3.4 [lesbezoek Shyro]

1 / 45
suivant
Slide 1: Diapositive
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

Cette leçon contient 45 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 60 min

Éléments de cette leçon

Slide 1 - Diapositive

Welkom! 
Welkom

Slide 2 - Diapositive

Wat gaan we doen vandaag?
Opstarten
05 min
Terugblik 3.3 met Tekendictee
15 min
Uitleg 3.4 deel 1
10 min
Maken opdrachten
10 min
Nakijken opdrachten
10 min
Samen lezen 3.4 deel 2
10 min
Lesafsluiting
10 min

Slide 3 - Diapositive

Slide 4 - Diapositive

Slide 5 - Diapositive

Tekendictee:
Je krijgt 4 woorden te horen van Paragraaf 3.3

Teken per vakje waar je aan denkt bij dat woord

Slide 6 - Diapositive

Begrip 1: Centrum

Slide 7 - Diapositive

1. Centrum: Groep rijke landen met veel geld, kennis en macht

Slide 8 - Diapositive

Begrip 2: Periferie

Slide 9 - Diapositive

2. Periferie: Groep arme landen met weinig geld, kennis en macht

Slide 10 - Diapositive

Begrip 3: Semiperiferie 

Slide 11 - Diapositive

3. semiperiferie: Groep landen die tussen het centrum en de periferie inzitten

Slide 12 - Diapositive

Begrip 4: Analfabetisme

Slide 13 - Diapositive

4. Analfabetisme: Niet kunnen lezen en schrijven

Slide 14 - Diapositive

Wat betekent periferie in de wereldindeling van centrum- semi periferie en periferie?
A
Een rijk land met veel bedrijven
B
Een arm land met weinig invloed
C
Een gebied dat alleen uit steden bestaat
D
Een land zonder inwoners

Slide 15 - Quiz

Wat zijn ontwikkelingslanden?
A
arme landen
B
rijke landen

Slide 16 - Quiz

Centrum
Semi periferie
Periferie

Slide 17 - Question de remorquage

Semi-periferie
Centrum
Periferie

Slide 18 - Question de remorquage

Grondstof
Halffabricant
Eindproduct
Periferie
Semi-Periferie
Centrum

Slide 19 - Question de remorquage

Centrum
Periferie
Semi-periferie

Slide 20 - Question de remorquage

Slide 21 - Diapositive

Aan de slag
Wat? Vul de begrippenlijst in van 3.4

Tijd? 5 minuten

Klaar? Maak 3.4 in je online boek
timer
5:00

Slide 22 - Diapositive

Lesdoelen
Aan het eind van de les kun je:
  • de sectoren landbouw, industrie en diensten beschrijven
  • beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.

Slide 23 - Diapositive

Slide 24 - Diapositive

De economie van een land kun je indelen in drie sectoren:
1. Landbouw: Voedsel en grondstoffen 
uit de aarde halen
2. Industrie: Producten maken uit 
grondstoffen (fabrieken)
3. Diensten: Mensen doen 'iets' voor 
een ander (docent, advocaat, verkoper)

Slide 25 - Diapositive

Economische sectoren
  • Per land bepalen welk deel in welke sector werkt
  • Zegt iets over de economische ontwikkeling 

  • We kijken naar de beroepsbevolking

  • Beroepsbevolking = alle mensen in een land die betaald werk hebben of hiervoor beschikbaar zijn (15-65 jaar) 

Slide 26 - Diapositive

Slide 27 - Diapositive

Aan de slag
  • Wat? Maak paragraaf 3.4 opdracht 1 t/m 5 
  • Hoe? Zelfstandig, overleggen mag
  • Hulp? Buur, docent, internet
  • Tijd? 10 minuten
  • Resultaat? Klassikaal bespreken
  • Klaar? Lees de rest van 3.4 en maak de rest van 3.4 af
timer
10:00

Slide 28 - Diapositive

Opdracht 1:

Slide 29 - Diapositive

Slide 30 - Diapositive

Opdracht 2:

Slide 31 - Diapositive

Slide 32 - Diapositive

Beroepsbevolking in de periferie
Veel werk in landbouw



Er zijn twee soorten landbouw:
    1. Zelfvoorzienende landbouw: kleine boeren produceren voedsel voor   
       zichzelf.
    2. Commerciële landbouw: grote bedrijven exporteren hun gewassen.

Slide 33 - Diapositive

Zelfvoorzienend:

Commercieel:

Slide 34 - Diapositive

Slide 35 - Diapositive

Slide 36 - Diapositive

Slide 37 - Diapositive

Huiswerk
  • Wat? Maak paragraaf 3.4 helemaal 
  • Hoe? Zelfstandig, overleggen mag
  • Hulp? Buur, docent, internet
  • Tijd? 10 minuten
  • Resultaat? Klassikaal bespreken

  • Klaar? Reset je fouten
  • Ook daarmee klaar? Werk in stilte aan NUMO
timer
10:00

Slide 38 - Diapositive

Lesdoelen
Aan het eind van de les kun je:
  • de sectoren landbouw, industrie en diensten beschrijven
  • beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.

Slide 39 - Diapositive

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
       1.  Je kunt de sectoren landbouw, industrie en diensten beschrijven.
Landbouw: in deze sector halen mensen voedsel en grondstoffen uit de aarde. Hierbij horen landbouwers, die voedsel en grondstoffen als katoen en palmolie produceren. De visserij en bosbouw vallen hier ook onder.

Industrie: in deze sector maken mensen producten uit grondstoffen, bijvoorbeeld in fabrieken. Ook de bouw hoort bij deze sector.

Diensten: in deze sector doen mensen iets voor andere mensen, zoals schoonmakers, verpleegkundigen, leraren en maaltijdbezorgers.

Beroepsbevolking: Alle mensen in een land die betaald werk hebben of direct beschikbaar zijn voor werk, en in een bepaalde leeftijdsgroep vallen.

Slide 40 - Diapositive

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Periferie
Periferie
      2. Je kunt beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.
Zelfvoorzienende landbouw:
Landbouw om zelf van te leven
- Klein stukje grond
- Eenvoudige werktuigen
- Enkele gewassen
- Evt. lokale verkoop
Commerciële landbouw:
Land wordt gekocht door westerse investeerders
- Veel grond
- Moderne werktuigen
- Minder arbeid
- Export producten
Mensen gaan naar de stad om ander werk te gaan zoeken/doen.

Slide 41 - Diapositive

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Centrum
Semiperiferie
      2. Je kunt beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.
Welvaart stijgt - Het gaat economische beter met een land. Mensen hebben beter inkomen en kunnen daardoor meer activiteiten ondernemen
Salaris - Geld dat je krijgt voor het werk dat je doet
- Eten kopen
- Onderwijs 
- Betere huisvesting
- Meer mensen werk in de industrie
- Krijgt een salaris voor het werk dat ze doen
- Meeste mensen werken in de dienstensector.
- Hebben een opleiding gehad.
- Hebben een salaris
- Sociale vangnetten zijn goed geregeld.

Slide 42 - Diapositive

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Informele sector
     3. Je kunt het verschil tussen de formele en informele sector aangeven.
Formele sector










Het afdragen van belasting aan de overheid over het inkomen dat je ontvangt. 

- Het werk is niet zicht bij de overheid.
- Geen belasting over inkomsten
- Illegale activiteiten
- Zwart werken

Centrum landen, zoals in Nederland
- Meeste mensen werken in de formele sector. 

Ontwikkelingslanden
- Veel mensen werken in de informele sector. Bijvoorbeeld, straatverkopers, arbeiders in kledingbedrijfje. 
Over het algemeen geldt: hoe armer het land, hoe groter de informele sector. Door de informele sector is het inkomen per hoofd in een land wel hoger dan het bbp per hoofd laat zien.

Slide 43 - Diapositive

timer
5:00

Slide 44 - Diapositive

Slide 45 - Diapositive