Diapositive
Opdracht speeddaten
Bij deze opdracht werk je eerst alleen, daarna in tweetallen
Je krijgt 5 minuten om 4 vragen te verdelen en te maken
Daarna krijg je 3 minuten de tijd om je antwoorden te bespreken en neem je elkaars antwoorden over