2F 02-04

Regels in de klas
  1.  Je hebt je spullen voor Nederlands bij je.
  2. Je let op als ik iets vertel/uitleg.
  3. Je bent geconcentreerd met je werk bezig.
  4. Aan het einde van de les staat je tafel recht en is je stoel aangeschoven.
  5. We gaan respectvol om met de docent en met elkaar.


1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmboLeerjaar 2

In deze les zitten 27 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Regels in de klas
  1.  Je hebt je spullen voor Nederlands bij je.
  2. Je let op als ik iets vertel/uitleg.
  3. Je bent geconcentreerd met je werk bezig.
  4. Aan het einde van de les staat je tafel recht en is je stoel aangeschoven.
  5. We gaan respectvol om met de docent en met elkaar.


Slide 1 - Tekstslide

Als je je niet aan de regels houdt
  1.  Mondelinge waarschuwing.
  2. Naam op het bord met het 1e streepje achter je naam.
  3. 2e streepje = nablijven of uitgestuurd.

Slide 2 - Tekstslide

Programma 2F woensdag 02-04
  • Inleiding nieuw hoofdstuk.
  • Uitleg fictie en non-fictie.
  • Hoofdstuk 1t/m3 van het verhaal luisteren + opdracht.

Het lezen slaan we over, omdat we in dit hoofdstuk al veel gaan lezen.

Slide 3 - Tekstslide

Lezen


Heb je dyslexie? Dan mag je een verhaal voor laten lezen op je Chromebook.




Slide 4 - Tekstslide

Nieuw hoofdstuk: Fictie 2
In dit hoofdstuk lezen/luisteren we een verhaal. Dat verhaal is een fictief verhaal.

Slide 5 - Tekstslide

Wat is fictie?

Slide 6 - Tekstslide

Kun je een voorbeeld noemen van een fictief boek, een fictieve film of een fictieve serie?

Slide 7 - Tekstslide

Voorbeelden van fictie
📖 Boek: Harry Potter – J.K. Rowling
🎬 Film: Inception – Regie: Christopher Nolan
📺 Serie: Stranger Things – Netflix

Slide 8 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen fictie en non-fictie?

Slide 9 - Tekstslide

Kun je een voorbeeld bedenken van iets dat non-fictie is?

Slide 10 - Tekstslide

Voorbeelden van non-fictie
📖 Boek: Boef – Willem Vissers
 Waargebeurd verhaal over de straatkat Boef en zijn band met zijn baasje, een vluchteling. 
🎬 Film: The Social Dilemma (Netflix)
 Documentaire over de invloed van sociale media op ons leven. 
📺 Serie: Bureau Hofstad (NPO)
 Realityserie over de Haagse politie. 

Slide 11 - Tekstslide

Waarom denk je dat mensen graag fictieverhalen lezen of kijken?

Slide 12 - Tekstslide

Waarom mensen fictie lezen/kijken
  • Ontspanning – Fictie helpt mensen om even te ontsnappen aan de realiteit en te ontspannen.

  • Emotie en herkenning – Sommige verhalen raken mensen omdat ze zich kunnen inleven in de personages of situaties.

Slide 13 - Tekstslide

Waarom mensen fictie lezen/kijken
  • Creativiteit en verbeelding – Fictie stimuleert de fantasie en laat mensen nieuwe werelden ontdekken.

  • Leren en nadenken – Ook al is een verhaal verzonnen, het kan je toch iets leren over het leven, de geschiedenis of andere culturen.

Slide 14 - Tekstslide

Het doel van fictie
  • Je fantasie prikkelen.
  • Je kunnen verplaatsen in de personages.
  • Het helpt je creatief te denken. Dat kan helpen bij bijvoorbeeld schrijfvaardigheid.

Slide 15 - Tekstslide

Over het verhaal
Laten we eerst eens kijken wat we al over het verhaal te weten kunnen komen zonder het verhaal te lezen.

Als je al een beetje een idee hebt waar een verhaal over gaat, is het verhaal makkelijker om te volgen.

Slide 16 - Tekstslide

Wat betekent "voorgoed" eigenlijk?

Slide 17 - Tekstslide

Voorgoed = voor altijd

Slide 18 - Tekstslide

Wat kunnen we al weten als we naar de voorkant van het boek kijken?

Slide 19 - Tekstslide

Ik wil eerst samen de samenvatting van het verhaal lezen, zodat je weet waar het verhaal over gaat.
I

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

We gaan luisteren naar hoofdstuk 1 tot en met 3
Tijdens het voorlezen maak je een tekening van wat je hoort. Dit kan van alles zijn: een mindmap, een strip, een bepaald beeld dat bij het voorlezen blijft hangen.
 
Teken dus wat jij hoort, waar jij aan denkt, wat bij jou blijft hangen.

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Link

Bespreek met degene naast je wat je hebt gemaakt

Slide 24 - Tekstslide

Eerste indruk
  • Wat is je eerste indruk van het verhaal?
  • Hoe komt dat?

Slide 25 - Tekstslide

Huiswerk

Slide 26 - Tekstslide

Is er nog tijd over?
Spel uit de beweegpot!

Slide 27 - Tekstslide