7.2 Het ancien régime

7.2 Het ancien régime
1 / 8
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 8 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

7.2 Het ancien régime

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen 3.2
Aan het eind van deze les kun je uitleggen
  • welke politieke, economische en sociale omstandigheden er waren onder het Ancien Régime

  • Wat het Verlicht Absolutisme inhoudt aan de hand van het optreden van Frederik de Grote. 

Slide 2 - Tekstslide

De Franse samenleving
  • Het bestuur voor de democratische revoluties (paragraaf 7.3) wordt het Ancien Régime (=oud bestuur) genoemd
  • Kenmerken:
  •  Standenmaatschappij, waarbij de samenleving is opgedeeld in groepen
    1. Geestelijken
    2. Adel
    3. Burgers en Boeren



Slide 3 - Tekstslide

De Franse samenleving
  • Geestelijken en Adel hebben allerlei voorrechten, enkel op basis van hun 'hoge' geboorte
  • De derde stand had weinig rechten en veel plichten, zoals het betalen van alle belasting. 
  • Vanuit de verlichting kwam kritiek: was deze indeling wel rationeel? Volgens sommige vorsten niet, maar ... 



Slide 4 - Tekstslide

Waarom kon de Franse koning de standenmaatschappij niet zomaar afschaffen?

Slide 5 - Open vraag

Verlicht absolutisme 
  • Het overnemen van verlichte ideeën door een absoluut vorst wordt verlicht absolutisme genoemd. 
  • Zij zochten naar een balans tussen het ancien régime (met behoud eigen positie) en de idealen van de verlichting 
  • 'Alles voor het volk, niets door het volk!'

Slide 6 - Tekstslide

Op 24 maart 1756 vaardigde Frederik het beroemde Kartoffelbefehl uit, waarin hij beval dat al zijn onderdanen met deze plant bekendgemaakt dienden te worden en dat deze op iedere beschikbare plek moest worden verbouwd. Tot op de dag van vandaag zijn er altijd een paar aardappelen te vinden op zijn graf.

Slide 7 - Tekstslide

Verlicht absolutisme 
Enerzijds was Frederik een verlicht vorst, omdat:
  • Hij godsdienst- en persvrijheid toestond
  • een verbod op martelen instelde
  • Scholen en universiteiten stichtte

Anderzijds was hij een absoluut vorst, omdat:
  • Hijzelf alles bepaalde 
  • De standenmaatschappij intact hield
  • Martelen was toegestaan bij majesteitsschennis 

Slide 8 - Tekstslide