In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
Beveiligingen van elektrische installaties.
Door automatische uitschakeling van de voeding.
Slide 1 - Tekstslide
Wat betekent “beveiliging” in een elektrische installatie volgens jou?
Slide 2 - Woordweb
Welke soorten beveiligingen ken je?
Slide 3 - Woordweb
Voorbereiding op de Besturingskast 2e leerjaar ALA
Slide 4 - Tekstslide
Wat denk je dat er gebeurt als er kortsluiting is?
Slide 5 - Woordweb
Wat gebeurd er bij kortsluiting?
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Video
Slide 8 - Video
Overbelasting
Door overbelasting van leidingen.
Te grote stroom, te heet worden van de draden, daardoor beschadiging van de isolatie.
Door hitte groter dan7C
kortsluiting ontstaat brand.
Snelle veroudering isolatie, dus onbetrouwbaar.
Slide 9 - Tekstslide
Smeltpatroon
Slide 10 - Tekstslide
Installatieautomaat
Slide 11 - Tekstslide
Aarlekschakelaar
Slide 12 - Tekstslide
Aardlekautomaat
Slide 13 - Tekstslide
Smeltpatroon of smeltveiligheid
Meest voorkomende uitvoering zijn de Diazedpatroon, mespatroon en buiszekering (glaszekering).
Slide 14 - Tekstslide
Diazedpatroon
Slide 15 - Tekstslide
Diazedpatroon
Verschillende nominale waarden, meest voorkomend
Slide 16 - Tekstslide
De passchroef
De passchoef heeft dezelfde kleur als de melder van de smeltpatroon. Dit om te voorkomen dat de installatie zwaarder wordt beveiligd dan in het ontwerp is berekend.
Slide 17 - Tekstslide
Diazedpatroon
Slide 18 - Tekstslide
De mespatroon en buiszekering
Mespatronen en buiszekeringen zijn er diverse nominale stromen en diverse afmetingen.
Slide 19 - Tekstslide
Afschakel karakterristiek
D patronen ≤ 0,25 seconden
Snel 1,75 x Inom.
Traag 5 x Inom.
L Leitung karakteristiek 4 en 6 x Inom.
G Gerate Apparaten 8 en 11 x Inom.
Slide 20 - Tekstslide
Hoe kun je zien welk Diazed-patroon defect is gegaan na een kortsluiting of overbelasting
Slide 21 - Open vraag
De installatieutomaat
Verschillende uitvoeringen
Slide 22 - Tekstslide
De installatieutomaat
Slide 23 - Tekstslide
Werking van de installatieauomaat
1 Bedieningsknop
2 Schakelmeganisme
3 Contacten
4 Aansluitingen
5 Bi-metaal
6 Ijkschroef
7 Spoel
8 Bluskamer
Slide 24 - Tekstslide
Slide 25 - Video
Welk afschakelkarakteristiek is het meest geschikt voor een inductieve belasting, zoals een motor?
A
B-karakteristiek
B
C-karakteristiek
C
D-karakteristiek
D
A- karakteristiek
Slide 26 - Quizvraag
Wat wordt er beschermd door de aardlekschakelaar?
A
Mens
B
Dier
C
Materialen
D
Installatie
Slide 27 - Quizvraag
Aardlekschakelaar
Een aardlekschakelaar moet uitschakelen als er een lekstroom is naar aarde.
Slide 28 - Tekstslide
De aardlekschakelaar
De aardlekschakelaar is een aanvullende beveiliging die beschermd tegen directe - en indirect aanraking.
De aardlekschakelaar mag nooit als enige beveiliging worden toegepast.
De aardlekfunctie mag wel worden gecombineerd met een installatieautomaat zoals de Alamat.
Slide 29 - Tekstslide
Slide 30 - Video
Kortsluitvastheid!
Wie kan uitleggen wat er wordt bedoelt met kortsluitvastheid?
Slide 31 - Tekstslide
Kortsluitvastheid
Met kortsluitvastheid wordt bedoeld de maximale kortsluitstroom door een beveiligingsomponent waarbij het component nog intact blijft.
Dus een kortsluitvast van 6KA betekent dat het component bestand is tot een kortsluitstroom van 6000A.
Slide 32 - Tekstslide
Kortsluitvastheid
Smeltpatroonhouders zijn altijd kortsluitvast tot 50KA.
Installatie automaten en aardlekschakelaars zijn er in verschillende uitvoeringen van 4,5KA tot 50KA.
De kortsluitstroom kan worden beperkt door het plaatsen van een voorbeveiliging door middel van bijvoorbeeld mespatronen. Deze voorbeveiliging wordt ook wel Escort-beveiliging genoemd.
Slide 33 - Tekstslide
Weetjes aardlekschakelaar
Uitgevonden in 1903 door Siemens/Schuckert.
Huidige techniek 1908 door Nicholsen.
Sinds 1975 in huisinstallaties.
1996 verplicht in huisinstallaties en basisscholen en speciaal voortgezet onderwijs.