Les 2 van spelling algemeen

Nederlands 02-04
- lASSo 1 & 2 uitleg
- lASSo 1 zelfstandig werken, lASSo2 vervolg uitleg
- zelfstandig werken
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1,2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

Nederlands 02-04
- lASSo 1 & 2 uitleg
- lASSo 1 zelfstandig werken, lASSo2 vervolg uitleg
- zelfstandig werken

Slide 1 - Tekstslide

Zo voel ik me nu over het doel:
lASSo1: Ik weet wat bijvoeglijk naamwoorden zijn en hoe ik ze op de juiste manier moet spellen.
lASSo2: Ik ken Engelse en Franse leenwoorden en ik weet hoe ik ze op de juiste manier moet spellen.

Slide 2 - Poll

Doel van de les
lASSo1: Ik weet wat bijvoeglijk naamwoorden zijn en hoe ik ze op de juiste manier moet spellen.
lASSo2: Ik ken Engelse en Franse leenwoorden en ik weet hoe ik ze op de juiste manier moet spellen. 

Slide 3 - Tekstslide

De .... docent

Slide 4 - Woordweb

Bijvoeglijk naamwoord
Bijvoeglijk naamwoorden: 
- Hebben een korte en lange vorm. De harde wind - De wind is hard.
- Bij de lange vorm komt er een e achter het bijvoeglijk naamwoord.
  1. Zet een e achter het woord:  mooi → mooie; flink → flinke.
  2. Verdubbel de laatste letter en zet een e achter het woord: smal → smalle; knap → knappe.
  3. Haal een a, e, o of u weg en zet een e achter het woord: groot → grote; puur → pure.
  4. Verander een f in v en s in z en zet een e achter het woord: lief → lieve; wijs → wijze.
  5. Combineer de derde en vierde manier: gaaf → gave; zinloos → zinloze. 
  6. Soms een trema op de ë toevoegen om de uitspraak correct te houden →  officieel - officiële

Stoffelijk bijvoeglijk naamwoorden: de houten vloer






Slide 5 - Tekstslide

Op een (wankel) ladder stond de glazenwasser de (vies) ruiten te wassen.

Slide 6 - Open vraag

Carmen draagt haar (goud) ketting, (zilver) oorbellen en (plastic) armbanden.

Slide 7 - Open vraag

Pax liep tijdens de speurtocht een (bacterieel) infectie op.

Slide 8 - Open vraag

lASSo 1
Aan de slag! Maak van spelling paragraaf 2 opdracht 2, 5 en 6 (blz. 246-247)

Slide 9 - Tekstslide

Engelse of Franse leenwoorden

Slide 10 - Woordweb

Engelse leenwoorden
- Een samenstelling van Engelse woorden schrijf je in het Nederlands als één woord: eyecatcher, multiplechoicevraag.

- Als het rechter deel van de samenstelling een Engels voorzetsel is, plaats je een koppelteken: back-up, stand-by.

- Sommige combinaties worden gezien als een woordgroep. Dan schrijf je de delen los: compact disc, first lady.

Slide 11 - Tekstslide

Welk Engelse leenwoord is onjuist gespeld?
A
coverstory
B
eye liner
C
glamourgirl
D
make-up

Slide 12 - Quizvraag

Welk Engelse leenwoord is onjuist gespeld?
A
intensive care
B
sandwich
C
smash
D
pick up

Slide 13 - Quizvraag

Een samenstelling van een Engels leenwoord schrijf je
A
als één woord
B
met een koppelteken
C
los van elkaar

Slide 14 - Quizvraag

Franse leenwoorden
- Veel Franse woorden schrijf je in het Nederlands zonder accenttekens: compote, hotel, ragout.

- De accenten op de e blijven behouden als dat nodig is om de uitspraak aan te geven:

Soms schrijf je een accent aigu, zoals bij paté.

Soms schrijf je een accent grave, zoals bij crème.

Soms schrijf je accent circonflexe, zoals bij crêpe.

Slide 15 - Tekstslide

Welk Frans leenwoord is goed gespeld?
A
lingérie
B
lingerie

Slide 16 - Quizvraag

Welk Frans leenwoord is goed gespeld?
A
premiere
B
première

Slide 17 - Quizvraag

Welk Frans leenwoord is goed gespeld?
A
enquete
B
enquête

Slide 18 - Quizvraag

Aan de slag!

lASSo2: 
Spelling paragraaf 3 opdracht 2 en 4 (blz. 252/253)

Je krijgt je toets van lezen 2 van mij terug om in te zien. Stel vragen bij onduidelijkheden!

Slide 19 - Tekstslide

Zo voel ik me nu over het doel:
lASSo1: Ik weet wat bijvoeglijk naamwoorden zijn en hoe ik ze op de juiste manier moet spellen.
lASSo2: Ik ken Engelse en Franse leenwoorden en ik weet hoe ik ze op de juiste manier moet spellen.

Slide 20 - Poll