Donderdag 13 maart les 3

Donderdag 13 maart 
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsISK

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Donderdag 13 maart 

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Link

Slide 3 - Link

Wat gaan we deze les doen?
  • Werkwoorden kunnen en mogen
  • Zelfstandig aan grammatica werken

Slide 4 - Tekstslide

Wat leer je deze les?
1. Ik weet wat de betekenis is van de werkwoorden kunnen en mogen
2. Ik kan deze werkwoorden in een zin gebruiken. 

Slide 5 - Tekstslide

Bijzondere werkwoorden
  • hebben 
  • zijn
  • kunnen 
  • mogen 
  • willen
  • zullen

Slide 6 - Tekstslide

Wat betekent het werkwoord kunnen?

Slide 7 - Woordweb

Kunnen 
Arabisch: يستطيع (yastaṭīʿ)
Tigrinya: ከም ክኸውን (kem khekewn)
Chinees: 能 (néng)
Oekraïens: могти (mohty)
Russisch: мочь (moch')
Somalisch: karo
Frans: pouvoir
Kurmanji: karîn

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Wat betekent het werkwoord mogen?

Slide 10 - Woordweb

Mogen 
Arabisch: يسمح ل (yasmaḥ li)
Tigrinya: ፍቓድ እምበር (fek’ad ember)
Chinees: 可以 (kěyǐ)
Oekraïens: можна (mozhna)
Russisch: мочь (moch') / разрешено (razresheno)
Somalisch: la ogol yahay
Frans: pouvoir / avoir le droit
Kurmanji: destnîşan

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Link

DISK

Werken aan 
grammatica: 
2.9 en 2.10

Slide 14 - Tekstslide

Ga naar blooket
Oefenen met de werkwoorden kunnen en mogen

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Maandag 17 maart 
Huiswerk: Grammatica af tot en met 2.10.
Volgende week gaan we verder met de werkwoorden willen en zullen.

Slide 17 - Tekstslide