In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Onderdelen in deze les
Rekenen in context
Het is maar hoe je het bekijkt!
Het is maar wat je eruit haalt!
Slide 1 - Tekstslide
Doel:
* Aan het eind van deze les weet je wat context is.
* Kun je de context begrijpen van een som.
*Weet je welke informatie je uit een context moet halen om tot een goede som te komen.
Slide 2 - Tekstslide
Slide 3 - Video
Wat betekent context?
A
een tafel is even groot op elk plaatje
B
Een gerecht dat je zelf kunt maken
C
Totale omgeving waarin iets zijn betekenis krijgt
D
Een som die heel moeilijk is
Slide 4 - Quizvraag
In een verhaal:
*Kijk je eerst naar wat er eigenlijk gevraagd wordt
* Kijk je welke informatie belangrijk is
*Bedenk je welke som je moet maken met de juiste informatie
Slide 5 - Tekstslide
Een winkel heeft een zomeractie. Bij iedere graad boven de 25 graden 5,- korting per graad. Het is vandaag 30 graden. Hoeveel korting krijgt je?
Slide 6 - Open vraag
Najat koopt een blikje dringen en twee broodjes. Een blikje drinken kost €0,75. Ze moet in totaal €3,75 betalen. Bereken de prijs van een broodje
Slide 7 - Open vraag
Meester Gert berekent het cijfer van een rekentoets. cijfer = aantal goede antwoorden x 0,35 + 3. Welk cijfer krijg je bij 10 goede antwoorden?
Slide 8 - Open vraag
Voor een padel wedstrijd speel je 2 tegen 2. Er zijn 10 banen. 8 banden worden gebruikt voor de wedstrijd. Hoeveel spelers staan er op de banen?
A
40
B
32
C
33
D
44
Slide 9 - Quizvraag
Iedere speler krijgt 1 racket en 3 ballen. Er hebben zich 40 deelnemers opgegeven. Daarvan zijn er 4 niet komen opdagen op de wedstrijd door ziekte. Hoeveel rackets moet de wedstrijdleiding uitdelen?
A
30
B
40
C
36
D
34
Slide 10 - Quizvraag
Iedere speler krijgt 3 ballen. Er hebben zich 40 deelnemers opgegeven. Er zijn er 4 ziekgemeld. Hoeveel ballen moeten er worden uitgedeeld?
A
40x3
B
36x3
C
36x2
D
40x3
Slide 11 - Quizvraag
Wat houden redactie sommen in?
A
rekenen via activiteiten
B
een verhaal met de som erin verstopt
C
problemen op lossen via eigen strategieën
Slide 12 - Quizvraag
Het is mooi weer. De padelbanen buiten zijn allemaal geboekt. Er zijn 12 banen. Hoeveel spelers kunnen er padellen?
A
10x4
B
12x2
C
10x2
D
12x4
Slide 13 - Quizvraag
Opa heeft € 32,50 in zijn portemonnee. Hij wil gebakjes kopen om uit te delen. De gebakjes kosten € 0,75 per stuk. Hoeveel gebakjes kan opa kopen?
A
32,50: 0,75
B
0,75x 32,50
C
32,50X 0,75
D
32,50- 0,75
Slide 14 - Quizvraag
Emilie tekent een paardenbak na. In werkelijkheid is de paardenbak 30 meter lang. De paardenbak van Emilie is 10 cm lang. Welke schaal heeft Emilie gebruikt?
A
schaal 1:3000
B
schaal 1:300
C
schaal 1: 3
D
schaal 1: 30
Slide 15 - Quizvraag
Tijdens de bergwandeling loopt Dylano voor de middagpauze 3425 meter. Na de pauze loopt hij nog 2647 meter. Hoeveel meter loopt Dylano `s morgens meer dan `s middags?
A
767
B
777
C
780
D
778
Slide 16 - Quizvraag
Norah heeft € 189,80 om mee te nemen op vakantie. Na de eerste dag heeft ze al € 38,85 uitgegeven en de dag erna € 12,70. Hoeveel euro heeft Norah nog over?
A
51,55
B
177,10
C
138,25
D
150,95
Slide 17 - Quizvraag
De groenteboer had op zaterdag een dagomzet van € 3342,-. Op maandag is de dagomzet € 2575,-. Hoeveel euro verschillen de dagomzetten van elkaar?
A
767
B
700
C
777
D
776
Slide 18 - Quizvraag
Lekker geoefend met redactie sommen of te wel Sommen in een context