Begrijp je brein

Begrijp je brein
1 / 38
volgende
Slide 1: Tekstslide
MentorlesMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 38 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Begrijp je brein

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Aan het einde van de les kan je...
                ... uitleggen wat de verschillen zijn tussen de linker en rechter
                    helft van je hersenen. 

Ook kom je deze les te weten, welke kant van jouw brein het meest dominant (=sterk) is. 
 
                

             




Het doel van de les

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hoe werkt het? 
Vragen met twee antwoordopties
Kies welke het best past bij jou
Er zijn geen goede of foute antwoorden 
Kleur het bijbehorende vakje (links/rechts)
Er zijn 24 vragen.
Daarna kijken we: Wat zegt dit over jou? 

Slide 4 - Tekstslide

de linker antwoord optie hoort bij de linke hersenhelft de rechter antwoord optie bij de rechterhersenhelft. 
Belangrijk om te weten is dat het heel verschillend is per persoon kan zijn welke kant meer bij hem/haar aansluit. Er is geen goede of foute verdeling. Wel kun je er starks informatie over jezelf uit halen wanneer je het eerlijk invult. 
1. Wat kun je van mensen makkelijker onthouden?
(De naam = kleur L1 / Het gezicht = kleur R1)
De naam
Het gezicht

Slide 5 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Vouw je armen over elkaar. 

Houd dit vast tot de volgende vraag. 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. Welke arm zit bovenop?
Linker arm
Rechter arm

Slide 7 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

4. Herinner jij je dromen als je wakker wordt?
Nee, meestal niet
Ja, vaak kan ik die navertellen

Slide 8 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Strek je vinger uit en richt het op iets kleins aan de andere kant van het lokaal. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5. Welk oog sloot je om precies te richten?
Mijn rechteroog
Mijn linkeroog

Slide 10 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

6. Bij het horen van een (nieuw) liedje, waar let je meer op?
De songtekst
De melodie

Slide 11 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

7. Kies een van de twee onderwerpen om een verhaal over te schrijven/vertellen
Dinosaurussen
Een beer die de dag van een man redt

Slide 12 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

8. Als ik twee projecten heb waarvan de deadline nadert, dan pak ik dat als volgt aan:
Ik maak eerst de ene af totdat die prefect is en maak daarna de andere
Ik begin aan de ene te werken totdat ik het beu ben en ga dan door met de andere

Slide 13 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

9. Je hebt net een vakantie naar Disneyland gewonnen. Ga je meteen of neem je de tijd om alles uit te stippelen?
Ik plan wat ik wil doen en ga dan pas
Ik ga meteen en zie wel

Slide 14 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

10. Welke onderwerpen spreken je het meest aan?
Wiskunde, natuurkunde, biologie en scheikunde
Lezen, taal en schrijven

Slide 15 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Vouw je handen door je handpalmen tegen elkaar te doen en verstrengel je vingers. 
Hou dit vast tot de volgende vraag  

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

11. Welke duim ligt bovenop?
Linkerduim
Rechterduim

Slide 17 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

12. Ben jij goed in feiten onthouden?
Ja, dat gaat vanzelf
Nee, dat vind ik lastig

Slide 18 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

13. Wanneer je een ingewikkeld probleem wil oplossen, op welke manier doe je dat graag?
Ik los dat graag op in mijn hoofd of door het stil uit te werken op papier
Ik los dat graag op door er hardop met iemand of met mezelf over te discussiëren

Slide 19 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

14. Waar kun jij het beste werken?
Aan een bureau of tafel
Op de bank, grond of bed

Slide 20 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

15. Wat help jou in het begrijpen van een lastig begrip?
Erover lezen of dat iemand erover vertelt
Het krijgen van een afbeelding of grafiek

Slide 21 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

16. Aan het begin van een project of wanneer je iets in elkaar moet zetten lees je wel of niet de uitleg?
Ik lees aandachtig de stappen en instructie door
Ik begin en op het moment dat ik vastloop pak ik de instructie erbij

Slide 22 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

17. Wat viel je als eerste op aan de afbeelding?
Het nummer 13
De vorm en kleur van een zon

Slide 24 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

18. Wat klopt volgens jou bij de vorige afbeelding?
Groen
Rood

Slide 26 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

19. Welke is volgens jouw het meest hetzelfde als de vorige afbeelding?

Slide 28 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

20. Welke is volgens jouw het meest hetzelfde als de vorige afbeelding?

Slide 30 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Pak een papiertje en houd deze tegen je voorhoofd aan.
Teken nu de letter C erop, terwijl het op je hoofd zit. 

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

21. Aan welke kant is de "C" open?
De opening is aan de kant van mijn linkeroog
De opening is aan de kant van mijn rechteroog

Slide 32 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

22. Hoe pak je werk aan dat afgemaakt moet worden voor een deadline?
Ik begin er zo snel mogelijk aan
Ik heb de neiging om uit te stellen

Slide 33 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

23. Hoe netjes is jouw werkplek/kluisje
Erg opgeruimd/ geordend
Rommelig

Slide 34 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

24. In welke omgeving kun jij het prettigst werken?
Ik kan het beste in een rustige omgeving werken
Ik kan het beste in een omgeving met achtergrond geluiden (muziek, gesprekken, etc.) werken

Slide 35 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Vergelijk, welke kant is het meest ingekleurd?
 Wat kan dit betekenen?

Slide 36 - Tekstslide

Bekijk hoe verschillend jullie ingekleurde hersenen zijn. 
Wat denken jullie - aan de hand van de vragen en antwoorden die jullie gezien hebben - dat jullie nu al kunnen zeggen over het verschil tussen de twee hersenhelften?  
Waar zal de ene meer mee te maken hebben en waar de ander? 
Linker Brein           vs         Rechter Brein 
  • Komt op tijd en houdt zich aan afspraken
  • Doet wat de regels zeggen
  • Ziet kleine verschillen of details goed
  • Is goed in vakken zoals wiskunde en natuurkunde
  • Snapt goed wat hij of zij leest
  • Maakt weinig spelfouten
  • Kan dingen goed op volgorde zetten
  • Luistert goed en onthoudt makkelijk wat er gezegd wordt
  • Beweegt soepel en kan goed dingen doen met zijn/haar lichaam (bijv. sporten, dansen)
  • Is goed in muziek maken of tekenen
  • Herkent gezichten makkelijk en begrijpt hoe anderen zich voelen
  • Kan goed het overzicht houden en ziet het grotere plaatje
  • Werkt graag en goed samen met anderen
  • Snapt goed hoe iets eruitziet of waar iets staat (bijv. in een ruimte of op een kaart)
  • Denkt in plaatjes en beelden
Sterke eigenschappen

Slide 37 - Tekstslide

Het gaat er mij om dat je kijkt naar welke kwaliteiten = sterke eigenschappen jij bij je zelf herkent. 
Het kan zijn dat deze met name aangesproken worden door een van de twee hersenhelften maar het kan ook dat het een mengeling is. 
Hierdoor kun je bewust worden wat je sterke punten zijn. (en die van andere)
Linker Brein           vs         Rechter Brein 
  • Maak elke dag een klein rekensommetje
  • Schrijf een samenvatting van een tekst
  • Oefen met schema’s en lijstjes maken
  • Los puzzels op zoals sudoku 
  • Lees een informatieve tekst en leg het uit aan iemand anders
  • Teken of schilder iets zonder voorbeeld
  • Luister naar muziek en bedenk wat je erbij voelt
  • Verzin een verhaal of een stripverhaal
  • Doe een droomopdracht: “Wat als alles mogelijk was?”
  • Speel een spel zonder vaste regels (bijv. fantasierolspel)


Hoe kan ik mijn brein trainen

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies