Rouw en verliesverwerking

Verlies 
en 
Rouwverwerking
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgendeMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Verlies 
en 
Rouwverwerking

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

leerdoelen
  • 5 fasen van rouw
  • hoe wordt rouwen vormgeven
  • houdingsaspecten bij het begeleiden van mensen met verlies





Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat weet je al over
rouwverwerking

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

2. Spreek je alleen van rouwen bij het verlies aan de dood?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

wie rouwt er eigenlijk en waar wordt er om gerouwd?

Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Is rouwen voor iedereen hetzelfde?
A
ja
B
nee

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

rouwen is een eenmalig proces
A
ja, als de rouwfasen zijn doorlopen dan stopt het rouwen
B
ja, dat gebeurt alleen in het begin
C
nee, dat komt vaker terug
D
nee, dat is altijd aanwezig

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

wat wordt er verstaan onder chronische rouw?

Slide 9 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Definities van rouw
  • Rouwen is jouw proces om jezelf aan te passen aan die totaal veranderde situatie. 
  • Het totaal van gevoelens, gedachten en gedrag dat ontstaat ten gevolge van het permanent missen van iets of iemand dierbaars.
  • Een combinatie van emotionele, mentale, lichamelijke, spirituele en gedragsmatige reacties op verlies  

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerken bepalend voor rouwreacties

  • de relatie met de overledene.
  • de leeftijd van de overledene.
  • geslacht van de rouwende.
  • de vooraf bestaande lichamelijke en geestelijke toestand van de rouwende (zelf ziek zijn, mentale sterkte, etc.)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

rouw reactie groepen
emotionele (verdriet, angst, agressie, opluchting, tevredenheid)
mentale (verward, gespannen, hopeloos, zelfmoordgevoelens)
lichamelijke (hoofdpijn, slaapproblemen, eet probleem)
spirituele (eenzaamheid, verlies van levenslust, angst voor eigen  dood)
gedrag (zoekgedrag, nerveus gedrag, opgewonden gedrag)

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen en 4 dimensies
Psychisch domein:​

  • Depressie​
  • Angst​
  • Delier
  • Omgang met ziekte




Sociaal domein:
  • Eenzaamheid​
  • Financiële problemen​ 
  • Relationele problemen​ 
  • “Ik ben nog nodig”​
  • Contact met naasten
Fysiek domein:

  • Pijn​
  • Benauwdheid​/kortademigheid
  • Vermagering​
  • Vermoeidheid​
  • Onrust



Verwerkingsdomein:
  • Spiritueel lijden​
  • Zinloosheid​
  • Doodsangst​
  • Afhankelijkheid​
  • “Ik wil niet sterven

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

anticiperende rouw
Men ziet het einde aankomen en kan zich voorbereiden.
Voordeel; er is tijd om waardig afscheid te nemen, dit kan de gevoelens verlichten.
Nadeel; bij snel overlijden kan het gevoel van in de steek gelaten worden optreden.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Belangrijk bij rouw
- Rouw is geen stappenplan 
- Sommige mensen slaan fasen over
- Sommige mensen blijven lang in een fase hangen 

De 5 fasen zijn herkenbaar in elke emotionele reactie op persoonlijke trauma en verandering.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

rouw model
Er bestaan verschillende manieren (modellen) die aangeven hoe een rouwproces verloopt. 
Deze modellen kunnen aangeven in welke fase men zit en welke zorg misschien nodig is.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dr. Elisabeth Kübler-Ross (1926 – 2004) 

Slide 17 - Tekstslide

Elisabeth Kübler-Ross onderscheidde in het rouwproces 5 fasen. Ze beschouwde rouw echter niet als een lineair proces, dat iedereen stap voor stap doorloopt.
Bij iedereen verloopt het rouwproces anders. Sommige mensen slaan fasen over. Anderen blijven lang in één fase hangen of hernemen een eerdere fase. Ook verlieservaringen uit het verleden bepalen mee hoe iemand vandaag omgaat met rouw.
5 fases rouwverwerking

1. Ontkenning
2. Woede
3. Onderhandelen
4. Verdriet en depressie
5. Aanvaarding

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

fasen

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat is de juiste volgorde van de 5 fasen van rouw volgens Kubler Ross
A
boosheid - gevecht-aanvaarding - depressie-ontkenning
B
begrip- gevecht- boosheid-ontkenning- depressie
C
ontkenning- boosheid- gevecht- aanvaarding-depressie
D
ontkenning-boosheid-gevecht- depressie- aanvaarding

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stroebe en Schut duaalmodel

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

William Worden

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Modellen
Waar het bij alle modellen op neer komt is een einddoel waarbij het leven doorgaat na het verlies.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 interventies 
  • verlies vaststellen en definiëren
  • stimulering tot uiting van gevoelens
  • begrip tonen
  • ondersteuning bij individuele coping strategieën
  • uitleg geven over de fase van rouw
  • stimulering van spirituele/ culturele/ religieuze uitingen
  • bied een luisterend oor aan

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rouw en verlies in verschillende culturen
Rouw reacties zijn niet universeel
Iedere mens/cultuur kijkt anders naar rouw en verlies

- Kennis hebben hierover is belangrijk omdat: 
      je mensen uit verschillende culturen verzorgt
      ieder mens andere rituelen en gebruiken heeft bij dit thema.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rituelen zijn:
  • Handelingen die emoties oproepen.
  • Vertrouwd voor bepaalde mensen
  • Komen vaak voort uit oude tradities
  • Geven aan dat het leven doorgaat. 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rituelen:
  • Bieden houvast
  • Helpen bij afscheid nemen
  • Scheppen ruimte om een nieuwe fase te starten.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Culturen en religie
Christendom / Katholicisme 
Christendom
  • Thuis of rouwcentrum
  • Begravenis binnen drie en vijf dagen na overlijden
  • Moment om nog één keer afscheid te nemen
  • Meestal begraven


Katholicisme 
  • Bediend --> gods nabijheid
  • De avond voor de uitvaart een avondwake
  • Cremeren of begraven

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat wordt er afgekeurd in de rooms-katholieke kerk wanneer iemand ernstig ziek is en binnenkort komt te overlijden?
A
Medicijnen
B
Bedienen
C
Euthanasie
D
Hulp van buitenaf (thuiszorg)

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Boeddhisme + Hindoeïsme
Boeddhisme:
  • Reïncarnatie 
  • Cremeren
  • bidden 49 dagen durende begrafenisperiode  --helpend bij Reïncarnatie 

Hindoeïsme
  • Bevrijding van het lichaam --> Lichaam wordt verbrand
  • Rouwplechtigheden duurt 12 dagen
  • Kinderen mogen niet trouwen het eerste jaar na het overlijden --> afgesloten met een herrineringsmaaltijd

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat raadt het boeddhisme aan wanneer de overledene in een bepaalde houding moet worden neergelegd?
A
Rechterzijde draaien
B
Dezelfde houding als hoe de Boeddha is gestorven
C
Linkerzijde draaien
D
Een gestrekte houding

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Rituelen spitsen zich vooral toe op: 
• Het verzorgen van de overledene  
• Het opbaren van de overledenen
• Het rouwbezoek
• Maaltijden voor de rouwbezoekers
• De dodenherdenkingsdagen

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is belangrijk bij het organiseren van een herdenkingsbijeenkomst.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rouw ondersteuning
We rouwen allemaal op onze eigen manier.
Om goed aan te kunnen sluiten en de ander te begeleiden is het goed om de ander te kennen, meer over diegene te weten.
Bijvoorbeeld is iemand een prater of juist niet.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Video

Deze slide heeft geen instructies