Hoofdstuk 4: Conflicten, vaardigheden en 4.1 Wapengeweld wereldwijd.

Hoofdstuk 4: Conflicten
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 4: Conflicten

Slide 1 - Tekstslide

Hoofdstuk 4: Conflicten.
* Vaardigheden: Schaalniveaus en dimensies.
* Paragraaf 4.1 Wapengeweld wereldwijd.
* Paragraaf 4.2 Oorzaken 
* Paragraaf 4.3 Gevolgen
* Paragraaf 4.4 Nederland
* Conflict Oekraïne/Rusland en conflict Israël/Palestina (PO)

Slide 2 - Tekstslide

Wat gaan we doen vandaag
Introductie H4: conflicten
Uitleg H4.1 wapengeweld wereldwijd
Nabespreken toets proefwerk
Aan de slag?

Slide 3 - Tekstslide

Schaalniveau´s en Dimensies.
Bij aardrijkskunde bestudeer je wat er in een gebied gebeurt of een verschijnsel en wordt de werkelijkheid in stukken geknipt op 2 manieren:

1: Regionale manier = een verschijnsel/gebied bekijken op schaalniveau's.

2: Thematische manier = via welke invalshoek/ dimensie kijk je naar een onderwerp.

Slide 4 - Tekstslide

Schaalniveau's:
1: Mondiaal = wereld
2: Continentaal = continent of deel van een continent
3: Nationaal = land
4: Regionaal = deelgebied van een land
5: Lokaal = gemeente.

Slide 5 - Tekstslide

Dimensies (invalshoeken):
1: Economische dimensie = vanuit de economie bekeken
2: Sociaal-culturele dimensie = cultuur, waarden en normen 
3: Politieke dimensie = bekeken van politiek oogpunt
4: Fysische dimensie = bekeken vanuit natuurlijk oogpunt.
5: Demografische dimensie = bevolking.

Slide 6 - Tekstslide

Lezen, leren en kennen vaardigheden:
-werkboek vaardigheden bladzijde 72: 
Schaalniveaus en dimensies lezen en kennen.



Slide 7 - Tekstslide

4.1 Wapengeweld wereldwijd

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Wat is een Conflict?

Slide 10 - Woordweb

Welke conflicten zijn er wereldwijd

Slide 11 - Woordweb

Leerdoelen: 
  • Je weet waar gewapende conflicten in de wereld voorkomen. Actuele conflicten kunnen beschrijven, soort conflict, oorzaken en gevolgen van het conflict.
  • Actuele conflicten zijn onder andere: Syrië, Oekraine, Israël, Afganistan  en Iran.
  • Je begrijpt waardoor binnenlandse conflicten kunnen ontstaan. 

Slide 12 - Tekstslide

Strijdtoneel: waar, waarom en hoe?
  • Op de kaart van bron 5 staan de landen waar conflicten gaande zijn. Dit is bijv. in sub-Sahara Afrika, Islamitische wereld, maar waarom is dat zo?
  • Conflicten ontstaan waar een groep mensen macht uitoefent op een andere groep.

Conflicten worden meestal op verschillende manieren ingedeeld:




Slide 13 - Tekstslide

Bron 5

Slide 14 - Tekstslide

We delen conflicten in bij de volgende 3 categorieën: 
- Geinternationaliseerd conflict


Binnenlands conflict


- Internationaal conflict
Een conflict waarbij, naar verloop van tijd het buitenland zich mee gaat bemoeien. Eerst niet internationaal, later wel.
Burgeroorlog en opstanden
Conflict tussen 2 landen

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Het conflict in Syrië is een:
A
internationale conflict
B
binnenlands conflict
C
geïnternationaliseerd conflict
D
burgeroorlog

Slide 17 - Quizvraag

Hoe trek je de grens?
  • Om een conflict te begrijpen moet je iets weten van de staatkunde. Een staat is een gebied met een grens eromheen. Binnen een staat gelden er wetten en regels waar mensen zich aan moeten houden. 

  • We spreken van een volk wanneer de mensen in een staat voelen dat ze bijelkaar horen




Slide 18 - Tekstslide

Er zijn meer volkeren dan staten, deze volkeren hebben eigen belangen

Slide 19 - Tekstslide

Situatie 1
  • Eén volk in één staat
  • Bijv. IJsland
  • Geen conflicten
  • Weinig etnische verschillen

Slide 20 - Tekstslide

Situatie 2
  • Eén staat, 2 (of meer) volkeren
  • Bijv. België, Spanje, India
  • Soms willen gebieden onafhankelijk zijn

Slide 21 - Tekstslide

Situatie 3
  • Het volk is verspreid over meerdere staten
  • Bijv. Koerden
  • Zij leven in verschillende landen en willen een eigen staat

Slide 22 - Tekstslide

Grenzen ter discussie
- Grenzen zijn bedacht door machthebbers. Soms lopen ze dwars door een woongebied van volkeren (bijvoorbeeld Afrika door kaarsrechte grensen).

- Hier zijn volkeren vaak niet mee eens, waardoor zij eisen voor separatisme:
de wens van een volk om zich af te schreiden van een staat. Hierbij spelen economie als cultuur (taal) een belangrijke rol.

- Bijv.  Russen in de Oekraine, Catalonen in Spanje, Palestijnen in Israël.

Slide 23 - Tekstslide

Grenzen in Afrika zijn 
getekend door Europese 
landen in 1884-1885
volkeren geplitst
-> vragen om conflicten

Slide 24 - Tekstslide

Grenzen ter discussie
Ander voorbeeld van separatisme: in de Islamitische wereld

Oemma = de wereldwijde verbinding tussen moslims. Voor fundamentalisten betekent het een 'islamitische wereld zonder grenzen'.
Jihadisme= gewelddadige strijd (door fundamentalisten) om de oemma te realiseren

Slide 25 - Tekstslide

Seperatisme
Het streven van een bevolkingsgroep naar een eigen, onafhankelijke staat

Slide 26 - Tekstslide

Als Rusland niets tegen seperatisme zou doen zouden veel gebieden onafhankelijk worden

Slide 27 - Tekstslide

Nabespreken Proefwerk
Bekijk je proefwerk aan de hand
van het schema hiernaast
 H: Formule cijfer:  
behaalde Punten/41*9+1,8
V: behaalde punten/43*9+1

Klaar?: Aan de slag 
H4.1: verkorte leerroute

Slide 28 - Tekstslide

Aan de slag
* Lezen paragraaf 4.1; wapengeweld wereldwijd.
* Doen: opdrachten maken .
* Kennen  en kunnen werken met schaalniveaus en dimensies.
* Box over seperatisme  doornemen ( ga naar methode online ).

Slide 29 - Tekstslide

Xinjiang
Woongebied van de Oeigoeren.

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Video

Leg in je eigen woorden uit waarom de Oeigoeren klaar zijn met China?

Slide 32 - Open vraag

Toepassing schaal en dimensie:
Bekijk de volgende filmpjes en beantwoord de volgende vragen:
1: Wat voor een soort conflict is het? Leg je/jullie antwoord uit!
2: Op welk schaalniveau speelt dit aardrijkskundige verschijnsel af? Leg je/jullie antwoord uit!
3: Vanuit welke dimensie wordt dit aardrijkskundige verschijnsel bekeken? Leg je antwoord uit!

Let op: Je moet je kennis kunnen toepassen bij conflicten. 

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Slide 35 - Video