Lesson 5 - IE prep - grammar: plurals

Welcome!
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Welcome!

Slide 1 - Tekstslide

instellingsexamen
SPEAKING +
CONVERSATIONS 

and

WRITING

Slide 2 - Tekstslide

2RSBa
donderdag 27 maart: proef schrijfexamen

donderdag 3 april: SCHRIJF EXAMEN 

Bij beide aanwezigheid VERPLICHT

Slide 3 - Tekstslide

2MIa + 2MBb + 2MBa
vrijdag 28 maart: proef schrijfexamen in les

vrijdag 4 april: SCHRIJF EXAMEN        10.30 -13.00

Bij beide aanwezigheid VERPLICHT

Slide 4 - Tekstslide

GOALS
- you get some insight in the skills you need for the 'conversation' exam at level A2 and B1

- you practice with the grammar rules concerning plurals

- you practice speaking 

Slide 5 - Tekstslide

About last week?
Grammar: prepositions


Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Conversations
Instellingsexamen

A2 - B1

Slide 10 - Tekstslide

A2

 Kan communiceren over eenvoudige en alledaagse taken die een eenvoudige en directe uitwisseling van informatie over vertrouwde onderwerpen en activiteiten betreffen. 

Kan zeer korte sociale gesprekken aan, alhoewel hij gewoonlijk niet voldoende begrijpt om het gesprek zelfstandig gaande te houden.


B1
  
Kan de meeste situaties aan die zich kunnen voordoen tijdens een reis in het gebied waar de betreffende taal wordt gesproken.

 Kan onvoorbereid deelnemen aan een gesprek over onderwerpen die vertrouwd zijn, of zijn persoonlijke belangstelling hebben of die betrekking hebben op het dagelijks leven (bijvoorbeeld familie, hobby’s, werk, reizen en actuele gebeurtenissen).

Slide 11 - Tekstslide

Grammar
Singular and plural nouns

meervoud

Slide 12 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
car

Slide 13 - Open vraag

REGELmatige meervoud
De regel is:

woord+s 

gewoon eraan vast, GEEN komma's!

Slide 14 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
fox

Slide 15 - Open vraag

Uitzondering 1 
Woorden die eindigen op een sisklank (-s/-z/-x/-ch/-sh) krijgen -es in plaats van -s:

bus - buses                                            Spreek uit als -iz
coach - coaches
box - boxes
mass - masses 
 

Slide 16 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
potato

Slide 17 - Open vraag

Uitzondering 2 
Woorden die eindigen op -o krijgen soms -es, maar soms ook gewoon een -s (uit je hoofd leren of opzoeken).

cargo - cargoes                                       video - videos
echo - echoes                                          radio - radios 
hero - heroes                                            shampoo - shampoos
tomato - tomatoes                                  piano - pianos

Slide 18 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
wife

Slide 19 - Open vraag

Uitzondering 3
Sommige woorden die eindigen op -f(e) krijgen -ves in het meervoud. Dit zijn bijvoorbeeld de woorden calf, half, life, wife en wolf (uit je hoofd leren).

knife - knives                               belief - beliefs
leaf - leaves                                 chefs - chefs
shelf - shelves                             cuff - cuffs
thief - thieves                               chief - chiefs

Slide 20 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
baby

Slide 21 - Open vraag

Uitzondering 4
Als een woord eindigt op een medeklinker + -y, dan verandert -y in -ies. 

                                                     maar NIET na een klinker+y
try - tries                                      toy - toys
body - bodies                              birthday - birthdays
lady - ladies                                 Y kinkt hier als J
                                                              

Slide 22 - Tekstslide

Write the plural form of the word:
man

Slide 23 - Open vraag

Onregelmatige meervoud
Er zijn ook woorden die in het meervoud een andere vorm krijgen (uit je hoofd leren):

child - children                                        mouse, louse - mice, lice
man - men                                                 woman - women
foot - feet                                                   tooth - teeth

Slide 24 - Tekstslide

Altijd meervoud
Woorden voor brillen, broeken en scharen staan altijd in het meervoud. Ze horen voorafgegaan te worden door pair(s) of. In het enkelvoud gebruik je a pair of in plaats van het lidwoord a.

a pair of scissors - 4 pairs of scissors
pyjamas, knickers, glasses, binoculars, trousers, jeans, shorts

Slide 25 - Tekstslide

CORRECT
WRONG
1 tooth - 2 tooths
1 knife - 2 knives
1 crash - 2 crashs
1 treat - 2 treates
1 tray - 2 trays
1 baby - 2 babies
1 pony - 2 pony's
1 woman - 2 womans
1 echo - 2 echos
1 club - 2 clubbess
1 boy - 2 boys
1 half - 2 halves

Slide 26 - Sleepvraag

NU Engels - grammar

- go to the GRAMMAR planner in NU Engels

- Do exercises 1 + 2 + 3 (nouns: singular plural)


Slide 27 - Tekstslide

Finish CV + application letter

Slide 28 - Tekstslide

Speaking
Open Up

Story Cubes

Slide 29 - Tekstslide

EXIT TICKET
Did you hand in your application letter and CV?
Yes, both
Only the CV
Only the application letter
No, neither

Slide 30 - Poll

Slide 31 - Tekstslide