Diagnostische toets Franse revolutie alle niveaus

Welke koning is dit?
A
Lodewijk XIV
B
Lodewijk XV
C
Lodewijk XVI
D
Napoleon
1 / 30
volgende
Slide 1: Quizvraag
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo b, k, t, havo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Welke koning is dit?
A
Lodewijk XIV
B
Lodewijk XV
C
Lodewijk XVI
D
Napoleon

Slide 1 - Quizvraag

Wat is een standensamenleving?
A
Een samenleving vol gelijkheid
B
Een samenleving die verdeeld was in drie standen
C
Een samenleving die draaide om het geloof
D
Een samenleving die was verdeeld in twee standen

Slide 2 - Quizvraag

Wat is geen stand vóór de Franse revolutie
A
Koning
B
Geestelijkheid
C
Adel
D
Boeren en burgers

Slide 3 - Quizvraag

Lodewijk XIV hoort bij welke stand?
A
1e stand
B
Bij geen stand
C
2e stand
D
3e stand

Slide 4 - Quizvraag

Frankrijk was een standenmaatschappij, maar wat waren die standen ook al weer?
A
Burgers-Adel-Geestelijkheid
B
Adel-Geestelijkheid-Burgers
C
Geestelijkheid - Burgers- Adel
D
Geestelijkheid - Adel - Burgers

Slide 5 - Quizvraag

Was er in de standenmaatschappij veel sociale mobiliteit?
A
Ja
B
Nee

Slide 6 - Quizvraag

"De staat ben ik",
hoort bij:
A
monarchie
B
democratie
C
absolutisme
D
dictatuur

Slide 7 - Quizvraag

Hoe werd er gestemd voor de Nationale vergadering?
A
Per stand
B
Per hoofd
C
Wie het meeste geld had kon meer stemmen
D
Hoe machtiger je familie hoe vaker jouw stem telde

Slide 8 - Quizvraag

Geestelijken
De boeren
De burgers
De adel
De koning

Slide 9 - Sleepvraag

Hoe wilde de nationale vergadering dat er gestemd werd?
A
Per stand
B
Per hoofd
C
Wie het meeste geld had kon meer stemmen
D
Hoe machtiger je familie hoe vaker jouw stem telde

Slide 10 - Quizvraag

De manier van besturen waarbij de koning alle macht heeft?
A
Monarchie
B
Democratie
C
Rechtsstaat
D
Absolutisme

Slide 11 - Quizvraag

Wanneer begon de Franse Revolutie?
A
1776
B
1783
C
1789
D
1793

Slide 12 - Quizvraag

Het volgende begrip past het best bij de Verlichting...
A
verstand
B
Renaissance
C
ontdekkingsreizen
D
Grieken

Slide 13 - Quizvraag

Wat is de beste omschrijving van 'De verlichting'?
A
Er ging bij mensen een lichtje branden
B
Mensen begonnen weer zelf na te denken
C
De TL- verlichting werd uitgevonden
D
Huh? Wat is de verlichting?

Slide 14 - Quizvraag

Waar was deze man de bedenker van?
A
De encyclopedie
B
Het rationalisme
C
De trias politica
D
Het natuurrecht

Slide 15 - Quizvraag

Hoort deze afbeelding bij de verlichting?
A
Ja
B
Nee

Slide 16 - Quizvraag

Wat is een grondwet?

Slide 17 - Open vraag

Welke rechten zijn grondrechten?

Sleep de juiste zinnen naar de grondwet.
Het recht om een stuk grond te bezitten, zoals een tuin of een akker.
Het recht om elke zaterdag vijf euro zakgeld te ontvangen.
Het recht op onderwijs.
Het recht om te geloven wat je wilt.
Het recht op een leven in vrijheid.

Slide 18 - Sleepvraag

Welke mensen werden uitgesloten bij deze burgerrechten?
A
Mannen
B
Edelen
C
Boeren
D
Slaven

Slide 19 - Quizvraag

Wat bedoelen we met de terreur

Slide 20 - Open vraag

Welke maatregel heeft Napoleon NIET genomen?
A
De standenmaatschappij afgeschaft
B
Een nieuwe grondwet
C
Het invoeren van de doodstraf
D
Rechten van de adel en geestelijkheid verdwenen

Slide 21 - Quizvraag

Ze de volgende gebeurtenissen in de juiste volgorde.
Franse veroveren Nederland
Napoleon grijpt de macht
Grondwet in Frankrijk
Franse revolutie

Slide 22 - Sleepvraag

Wat zien we op de afbeelding?
A
Napoleon kroont zichzelf tot keizer
B
Napoleon viert de overwinning van Austerlitz
C
Napoleon pleegt een staatsgreep
D
Napoleon wordt verslagen bij Waterloo

Slide 23 - Quizvraag

Wie was niet aanwezig op de keizerskroning van Napoleon?
A
De Paus
B
Zijn vrouw
C
Zijn moeder
D
Lodewijk XVI

Slide 24 - Quizvraag

Aan welke revolutie maakte Napoleon een einde?
A
Bataafse Revolutie
B
Amerikaanse revolutie
C
Franse Revolutie
D
Industriële revolutie

Slide 25 - Quizvraag

Welke veldtocht werd Napoleon fataal?
A
Die naar Engeland
B
Die naar Frankrijk
C
Die naar Italië
D
Die naar Rusland

Slide 26 - Quizvraag

Waar werd Napoleon eerst naar toe verbannen?
A
Saint Helena
B
Elba

Slide 27 - Quizvraag

Welke drie veranderingen werden na de Franse revolutie ingevoerd in Frankrijk?
De standenmaatschappij werd afgeschaft.
Er kwam een vernieuwde grondwet.
Er kwam een grondwet.
Er kwam een democratie.
Er kwam een revolutie.
Er kwam een monarchie.

Slide 28 - Sleepvraag

Hoe noemen we de stroming mensen die de slavernij wilt afschaffen?
A
anti-slavernij
B
verlichting
C
nationalisten
D
abolitionisten

Slide 29 - Quizvraag

Een schip dat vanuit Amsterdam naar de landen rond de Oostzee vaart, is geladen met:
A
kaas, textiel en vis
B
wijn en olie
C
specerijen
D
graan en hout

Slide 30 - Quizvraag