4HV Oefenen TE3 Wechselp Genitiv Adjektiv

4HV Übungen P3
Wechselpräpositionen
Genitiv
Adjektiv
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

4HV Übungen P3
Wechselpräpositionen
Genitiv
Adjektiv

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wechselpräpositionen

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ich sitze auf _____ (een) Stuhl (m).
A
ein
B
eines
C
einem
D
einen

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Der Lehrer stellt sich neben ____ (zijn) Kollegen (m).
A
sein
B
seines
C
seinem
D
seinen

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich hänge die Lampe an ____ (de) Decke (v).
A
die
B
der
C
des
D
dem

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Er wartet schon eine Ewigkeit auf _____ (zijn) Mutter.
A
seine
B
seiner
C
seines
D
seinen

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Liegt ihr im Sommer gerne in _____ (jullie) Garten (m)?
A
ihr
B
ihrem
C
euren
D
eurem

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Genitiv

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

der Beste der Welt!

Slide 12 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Die rote Farbe des Wagens

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

während des Essens

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

trotz dieser Umstände

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Adjektiv

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Jeder kluge Schüler =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welcher Schüler hat das gesagt?
=> welcher Schüler =

A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Man hat die Tür seiner neuen Wohnung rot angemalt.
=> seiner neuen Wohnung =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Eure große Familie =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Sie ist unsere neue Nachbarin.
Unsere neue Nachbarin = ....
A
1e
B
2e
C
3e
D
4e

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Er hat angst vor aggressiven Hunden.
aggressiven Hunden =

A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Spricht sie mit ihrem netten Verkäufer?
ihrem netten Verkäufer =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Der Preis frischen Obstes ist gestiegen.
frischen Obstes =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Der Preis frischen Obstes ist gestiegen.
frischen Obstes =
A
1e
B
2e
C
3e
D
4e

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Magst du süß... Cola?
süß... Cola=
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Magst du süß... Cola
süß... Cola =
A
1e / onderwerp
B
2e
C
3e meewerkend voorwerp
D
4e lijdend voorwerp

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Magst du süß... Cola?

A
süß
B
süßes
C
süße
D
süßem

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich habe in der Schweiz mit nett... Leuten gesprochen.
nett... Leuten =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 29 - Quizvraag

mit is derde naamval
Ich habe in der Schweiz mit nett... Leuten gesprochen.
'nette... Leuten' is:
A
mannelijk
B
vrouwelijk
C
onzijdig
D
meervoud

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich habe in der Schweiz mit nett... Leuten gesprochen.
nett... Leuten =
A
1e naamval
B
2e naamval
C
3e naamval
D
4e naamval

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich habe in der Schweiz mit nett... Leuten gesprochen.

A
nette
B
netter
C
nettes
D
netten

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich esse gerne neu____ Gerichte.
neu____ Gerichte =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 33 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich esse gerne neu____ Gerichte.
Gerichte =
A
mannelijk
B
vrouwelijk
C
onzijdig
D
meervoud

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich esse gerne neu____ Gerichte.
neu___ Gerichte =
A
1e naamval
B
2e naamval
C
3e naamval
D
4e naamval

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich esse gerne neu____ Gerichte.
A
neu
B
neuer
C
neuen
D
neue

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ein.... klein.... Kind ist gefallen.
Ein... klein... Kind =
A
der Gruppe
B
ein Gruppe
C
0 Gruppe

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ein.... klein.... Kind ist gefallen.
Ein.... klein.... Kind =
A
mannelijk
B
vrouwelijk
C
onzijdig
D
meervoud

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ein.... klein.... Kind ist gefallen.
Ein... klein... Kind =
A
1e
B
2e
C
3e
D
4e

Slide 39 - Quizvraag

mit
Ein.... klein.... Kind ist gefallen.
A
eines kleine
B
eines kleines
C
ein kleines
D
ein klein

Slide 40 - Quizvraag

van hem