01.04.2025

- Noten im Allgememeinen, letzte Prüfung
- Besprechen/Kontrolle Prüfung
- Periode 3 Prüfungen Vorausblick
- Einstieg zinsvolgorde


1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 1 min

Onderdelen in deze les

- Noten im Allgememeinen, letzte Prüfung
- Besprechen/Kontrolle Prüfung
- Periode 3 Prüfungen Vorausblick
- Einstieg zinsvolgorde


Slide 1 - Tekstslide

01.04.2025
resultaat algemeen
klassengemiddelde 6,4
hoogste cijfer: 8,1
laagste cijfer: 4,8
-----------------------------

resultaat laatste toets
klassengemiddelde: 5,5
hoogste cijfer: 8,2
laagste cijfer:3,1
N term: 0,8
havo teksten slechter gemaakt.
ingreep: vmbo teksten dubbel laten tellen

Slide 2 - Tekstslide

Periode 3 kennis- en vaardigheidstoets op 
Wat moet je kunnen/kennen:
  • Examen idioom vertalen DN
  • modale werkwoorden Präsens
  • bijvoeglijk naamwoord toepassen
  • zinnen in de goede volgorde plaatsen
  • over jezelf schrijven
  • een WhatsApp bericht schrijven.
  • lezen VMBO niveau moeilijke tekst
TW 4
Wat moet je kunnen:
  • beoordelingsformulier invullen.
  • een verslag of uiteenzetting schrijven van minimaal 150 woorden.

Slide 3 - Tekstslide

Wortfolge
Zinsvolgorde in het Duits

  • In principe houd je het NL aan:
  1. Jij wilt naar school gaan. 
  2. Du willst zur Schule gehen.

Slide 4 - Tekstslide

Grammatik: denn en weil

Ik kan niet komen.
Ik ben verkouden

Ik kan niet komen want ik ben verkouden.
Ik kan niet komen omdat ik ben verkouden ben.
denn = want
weil = omdat

 zinsvolgorde net als in het Nederlands.

denn: er verandert niets
weil: hulpwerkwoord laatst

Slide 5 - Tekstslide

  1. Ich muss lernen.
Ich habe eine wichtige Prüfung

2 Sie geht nacht Hause.
Sie ist krank.

3. Das Meeting fällt aus.
Der Chef ist krank.

4. Das Auto fährt nicht. 
Der Tank ist leer.

5. Diese Woche trainiere ich jeden Tag.
Am Wochende ist das Meisterschaftsspiel.

Slide 6 - Tekstslide

Zinsvolgorde: dass-Sätze

dass leidt een bijzin (Nebensatz) in .

Net als bij weil komt het werkwoord achteraan de zin.



Bijvoorbeeld: Ich bin der Meinung, dass diese Geschichte sehr schön ist


Slide 7 - Tekstslide

Kies een juiste zin
  1. Paul hat mir erzählt, dass......
Er hat  eine wichtige Prüfung

2 Sie geht  in die Sportschule.
Sie will trainieren.

3. Sie ist der Meinung, dass
Das Meeting war langweilig.

4. Das Restaurant ist leer. 
Das Essen ist sehr schlecht.

5. Am Wochende schläft er aus.
Er arbeitet nicht.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Link

nieuw: andere zinsvolgorde
Hoofdzin
1. samengesteld werkwoord: ausgehen : ich gehe ......................... aus.

2. meerdere werkwoorden in gezegde: Er ist.............................. aufgehört

3. meerder werkwoorden aan einde zin:   Ich habe es nicht zahlen können.
                                                                                                                            können zahlen
 
 


Slide 10 - Tekstslide

nieuw: andere zinsvolgorde
hoofdzin+ bijzin                 in de bijzin hulpwerkwoord achteraan      

Er kann nicht kommen           
Er sagt, dass er nicht kommen kann.
Sie haben noch nicht gegessen
  Ich glaube, dass sie nocht nicht gegessen haben

 
 


Slide 11 - Tekstslide

Alles klar?

Slide 12 - Tekstslide

Gestern ich habe gekauft ein T-Shirt.

Slide 13 - Open vraag

Er hört zu sehr gut.

Slide 14 - Open vraag

Ich habe nicht können machen meine Hausaufgaben.

Slide 15 - Open vraag

Ich hoffe, dass du willst mit mir ins Kino gehen.

Slide 16 - Open vraag

selbständige Arbeit
in aller Ruhe





Kapitel 2 :Seite 72/73
machen/wiederholen:
21/22/23 

Schreiben:
Seite 95-96
Mail Lesen und reagieren





timer
1:00

Slide 17 - Tekstslide

Besprechen Mail

Slide 18 - Tekstslide

Hausaufgaben
kontrollieren Kapitel 2 :Seite 72/73
21/22/23

Lernen:
Examenidiom Kapitel 2
Lektion 7

Slide 19 - Tekstslide