V5wisA H10.4B Formules met niet-gehele exponenten

H10.4B Formules met niet-gehele exponenten
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

H10.4B Formules met niet-gehele exponenten

Slide 1 - Tekstslide

Herhaling
.

Deze afgeleide geldt voor alle waarden van n, dus positief, negatief, geheel, gebroken, kommagetal, etc.

Met de afgeleide kunnen we de helling in een punt van de grafiek bepalen.
f(x)=ax​n​​ −> f​′​​(x)=n⋅ax​n−1​​

Slide 2 - Tekstslide

Opgave 64a (blz 147): De opbrengst R van een bedrijf in duizenden euro's wordt gegeven door de formule:

Stel de afgeleide van R op.
R=4q​0,41​​−q​0,83​​
A
​dq​​dR​​=4q​−0,59​​−q​−0,17​​
B
​dq​​dR​​=4q​0,59​​−q​0,17​​
C
​dq​​dR​​=1,64q​−0,59​​−0,83q​−0,17​​
D
​dq​​dR​​=1,64q​0,59​​−0,83q​0,17​​

Slide 3 - Quizvraag

Opgave 64a (blz 147): De opbrengst
Bereken met behulp van de afgeleide de snelheid waarmee R toeneemt voor q=0,5 .
R=4q​0,41​​−q​0,83​​
​dq​​dR​​=1,64q​−0,59​​−0,83q​−0,17​​

Slide 4 - Open vraag

Slide 5 - Tekstslide

Opgave 64b: Bereken met behulp van de afgeleide de snelheid waarmee R afneemt bij een productie van 8500 stuks.
​dq​​dR​​=1,64q​−0,59​​−0,83q​−0,17​​
A
0,27 euro per stuk afname
B
0,11 euro per stuk afname
C
0,23 euro per stuk afname
D
0,17 euro per stuk afname

Slide 6 - Quizvraag

Slide 7 - Tekstslide

Oplossen van vergelijkingen met niet-gehele exponenten
Hoe los je een vergelijking zoals                                                 op?
5x​2,5​​−20x​1,4​​=0

Slide 8 - Tekstslide

Oplossen van vergelijkingen met niet-gehele exponenten
Hoe los je een vergelijking zoals                                                 op?


5x​2,5​​−20x​1,4​​=0
5x​2,5​​=20x​1,4​​

Slide 9 - Tekstslide

Oplossen van vergelijkingen met niet-gehele exponenten
Hoe los je een vergelijking zoals                                                 op?


5x​2,5​​−20x​1,4​​=0
5x​2,5​​=20x​1,4​​
​x​1,4​​​​5x​2,5​​​​=20

Slide 10 - Tekstslide

Oplossen van vergelijkingen met niet-gehele exponenten
Hoe los je een vergelijking zoals                                                 op?


5x​2,5​​−20x​1,4​​=0
5x​2,5​​=20x​1,4​​
​x​1,4​​​​5x​2,5​​​​=20
5x​2,5−1,4​​=20
x​1,1​​=4

Slide 11 - Tekstslide

Oplossen van vergelijkingen met niet-gehele exponenten
Hoe los je een vergelijking zoals                                                 op?


5x​2,5​​−20x​1,4​​=0
5x​2,5​​=20x​1,4​​
​x​1,4​​​​5x​2,5​​​​=20
5x​2,5−1,4​​=20
x​1,1​​=4
x=4​(​1,1​​1​​)​​≈3,53

Slide 12 - Tekstslide

Opgave 64c: Bereken algebraïsch de maximale opbrengst.
​dq​​dR​​=1,64q​−0,59​​−0,83q​−0,17​​

Slide 13 - Open vraag

Slide 14 - Tekstslide