04 - De Logistiek medewerker

H 4 - De logistiek medewerker

Doel - Aan het einde van dit hoofdstuk ken je de begrippen:
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
LogistiekVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 5

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

H 4 - De logistiek medewerker

Doel - Aan het einde van dit hoofdstuk ken je de begrippen:

Slide 1 - Tekstslide

Takenpakket
logistiek medewerker

Slide 2 - Woordweb

Takenpakket 
  • Goederen lossen
  • Goederen ontvangen en controleren
  • Goederen opslaan in het magazijn
  • Orders verzamelen voor klanten
  • Orders verzendklaar maken

Slide 3 - Tekstslide

Kennis en vaardigheden
Kennis is dat wat je weet
Vaardigheid is dat wat je kunt. 

Zoals het opslaan van goederen, maar je moet ook sociale en communicatieve vaardigheden hebben.

Slide 4 - Tekstslide

Sociale vaardigheden
Vaardigheden om met andere mensen om te gaan. 

Als je goede sociale vaardigheden hebt, kun je goed omgaan met andere collega's en leidinggevende. 

Je bent bijvoorbeeld beleefd tegen klanten en leveranciers.

Slide 5 - Tekstslide

Communicatieve vaardigheden
Communiceren, dus contact maken. 

Goede communicatieve vaardigheden -   goed en duidelijk spreken en luisteren. 

Als logistiek medewerker moet je goed kunnen communiceren met je klanten en collega's

Slide 6 - Tekstslide

Voorbeelden van kennis
  • je weet welk transportmiddel je gebruikt
  • je weet hoe je een order moet verzamelen
  • je weet waar je artikelen moet plaatsen in een magazijn 

Slide 7 - Tekstslide

Voorbeelden vaardigheden
  • Je kunt heftruck rijden
  • Je kunt artikelen opslaan
  • Je kunt artikelen uit en stelling halen.
  • Je kunt een order verzamelen. 

Slide 8 - Tekstslide

Persoonlijke eigenschappen
  • bepalen hoe je bent en hoe je je gedraagt 
  • zijn soms handig en soms juist niet

Het is belangrijk dat je van jezelf weet wat je persoonlijke eigenschappen zijn. 

Ben je bijvoorbeeld snel boos dan kun je daar rekening mee houden en eerst even tot tien tellen voor je antwoord.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Aandachtspunten tijdens het werk
1. Je voert je werk snel uit maar let er wel op dat je:
  • geen schade veroorzaakt
  • jezelf niet teveel belast door een verkeerde houding
  • niet te zwaar tilt
  • geen schade aan het milieu veroorzaakt
2.  Je werkt mee aan het vergroten van de winst, maar:
  • neemt voldoende tijd om de goederen op de juiste manier op te slaan.
  • besteed niet teveel tijd aan het verzamelen van één order.
3. Je voert je taken zo zelfstandig mogelijk uit, en zorgt ervoor dat je:
  • zo min mogelijk fouten maakt bij de ontvangst en opslag van de goederen.
  • Het magazijn onderhoudt en je eigen rommel opruimt

Slide 11 - Tekstslide

Samenwerken en overleggen
Je moet veel en vaak overleggen met je collega's. 

Bijvoorbeeld over wie welke taken uitvoert.

Door goed te overleggen kun je beter samenwerken.

Slide 12 - Tekstslide

timer
1:00
tips om goed samen te werken

Slide 13 - Woordweb

Tips voor een goede samenwerking
  • Maak werkafspraken
  • Kom gemaakte afspraken na
  • Stel vragen om de juiste informatie te krijgen
  • Luister naar je collega's en houdt rekening met hun gevoelens.
  • Vraag je collega's om feedback over je werk.
  • Verander je manier van werken wanneer een leidinggevende wat over je werk zegt.
  • vraag je collega's om hulp als je er zelf niet uitkomt.
  • help je collega's
  • zoek naar een andere klus of vraag om nieuw werk als je taken zijn afgerond
  • Neem actief deel aan werkbesprekingen

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

welke taak zit niet in het takenpakket van de logistiek medewerker?
A
goederen lossen
B
goederen laden
C
goederen verkopen
D
orders verzamelen

Slide 16 - Quizvraag

Welk van de volgende dingen valt onder kennis?
A
je kunt een heftruck besturen
B
je weet op welke temperatuur goederen bewaard moeten blijven.
C
je kunt goederen wegzetten in het magazijn

Slide 17 - Quizvraag

Waaronder valt:
je kunt goed omgaan met je collega's
A
Kennis
B
Sociale vaardigheid
C
Communicatieve vaardigheid

Slide 18 - Quizvraag

Waaronder valt:
Je kunt goed luisteren
A
Kennis
B
sociale vaardigheden
C
communicatieve vaardigheden

Slide 19 - Quizvraag

wat is een persoonlijke eigenschap
A
je bent snel boos
B
je bent behulpzaam
C
je bent geduldig
D
a, b en c zijn juist

Slide 20 - Quizvraag

Met welk begrip kun je alles wat je meemaakt in je leven omschrijven?

A
ervaring
B
persoonlijke eigenschap
C
sociale vaardigheden

Slide 21 - Quizvraag

Hoe noem je het overleg met je collega's?
A
collegiale consultatie
B
werkoverleg
C
pauze

Slide 22 - Quizvraag