Paragraaf 13.1/13.2: Bescherming/Aangeboren en verworven afweer

Wat gaan we doen?

HAVO:
- Begin thema 13: Afweer
- Uitleg paragraaf 13.1: Bescherming
- Uitleg paragraaf 13.2: Aangeboren en verworven afweer

VWO:
- Uitleg labjournaal/Practicum afmaken og
- Opdrachten maken








1 / 51
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 51 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Wat gaan we doen?

HAVO:
- Begin thema 13: Afweer
- Uitleg paragraaf 13.1: Bescherming
- Uitleg paragraaf 13.2: Aangeboren en verworven afweer

VWO:
- Uitleg labjournaal/Practicum afmaken og
- Opdrachten maken








Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen
1. Ik kan de werking en functie van de eerste verdedingingslinie van het afweersysteem bij de mens beschrijven.

2. Ik kan de kenmerken van verschillende typen ziekteverwekkers beschrijven.

Slide 2 - Tekstslide

Inwendig en uitwendig milieu
Inwendig milieu --> roze (afb.) (huid niet).
Gescheiden van het uitwendig milieu door deklaag (epitheel) van huid, longen en darmen.

Eerste beschermingslinie van het lichaam --> huid en slijmvliezen.
BiNaS 84J2

Slide 3 - Tekstslide

Mechanische afweer
  • Huid --> ogen, neus, mond --> bescherming door slijmvliezen. Traanvocht en speeksel spoelen ziekteverwekkers weg. 
  • Slijm in neus, luchtwegen, verteringsstelsel, uitscheidingsst. en voortplantingsstelsel vangt ziekteverwekkers op en houdt ze tegen.
De slijmvliezen zitten op plekken waar openingen in het lichaam zitten.

Slide 4 - Tekstslide

Huid als barrière
De opperhuid sluit goed aan. 
  • Bescherming tegen binnendringen ziekteverwekkers
  • Bescherming tegen invloeden van buitenaf --> beschadiging, waterverlies door verdamping, UV-stalen (DNA-schade) door vorming melanine door melanocyten (kiemlaag)

Slide 5 - Tekstslide

Chemische afweer
Het gebruik van stoffen om indringers tegen te houden:
  • Maagsap --> zoutzuur (lage pH)
  • Huid --> zweet, talg (pH 3-5)
  • Goede bacteriën op de huid en in het darmkanaal



Slide 6 - Tekstslide

Lichaamsvreemde stoffen
- Horen niet thuis in het lichaam

- Ziekteverwekkers
schadelijke lichaamsvreemde stoffen
Pathogenen


Slide 7 - Tekstslide

Ziekteverwekkers
Waarom zouden deze organismen het lichaam binnen willen dringen?

Bacteriën, schimmels en virussen

Slide 8 - Tekstslide

Welke groepen van ziekteverwekkers ken jij al?

Slide 9 - Woordweb

Ziekteverwekkers
syfilis



polio virus                   syfilis bacterie            eczeem schimmel        lyme bacterie

Slide 10 - Tekstslide

Bacterie
  • Bacteriën kunnen bestreden worden met antibiotica zoals penicilline (dit maakt hun celwand stuk).
  • Plasmiden: kleine cirkelvormige chromosomen. Kan uitgewisseld worden met andere bacteriën.     --> Resistentie antibiotica.
We worden ziek door de giftige stoffen (toxinen) die ze afgeven

Slide 11 - Tekstslide

bouw virus

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video


Schimmels
Meercellige schimmels bestaan uit lange draden.

Gisten zijn eencellige schimmels en zijn eivormig/rond. 

Zwemmerseczeem is een schimmelinfectie

Slide 16 - Tekstslide

Parasieten

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Samenvattend
Mechanisch --> barrière om te voorkomen dat ziekte verwekkers binnenkomen
Chemisch --> geproduceerde stof die ziekteverwekkers doodt

Huid is een zeer belangrijke barrière die op beide manieren werkt.

Slide 19 - Tekstslide

Paragraaf 13.2: Aangeboren en verworven afweer

Slide 20 - Tekstslide

Lesdoelen
1. Ik kan de vormen van aangeboren afweer beschrijven.

2. Ik kan de vormen van verworven afweer beschrijven.

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Aangeboren afweer

1. Aspecifiek: gericht tegen verschillende ziekteverwekkers
2. Komt voor bij alle planten en dieren 
3. Dient als snelle eerste afweer tegen een infectie.
4. Is de basis voor verworven afweer.
Verworven afweer

1. Wordt ontwikkeld gedurende het leven van een individu
2. Specifiek: Deze afweer is gericht op één type ziekteverwekker.
3. Komt alleen voor bij gewervelde dieren.

Slide 23 - Tekstslide

Activatie afweersysteem
Een ziekteverwekker of lichaamsvreemde stof dringt het inwendig milieu binnen --> het afweersysteem wordt geactiveerd:

  • De tweede verdedigingslinie komt in actie (= aangeboren afweer, niet specifiek) --> snelle eerste afweer. Activeert de verworven afweer.
  • De derde verdedigingslinie komt in actie (= verworven afweer, specifiek) --> ontwikkelt gedurende je leven. Gericht tegen 1 type ziekteverwekker en tegen je eigen veranderende cellen.       Alleen bij gewervelde dieren. 
Zoals kankercellen en cellen die geïnfecteerd zijn door bijvoorbeeld een virus. 

Slide 24 - Tekstslide

Ontstaan witte bloedcellen
Verworven afweer
Lymfocyten zie zich verder ontwikkelen in thymus --> T-cellen/lymfocyten
Lymfocyten die zich verder ontwikkelen in het beenmerg --> B-cellen/lymfocyten
Aangeboren afweer (fagocyten en mestcellen)

Slide 25 - Tekstslide

Aanmaak van witte bloedcellen
  • Witte bloedcellen worden gemaakt in het rode beenmerg
  • Sommige witte bloedcellen  ontwikkelen in de thymus.
  • Sommige witte bloedcellen worden opgeslagen in de milt en lymfeknopen.

Slide 26 - Tekstslide

Lymfoïde organen
Functie van thymus: 
De thymusklier is een van de belangrijkste organen in het afweersysteem. Onvolgroeide T-lymfocyten, afkomstig uit het beenmerg, worden er omgewerkt tot functionele T-lymfocyten. Daarnaast speelt de thymus ook een essentiële rol bij de aanmaak van geheugencellen die het recept onthouden hoe de afweerstoffen tegen doorgemaakte ziekten moeten worden aangemaakt.
Functie van de Milt: De milt kan worden gezien als de lymfeklier van het bloed, hij bevat veel lymfocyten en er worden ook veel antilichamen geproduceerd. Bovendien worden in de milt plasmacellen gevormd uit B-lymfocyten.
Vraag
Waarom zien we bij een infectie vaak opgezette lymfeknopen?
Thymus, mild en lymfeknopen --> functie bij de opslag en transport van witte bloedcellen.

Slide 27 - Tekstslide

Correctievoorschrift

Slide 28 - Tekstslide

Verdediging in 3 linies: 
1e linie: huid, slijmvliezen maag
Doel: ziekteverwekker buiten houden

2e linie: aangeboren (aspecifieke) afweer  - fagocyten 
Doel: alles wat in het lichaam zit en lichaamsvreemd is moet dood

3e linie: verworven (specifieke) afweer - lymfocyten 
Doel: aanval tegen een specifieke ziekteverwekker 

Slide 29 - Tekstslide

Terug naar thema 1 van 4H. Wat was fagocytose ook alweer?!

Slide 30 - Open vraag

Fagocyten 
  • Meestal macrofagen ('grote eter')
  • Wordt snel geactiveerd
  • Ze maken geen onderscheid tussen ziekteverwekkers --> reactie op elke lichaamsvreemde stof altijd hetzelfde: fagocytose (= insluiten en verteren van ziekteverwekkers / lichaamsvreemde stoffen)
  • Kunnen koorts veroorzaken

Slide 31 - Tekstslide

Fagocytose

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Video

Hoe maakt een macrofaag onderscheidt tussen een lichaamsvreemde cel en een lichaamseigen cel? 

Slide 34 - Tekstslide

Hoe maakt een macrofaag onderscheidt tussen een lichaamsvreemde cel en een lichaamseigen cel? 


De witte bloedcel herkent de ziekteverwekker aan de antigenen --> specifieke herkenningseiwitten op het celmembraan. Meestal zijn dit eiwitten.

Slide 35 - Tekstslide

Waarom krijg je koorts?

Slide 36 - Tekstslide

Koorts
  • = temperatuur hoger dan 38 °C
  • Macrofagen maken stofjes aan die de normwaarde van lichaamstemperatuur verhogen
  • Een hogere lichaamstemperatuur stimuleert eigen afweersysteem

Je lichaam gaat opwarmen (je hebt het dan koud in eerste instantie). Daarna de normwaarde weer normaal, je moet weer afkoelen (hier zweet je zoveel).


Slide 37 - Tekstslide

Fagocyten
Granulocyten en macrofagen

Ook granulocyten fagocyteren
ziekteverwekkers.
Ze gaan hierbij meestal zelf 
dood --> pus/etter ontstaat. 

Slide 38 - Tekstslide

Mestcellen
Dit zijn witte bloedcellen die zich vooral bevinden 
in weefsels van huid en slijmvliezen. 

In contact met ziekteverwekkers of
lichaamsvreemde stoffen --> geven 
histamine af --> verwijding en grotere 
doorlaatbaarheid bloedvaten --> gunstig
voor andere witte bloedcellen. 
Histamine --> zwelling, warmte, roodheid

Slide 39 - Tekstslide

Lesdoelencheck:
Kan ik:
 - de werking en functie van de eerste verdedigingslinie van het afweersysteem bij de mens beschrijven?
- de kenmerken van verschillende typen ziekteverwekkers beschrijven?
- de vormen van aangeboren afweer beschrijven?
- de vormen van verworven afweer beschrijven?


Slide 40 - Tekstslide

Sleep de gebeurtenis naar de juiste plek in de afbeelding
1
2
3
4
5
Het virus dringt de gastheercel binnen
Nucleinezuur wordt vermenigvuldigd
Ribosomen bouwen nieuwe capsiden
Nieuwe virusdeeltjes worden in elkaar gezet
Nieuwe virusdeeltjes komen vrij

Slide 41 - Sleepvraag

Wat is een virus?
A
klein deeltje dat bestaat uit een cel zonder celkern
B
klein deeltje dat bestaat uit erfelijk materiaal, verpakt in een eiwitomhulsel
C
klein deeltje dat bestaat uit een cel met celwand en celkern
D
klein deeltje dat bestaat uit erfelijk materiaal in de cel

Slide 42 - Quizvraag

Wat is het verschil tussen een bacterie en een virus?
A
Een virus is gevaarlijk, een bacterie niet
B
Een bacterie is een organisme, een virus niet
C
Een virus is een organisme, een bacterie niet
D
Een bacterie is gevaarlijk, een virus niet

Slide 43 - Quizvraag

Leg uit hoe maagzuur bijdraagt aan de barrièrefunctie van je lichaam?

Slide 44 - Open vraag

Ik heb dezelfde antigenen als mevrouw Hendriks, want wij zijn allebei mensen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 45 - Quizvraag

Een mens en een kat hebben hetzelfde antigeen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 46 - Quizvraag

Welk kenmerk van macrofagen is ONJUIST?
A
Elke macrofaag is specifiek voor één ziekteverwekker.
B
Macrofagen herkennen ziekteverwekkers aan hun lichaamsvreemde antigenen
C
Een ander woord voor macrofaag is 'vreetcel'
D
Een macrofaag 'eet' de ziekteverwekker op

Slide 47 - Quizvraag

Wanneer spreek je van koorts?
A
37.5 graden over hoger
B
38.5 graden of hoger
C
39 graden of hoger
D
38 graden of hoger

Slide 48 - Quizvraag

Aan de slag!

HAVO:

Paragraaf 13.1: opdracht 1 t/m 11

Paragraaf 13.2: opdracht 17 t/m 31



Slide 49 - Tekstslide

Nabespreking:

  • Zijn er nog vragen?

  • Hoe vonden jullie de les?




Slide 50 - Tekstslide

Tot slot:
Schuif je stoel aan
en
Ruim je afval op


Tot de volgende les!

Slide 51 - Tekstslide