Les 5 - V3 - ropa colores estampados y tienda de ropa

Clase de español - V3
1 / 55
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 55 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Clase de español - V3

Slide 1 - Tekstslide

La clase anterior
¿Qué son estampados?

¿Qué son materiales?

¿Qué lleva puesto tu compañero de clase?

Slide 2 - Tekstslide

Repasar los deberes para hoy
la ropa hol-esp  - herhaling
los colores hol - esp - herhaling
materiales y estampados hol - esp - nieuw
el verbo hacer - herhaling
el verbo ir - herhaling
el verbo querer  - herhaling
el verbo poder - nieuw

Slide 3 - Tekstslide

Escribe la forma correcta
  1. hacer, yo
  2. ir, tú
  3. querer, él
  4. poder, nosotros
  5. hacer, vosotros
  6. ir, ellos
  7. querer, nosotros
  8. poder, tú
Traduce al español
1. van wol
2. gestippeld
3. de jas
4. de sjaal
5. oranje
6. geel
7. paars
8. het vestje

Slide 4 - Tekstslide

Escribe la forma correcta
  1. hago
  2. vas
  3. quiere
  4. podemos
  5. hacéis
  6. van
  7. queremos
  8. puedes
Traduce al español
1. de lana
2. de lunares
3. el abrigo
4. la bufanda
5. naranja
6. amarillo
7. violeta / morado
8. la rebeca

Slide 5 - Tekstslide

He estudiado bien el vocabulario y los verbos
😒🙁😐🙂😃

Slide 6 - Poll

Al final de la clase . . 
. . sabes cómo puedes mejorar tu pronunciación
. . . sabes describir tu ropa con los colores, estampados y materiales
. . . sabes comprar ropa en una tienda

Slide 7 - Tekstslide

Practicar tu pronunciación

Je kijkt en luistert naar een liedje

Je zingt mee!!!

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Quiero mejorar mi pronunciación
Mejorar tu pronunciación
Wist je dat het meezingen met Spaanse liedjes heel goed is voor je uitspraak?
😒🙁😐🙂😃

Slide 10 - Poll

Al final de la clase 
. . sabes cómo puedes mejorar tu pronunciación
. . . sabes describir tu ropa con los colores, estampados y materiales
. . . sabes comprar ropa en una tienda

Slide 11 - Tekstslide

Un poco de gramática

Slide 12 - Tekstslide

Stel ....
Je bent een stilist
Wat zou jij doen om de persoon op deze afbeelding een makeover te geven.

Slide 13 - Tekstslide

Deel je tips :)

Slide 14 - Woordweb

Leg uit wat er gebeurt met de Spaanse lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden en geef een voorbeeld
timer
1:30

Slide 15 - Open vraag

Concordancia
Lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden en de meeste kleuren richten zich in getal en geslacht naar het zelfstandig naamwoord waar het bij hoort.
UNA CAMISETA AMARILLA

Slide 16 - Tekstslide

Un poco de gramática
Reader p. 11

Slide 17 - Tekstslide

Un poco de gramática
Reader p. 11

Slide 18 - Tekstslide

Vul aan met de juiste vorm van de kleuren: la falda .... (wit)
timer
0:15

Slide 19 - Open vraag

Vul aan met de juiste vorm van de kleuren: los pantalones . . . (groen)
timer
0:15

Slide 20 - Open vraag

Vul aan met de juiste vorm van de kleuren: unos calcetines . . . . (blauw)
timer
0:15

Slide 21 - Open vraag

Me gusta mi jersey . . . . (paars)
timer
0:15

Slide 22 - Open vraag

Tengo un abrigo . . . . (roze)
timer
0:15

Slide 23 - Open vraag

Me gusta mi jersey . . . . (paars)
timer
0:15

Slide 24 - Open vraag

Vul aan met de juiste vorm van de kleuren: las zapatillas . . . (oranje)
timer
0:15

Slide 25 - Open vraag

Wat is je opgevallen bij de kleuren:
oranje, roze en paars in het Spaans?

Slide 26 - Open vraag

¿Qué llevan? Schrijf drie zinnen (met llevar) wat de personen dragen op de foto (ook prints en materiaal)
Schrijf de zinnen in je schrift.

Voer de zinnen daarna in op de volgende slide in lessonup
En dúos

A
B
C
E
D
Ejemplo
La chica izquierda de la foto A lleva un vestido ......
timer
8:00

Slide 27 - Tekstslide

¿Qué llevan las personas en las fotos?

Slide 28 - Open vraag

Al final de la clase 
. . sabes cómo puedes mejorar tu pronunciación
. . . sabes describir tu ropa con los colores, estampados y materiales
. . . sabes comprar ropa en una tienda

Slide 29 - Tekstslide

Un vídeo
Bekijk het volgende interactieve filmpje en beantwoord de vragen die tijdens het kijken worden gesteld.

Slide 30 - Tekstslide

7

Slide 31 - Video

Welke twee werkwoorden gebruik je om te vragen/zeggen wat iets kost?

Slide 32 - Open vraag

Slide 33 - Tekstslide

En la clase de hoy
Conoceras unas frases relacionado a la tienda de ropa

Slide 34 - Tekstslide

Welke twee werkwoorden gebruik je om te vragen/zeggen wat iets kost?

Slide 35 - Open vraag

Los deberes para hoy
Nuevo/nieuw - vragen naar de prijs costar & valer (aantekening en blz 31)



Herhalen: Estudiar: los colores (p. 45) y la ropa (p. 48 & 49). Ook de regels van de kleuren (enk/mv & mnl/vrl), los números, ir + a + heel werkwoord - estudiar muy bien!, el cumpleaños en het werkwoord 'llevar' (dragen), estudiar: Los materiales y estampados (woordenlijst en aantekeningen).
Hacer: ejercicios 16, 21, 23 & 25



Slide 36 - Tekstslide

00:07
¿Qué son "las rebajas"?

Slide 37 - Open vraag

00:27
La camiseta de manga larga es . . .
A
de lunares
B
de rayas
C
de cuadros
D
de flores

Slide 38 - Quizvraag

00:48
La bufanda de este señor es
A
de cuadros
B
de rayas
C
de lunares
D
de flores

Slide 39 - Quizvraag

00:53
El bolso es . . .
A
amarillo
B
amarilla

Slide 40 - Quizvraag

02:11
Wanneer zeg je
1 - ¿Cuánto cuesta?
2 - ¿Cuánto cuestan?

Slide 41 - Open vraag

02:16
¿Cuánto cuesta la camiseta negra?
Er zijn meer antwoorden goed
A
Cuesta siete euros con noventa y cinco céntimos
B
Cuesta nueve euros con noventa y cinco céntimos
C
9,95 eur
D
7,95

Slide 42 - Quizvraag

02:36
Welke werkwoorden gebruiken we om te zeggen hoeveel iets kost?

Slide 43 - Open vraag

En la tienda de ropa
Reader p. 31
Wat is het verschil tussen de roze en de blauwe tekstblokjes?

Werk nu samen met de klasgenoot die naast je zit en beantwoord de vragen op de volgende slide in je schrift.
Ieder maakt zijn eigen aantekeningen.

Slide 44 - Tekstslide

En la tienda de ropa
  1. Welke 2 vragen stelt de verkoper//verkoopster als je een kledingwinkel binnen komt?
  2. Op welke drie manieren kan je vragen naar een zwarte hoodie
  3. Op welke 2 manieren kan de verkoper vragen welke maat de klant heeft en welke kleur hij/zij wil?
  4. Hoe geeft de klant daar antwoord op?
  5. Als de klant wil passen, wat vraagt hij dan?
Escribe las respuestas en
tu cuaderno, en español, claro :)
timer
5:00

Slide 45 - Tekstslide

Haz y manda una foto de tus apuntes

Slide 46 - Open vraag

Trabajar en la tarea

Vamos a leer la instrucción
Reader p. 4/5

Slide 47 - Tekstslide

Escribir el guión (= script) de tu tarea
Ga met je groepje bij elkaar zitten.

Overleg en schrijf op hoe je de opdracht van de make over gaat aanpakken. Wat ga je in de poster zetten?
Verwerk hierin alles wat je tot nu toe geleerd hebt, dus ook een bezoek aan de kledingwinkel.
Hoja de la profe para escribir el guión

Slide 48 - Tekstslide

Haz y manda una foto del guión

Slide 49 - Open vraag

Ik weet hoe ik mijn uitspraak kan oefenen
😒🙁😐🙂😃

Slide 50 - Poll

Ik kan kleding beschrijven met kleuren, printjes en materialen
😒🙁😐🙂😃

Slide 51 - Poll

Ik weet wat ik moet zeggen als ik een zwarte hoodie wil kopen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 52 - Poll

Ik heb vandaag goed meegedaan met de les.
😒🙁😐🙂😃

Slide 53 - Poll

Ik vond deze les . . .
😒🙁😐🙂😃

Slide 54 - Poll

Los deberes 

Aprender las expresiones de la página 18 (En la tienda de ropa)
Hacer el ejercicio 16 de la página 19
Hacer el ejercicio 17 de la página 17

Tiempo necesario para hacer los deberes: 
20 minutos aproximadamente









Slide 55 - Tekstslide