H5, §5.4 Internationale samenwerking

H5, §5.4 Internationale samenwerking
1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 11 videos.

Onderdelen in deze les

H5, §5.4 Internationale samenwerking

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.4 Internationale organisaties

Wereldwijde Samenwerking

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Verenigde Naties (VN)
  • Bijna alle landen ter wereld zijn lid van de Verenigde Naties (VN). Belangrijkste doel: oorlog voorkomen.
  • VN = opvolger van de Volkenbond
  • bedacht door Roosevelt (President VS
    1933 tot 1945, de League of Nations [Volkenbond] wordt op instigatie van President Wilson na 1918 ingesteld; kwam niet goed van de grond, VN wel)
  • Na de verschrikkingen van WO2 snakten mensen naar vrede. Daarom richtten wereldleiders in 1945 de Verenigde Naties (VN) op

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

VN niet verwarren met VS
  1. Ieder land kan lid worden
  2. Ondertekening verklaring van rechten van de mens (zelfbeschikkingsrecht - gelijke rechten man/vrouw)
  3. Elk land => één stem, elke stem telt even 'zwaar'
  4. Momenteel -> 193 landen lid
  5. VN lidstaten beloven om in vrede te leven en samen te werken als ergens een oorlog/conflict ontstaat

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorlogstribunalen



  • Het Internationaal Gerechtshof kan oorlogsmisdadigers arresteren en bestraffen
  • Gevestigd in The Hague (Den Haag)
  • In Nederland is het gerechtshof bekend vanwege het Joegoslaviëtribunaal waarin misdadigers van Srebrenica werden bestraft
Met verbijstering heeft de wereld woensdag kunnen toezien hoe de oorlogsmisdadiger Slobodan Praljak in de rechtszaal van het Joegaslaviëtribunaal na het horen van zijn veroordeling tot twintig jaar celstraf gif innam. De 72-jarige Bosnische Kroaat stierf kort daarna in een Haags ziekenhuis.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oekraïne heeft een rechtszaak aangespannen tegen Rusland. Het Internationaal Gerechtshof kijkt daar nu naar. Volodymyr Zelensky, de president van Oekraïne, hoopt dat het gerechtshof Rusland dwingt te stoppen met vechten.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

'Blauwhelmen'
  • Bewaken vrede en veiligheid in de wereld


  • Vechten in noodgevallen mee om vijanden uit elkaar te houden of om veiligheid te handhaven

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Algemene vergadering
Alle aangesloten landen zijn hier vertegenwoordigd, neemt besluiten, die 'resoluties' worden genoemd
Veiligheidsraad
Vijf vaste leden: VS (USA), de Sovjet-Unie (nu Rusland), China, Groot-Brittannië en Frankrijk. Er zijn tien wisselende leden.
VN gevestigd in New York. Hier komen regeringsleiders en presidenten jaarlijks spreken. Belangrijkste twee organisaties:

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Algemene Vergadering
  1. Alle lidstaten komen elk jaar bijeen
  2. Stemmen over besluiten en ondernemen actie
  • Bijvoorbeeld:
    - Universele Verklaring rechten van de Mens (1948) 
    - Oprichting UNICEF

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Veiligheidsraad
= Raad van vijftien landen die toezien op vrede en veiligheid in de wereld
Vijf permanente leden:
VS, Frankrijk, Engeland, Rusland, China
Ieder heeft het vetorecht ('ik verbied') -> hierdoor kan een besluit niet aangenomen worden.

Er zijn tien niet permanente leden (wisselen elke twee jaar) 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De 'macht' van  de Veiligheidsraad :
  • Kan acties van landen veroordelen
  • Strafmaatregelen opleggen
  • Een VN leger op vredesmissie sturen: vechten, strijdende partijen scheiden, toezien op orde en veiligheid

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofd VN
Dat is de 'Secretaris-Generaal'. 

Die kan conflicten aankaarten of advies geven aan Veiligheidsraad. 
(António Guterres 
Secretaris-generaal van de Verenigde Naties)

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Ontwikkelingssamenwerking
Kwam na 1945 voort uit gevoelens van medemenselijkheid -> eigenbelang speelt ook een rol.
Zo hoopten westerse landen te voorkomen dat regeringen communistisch zouden worden en wilden ze hun toegang tot grondstoffen behouden.
OS neemt ook de terroristische politieke islam wind uit de zeilen.
Door arme landen te ondersteunen proberen ze bovendien de migratie naar het Westen af te remmen. Kleine ondernemers kunnen onder gunstige voorwaarden geld lenen. De hoop is dat mensen in ontwikkelingslanden zo zelf aan hun welvaart kunnen bouwen.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Internationaal Recht 
Na 1945 willen landen ook op het gebied van het Recht nauwer samenwerken. Degenen die verantwoordelijk zijn voor oorlogsmisdaden in WO2 wil men persoonlijk bestraffen. Voorbeelden zijn het Tribunaal van Neurenberg, waar Duitse nazileiders terechtstonden, en dat van Tokyo, voor Japanse oorlogsmisdadigers.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Video

Video:
In deze lessen over humanitair oorlogsrecht zijn we erachter gekomen dat oorlog ook regels heeft. Deze video zet de wetten van oorlog nog even kort achter elkaar op een rijtje.

Video kort samengevat:
1. Burgers:
  • Directe aanval op militair doel mag. Ook als er burgers bij om komen. Burgers mogen nooit het directe doel zijn van een aanval.
  • Plekken en gebouwen waar burgers vaak komen mogen nooit het doelwit zijn van een aanval.
  • Burgers moeten zoveel mogelijk worden beschermd. (voorzorgsmaatregelen nemen)
  • Burgers hebben recht op medische hulp.
2. Zieken en gewonden
  • Medisch personeel moet altijd hun werk kunnen doen.
  • Burgers of strijders, het Rode Kruis maakt geen onderschijdt.
3. Gevangenen
  • Krijgsgevangenen mogen niet gemarteld worden, moeten eten krijgen, beschermd worden, hygiënische fasciliteiten krijgen en contact mogen behouden met dierbaren.
4. Voorlichten: Rode Kruis zorgt over voorlichting over deze internationale regels.

Slide 24 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Video

In het humanitair oorlogsrecht staan ook regels over het gebruik van wapens. Drones als wapens zijn niet verboden onder het humanitair oorlogsrecht. Bekijk het laatste deel van het filmpje hierover. 

Bespreek met de leerlingen de volgende vragen:
  • Stel je voor: jij bent kolonel in het leger. Met welke regel moet je rekening houden als je een drone met raket gebruikt in een gewapend conflict?
Mensenrechten
In 1789 verschijnt in Frankrijk de 'Déclaration des droit de l'homme et du Citoyen'. Deze mensenrechten waren echter nergens vastgelegd voor de wereld. In 1948 nemen de VN daarom de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens aan (‘Universeel’ betekent: geldig voor iedereen en altijd, ongeacht plaats en tijd). Hieromtrent is wereldwijd GEEN consensus.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 27 - Video

Deze slide heeft geen instructies


De Europese Unie
1993



  • De landen van de Europese Gemeenschap willen eind jaren '80 nog meer gaan samenwerken.
  • Bijvoorbeeld op het gebied van: milieu, criminaliteit en de verkeersveiligheid.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verenigd Koninkrijk: geen €
Denemarken: geen €
Zweden: geen €
Polen: geen €
Hongarije: geen €
Roemenië: geen €
Bulgarije: geen €
Tsjechië: geen €

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


De Euro
2002



  • De landen van de Europese Unie krijgen vanaf 2002 een gezamenlijke munt: de euro.
  • Niet alle Europese landen doen mee met de euro. Sommige landen willen hun eigen munt houden of hadden niet zo'n sterke economie.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het bestuur van Europa


  • De Europese Commissie
  • Het Europees Parlement
  • De Raad van Ministers

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Europese Commissie



  • De Europese Commissie bestaat uit 28 commissarissen
  • Deze commissarissen kun je het beste vergelijken met onze ministers. 
  • De Commissie stelt nieuwe wetten voor en zorgt dat wetten worden uitgevoerd.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Europees Parlement



  • Het Europees Parlement bestaat uit 751 leden. Ze worden iedere vijf jaar door de burgers van de lidstaten gekozen. Hoe meer inwoners een lidstaat heeft, hoe meer zetels dat land heeft in het Europees Parlement. 
  • Het Parlement beslist over de wetsvoorstellen van de Europese Commissie, maar heeft géén recht van amendement

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Raad van Ministers


  • De Raad van Ministers bestaat uit alle ministers van alle lidstaten. Eigenlijk is de samenstelling elke keer anders, want als het over het milieu gaat dan komen alleen de ministers van Milieu.  
  • De Raad van Ministers moet, net als het Europees Parlement, elk nieuw wetsvoorstel goedkeuren of afkeuren.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Welke wet geldt?


  • Wetten van de EU gaan alleen over onderwerpen die meerdere lidstaten aangaat, bijv. het milieu. Hoe snel je in Nederland op de snelweg mag rijden, bepaalt ons parlement: dat gaat écht alleen over Nederland.
  • Een Nederlandse wet mag niet in strijd zijn met een EU-wet. 
  • Andersom kan dat wel: dan moet Nederland de wet aanpassen.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Een Europese grondwet?


  • In 2004 is besloten dat er een Europese grondwet zou komen. 
  • Hierover mochten de inwoners van Europa in een referendum beslissen.
  • Sommigen schrokken: zoveel macht voor Europa?!
  • De inwoners van Nederland en Frankrijk stemden tegen: de Europese grondwet kwam er niet. Er is dus nog geen 'Verenigde Staten van Europa'.

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Wat merk je er zelf van?



  • De euro
  • Rechten als consument (garantie) 
  • Europees burgerschap (o.a. vrij reizen)
  • Mensenrechten (democratie)
  • Europese terreurbestrijding

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Brexit
vanaf 2017


  • Door de economische crisis (2007-2009) en de problemen rondom vluchtelingen, zijn er steeds meer kritische geluiden over Europa. 
  • Sommige politieke partijen in Europese landen zijn fel tegen de macht van Europa en willen uit de EU. 
  • In juni 2016 stemden de Britten vóór het verlaten van de EU.

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Video
Histoclips: De Europese Unie

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 41 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Welke uitspraak over het Europees Parlement is juist?
Het Europees Parlement
A
bestaat uit vertegenwoordigers van alle Europese landen.
B
vergadert om de zes maanden in een andere lidstaat.
C
wordt gevormd door de ministers van de afzonderlijke landen.
D
wordt rechtstreeks gekozen door de burgers van de lidstaten.

Slide 42 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een gezamenlijke Europese aanpak van een probleem is vaak veel effectiever dan een nationale aanpak.

Geef een voorbeeld van een probleem dat in Europees verband effectiever
kan worden aangepakt dan door de lidstaten afzonderlijk.

Slide 43 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk Europese instelling hoort bij de omschrijving?

Voert het Europese beleid uit
A
De Europese Commissie
B
Het Europese Parlement
C
De Raad van Ministers
D
geen van deze instellingen

Slide 44 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk Europese instelling hoort bij de omschrijving?

Voert het Europese beleid uit
A
De Europese Commissie
B
Het Europese Parlement
C
De Raad van Ministers
D
geen van deze instellingen

Slide 45 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk Europese instelling hoort bij de omschrijving?

Ziet erop toe dat in alle
Europese landen de verkiezingen goed verlopen.
A
De Europese Commissie
B
Het Europese Parlement
C
De Raad van Ministers
D
geen van deze instellingen

Slide 46 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke bewering over het Europees Parlement is juist?

Het Europees Parlement
A
bestaat uit ministers van alle EU-lidstaten.
B
is het dagelijks bestuur van de Europese Unie.
C
keurt voorstellen van de Europese Commissie goed of af.
D
zorgt ervoor dat Europese regels worden uitgevoerd.

Slide 47 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke volgorde is juist??

A
EGKS, EU, EG, euro
B
euro, EU, EG, EGKS
C
EGKS, EG, EU, euro.
D
EGKS, EG, euro, EU

Slide 48 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies