Herhaling hfst. 3

Goede morgen lieve kinderen. 
We gaan zo beginnen. Log alvast in op lesson up. 



Lesson up code: 
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3,4

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Goede morgen lieve kinderen. 
We gaan zo beginnen. Log alvast in op lesson up. 



Lesson up code: 

Slide 1 - Tekstslide

We gaan vandaag: 
-  Herhalen van het hoofdstuk 1 en 2 

Par. 3.4 afmaken 




Slide 2 - Tekstslide

Nu gaan we crazy... 
1.1
1.2
1.3
1.4
2.1
2.2
2.3
2.4
2.5
Maak 2 vragen met multiple choice antwoorden en stuur deze in een DM in teams. 
timer
7:00

Slide 3 - Tekstslide

Nu ga je... 
Maken heel paragraaf 3.4 in eDition. 
Leren voor je school examen op je eigen manier. 
timer
15:00

Slide 4 - Tekstslide

Hier komen de vragen.... 

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

En dan nu leren voor je SE...
Hoe doe je dat?

Slide 7 - Woordweb

BIJNA WEEKEND!!

Slide 8 - Tekstslide

Wat is de kracht die dingen laat werken?
A
Energie
B
Mars
C
Kracht
D
Kast

Slide 9 - Quizvraag

Hoeveel kerncentrales heeft Frankrijk?
A
15
B
24
C
58
D
64

Slide 10 - Quizvraag

Waarvoor zorgt de gasunie in Nederland?
A

Slide 11 - Quizvraag

Hoeveel % leveren steenkool, aardolie en aardgas van de wereldwijde energie?
A
40
B
70
C
80
D
60

Slide 12 - Quizvraag

Wanneer werd een enorm gasveld van 3000 miljard m3 ontdekt?
A
1959
B
1990
C
1980
D
1867

Slide 13 - Quizvraag

Bij verbranding van fossiele brandstoffen komen ook vervuilende stoffen vrij. Welke zijn dit?
A
Zure regen
B
Stikstof en zwavel
C
Broeikasgassen
D
Roetdeeltjes

Slide 14 - Quizvraag

In welk jaartal vond de kernramp in Japan plaats?
A
2000
B
1986
C
2007
D
2011

Slide 15 - Quizvraag

Wat zijn flex-fuel autos?
A
Rijden op een mengsel van biomassa
B
Rijden op een mengsel van benzine
C
Rijden op een mengsel van suikerriet
D
Rijden op een mengsel van uranium

Slide 16 - Quizvraag

Waar bestaat biomassa uit?
A
water en lucht
B
planten en water
C
planten en dierenresten
D
olie en aarde

Slide 17 - Quizvraag

Wat zijn de grootste leveranciers (bronnen) van energie in Nederland?
A
Aardolie en aardgas
B
Aardolie
C
Aardgas
D
Steenkool, aardgas en zonne energie

Slide 18 - Quizvraag

Hoeveel kerncentrales heeft Frankrijk?
A
4
B
57
C
58
D
60

Slide 19 - Quizvraag

Wat zijn offshore windparken?
A
windparken in het noorden
B
windmolens
C
windparken in jersey shore
D
windparken voor de kust

Slide 20 - Quizvraag

Wat is een nadeel van duurzame energie?
A
Duurder
B
Niet zeker hoeveel je er uit haalt
C
Vervuild
D
Geen van deze

Slide 21 - Quizvraag

Hoe wordt hydro elektriciteit opgewekt?
A
Door stromend water
B
Door stomend water
C
Door stoom van water
D
Door stroom uit water

Slide 22 - Quizvraag

Frankrijk heeft zelf geen gas, maar ze voeren dit aan. Hoe doen ze dit?
A
Helikopters
B
Vrachtwagens
C
Pijpleidingen
D
Schepen

Slide 23 - Quizvraag

Wat is horizon vervuiling?
A
Vervuiling door verbranding
B
Vervuiling door windenergie
C
Grote obstakels die het uitzicht belemmeren
D
Omzetten van olie in vervuiling

Slide 24 - Quizvraag

Wat ontstaat er bij kernsplijting?
A
aardgas
B
aardolie
C
radioactieve straling
D
uranium

Slide 25 - Quizvraag

In wat veranderd plankton als het op de zeebodem zit?
A
Steenkool
B
Aardolie
C
Steen
D
Spongebob

Slide 26 - Quizvraag

Waar zorgt het broeikaseffect voor?
A
Plastic soep
B
Klimaat verandering
C
Aarde koelt af
D
De wereld begint te smelten

Slide 27 - Quizvraag

Hoe noem je de micro-organismen op de bodem van de zee?
A
Plankton
B
Zanddeeltjes
C
Spongebob
D
Klei

Slide 28 - Quizvraag

Hoeveel procent zonne-energie wordt er in Frankrijk opgewekt?
A
20
B
10
C
5
D
0,1

Slide 29 - Quizvraag

Op welke manier wordt er in Frankrijk de meeste energie opgewekt?
A
Waterkracht
B
Thermische centrales
C
Kernenergie
D
Wind en zon

Slide 30 - Quizvraag

Hoe vaak telt het eerste SE voor AK mee?
A
1
B
2
C
3
D
0,5

Slide 31 - Quizvraag

Wat is de beste docent?
A
SML
B
JET
C
ZWT
D
BOM

Slide 32 - Quizvraag

Hoeveel mensen wonen er in Nederland?
A
17,0 miljoen
B
17,4 miljoen
C
18,0 miljoen
D
17,8 miljoen

Slide 33 - Quizvraag