1.5 Sociale globalisering: migratie

1.5 Sociale globalisering: migratie

H1 Globalisering
Domein Wereld
Havo 5
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

1.5 Sociale globalisering: migratie

H1 Globalisering
Domein Wereld
Havo 5

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • Ik kan beschrijven hoe migrantennetwerken de wereld omspannen.
  • Ik kan vanuit een aantal dimensies beschrijven wat het verband is tussen globalisering en de toegenomen Zuid-Noordmigratie.
  • Ik kan met een voorbeeld aangeven hoe de economische en de sociaal-culturele dimensie binnen globalisering elkaar beïnvloeden.
  • Ik kan uitleggen wat het verband is tussen globalisering en het ontstaan van transnationale netwerken.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verschillende push- en pullfactoren spelen een rol in internationale migratie

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Push- en pullmodel
Migratieparadox
Waarom migreren mensen?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Migratieparadox
De keuze om te migreren wordt vooral ook gestuurd door:

  • De aspiraties die iemand heeft. De wens om de eigen situatie te verbeteren.
  • De capabiliteit die iemand heeft om te kunnen migreren. Heeft iemand voldoende mogelijkheden?

Algemene regel = wanneer de welvaart in een land toeneemt, dan neemt de emigratie toe omdat de aspiraties en mogelijkheden dan ook toenemen (meer welvaart houdt mensen niet thuis).


Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Totaal aantal internationale migranten per land (2020) 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke trends kun je herkennen?

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorzaken internationale migratie
  1. Toegenomen welvaartsverschillen (arbeidsmigratie, vaak selectieve migratie)
  2. Demografische verschillen (vergrijzing vs. vergroening).
  3. Verbetering informatie- en communicatietechnologie.
  4. Deregulering, het verdwijnen van grenzen.
Tip van de dag: maak hier een aantekening van en geef bij elke oorzaak een -kort- voorbeeld.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefenvraag
Geef een verklaring vanuit de demografische dimensie waarom er tussen Afrika en Europa overwegend Zuid-Noord migratie voorkomt.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Antwoord
Een jonge en omvangrijke beroepsbevolking in Noord-Afrika en het Midden-Oosten tegenover een krimpende beroepsbevolking in Europa.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In W-Europa is er sprake van vergrijzing. Arbeidsmigranten uit N-Afrika zouden de beroepsbevolking kunnen aanvullen.
Geef 2 argumenten uit verschillende dimensies waarom de EU dit in zekere mate tegenhoudt.

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Migratie verbindt mensen en gebieden

Het contact met het oorspronkelijk land van herkomst leidt tot transnationale netwerken
  • Dit leidt tot sociale verbindingen en (gezins)herenigingen (sociaal-cultureel), 
  • Maar ook tot uitwisseling van geld en goederen (economisch) --> Remittances

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel geld werd er in 2018 wereldwijd door migranten naar hun familie/kennissen uit het land van herkomst gestuurd?
A
~ 87 miljard $
B
~ 192 miljard $
C
~ 341 miljard $
D
~ 466 miljard $

Slide 15 - Quizvraag

Zie ook https://www.mo.be/nieuws/migranten-sturen-recordbedrag-naar-thuisland-maar-armoede-blijft#:~:text=Een%20land%20op%20zich,zijn%20voor%20466%20miljard%20dollar.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De grootste economische migratiestroom in de wereld verloopt van...
A
Noord naar Noord
B
Noord naar Zuid
C
Zuid naar Noord
D
Zuid naar Zuid

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is geen pushfactor?
A
Gebrek aan werk
B
Een natuurramp
C
Goed betaald werk
D
oorlog

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Westerse allochtonen
Surinamers
Marokkanen en Turken
Antilianen
Inwoners van de EU kunnen zich vrij vestigen
Als arbeidsmigrant of volgmigrant naar NL gekomen
Tot 1975 kolonie van NL
Behoren bij Koninkrijk der Nederlanden

Slide 19 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag!

Ben je helemaal bij? Ben je bijvoorbeeld ook al bezig geweest met de herhaling van hoofdstuk 4?

- Lees de tekst van 1.5
- Maak opdrachten van 1.5 route B

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies