Les 5.3 28 mrt

Welcome h3p!
1. Put your phone in the phonebag
2. Take your book and notebook out
3. Put your pencil case on your table. 



Today
  • Vocabulary check (Quizizz)

  • Work on homework exercises
  • Explain grammar: gerund
  • Check homework exercises
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 13 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Welcome h3p!
1. Put your phone in the phonebag
2. Take your book and notebook out
3. Put your pencil case on your table. 



Today
  • Vocabulary check (Quizizz)

  • Work on homework exercises
  • Explain grammar: gerund
  • Check homework exercises

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Check homework
GB page 20
Exercise 2

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Check homework
page 23
Exercise 15 & 16

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Check homework
page 13
Exercise 3 & 4

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Please take
your notebook in
front of you

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat valt je op aan deze zinnen?
  • Smoking is forbidden in the barbershop.
  • I look forward to seeing you next week.
  • Could you start doing your homework? 
  • That dress isn't worth buying.
  • He started running.

Slide 8 - Tekstslide

  • -ing staat achter sommige woorden
  • Vraag de leerlingen: Welk woord staat er voor? 
Gerund
Vorm: werkwoord + ing
Gerund wordt gebruikt als een zelfstandig naamwoord
1. Als onderwerp van de zin
Gebruik:
Lezen is een van mijn hobby's.   >   Reading is one of my hobbies.
Dansen is leuk!  >   Dancing is fun!

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gerund
2. Na voorzetsels zoals about, at, by, for, from, of, on, to, without
Ik ben bang om mijn telefoon kwijt te raken.  >
I'm afraid of losing my phone.
Mijn vader is slecht in het onthouden van namen.  > 
My dad is bad at remembering names.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gerund
3. Na werkwoorden zoals hate, like, love, enjoy, prefer, avoid, remember, refuse, keep, start, mind, begin, stop, finish, continue


Jacob houdt echt van schilderen, toch?   >   
Jacob really loves painting, doesn't he?
Zij bleef praten tijdens de film.    >   
She kept talking during the film.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gerund
4. Na een aantal uitdrukkingen zoals feel like, can't help, be busy, no good, no use, is worth, look forward to.
Die film is de moeite waard om te zien.  > 
That film is worth 
watching.
Ik kan het niet laten om te (glim)lachen als ik haar zie.  >
can't help 
smiling when I see her.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Study: Vocabulary 5.1 & 5.2 (page 138-139)
Do: Exercise 3 (GB page 21)
Do: Text 5 'Get smart' (GB page 37-38)


Wednesday the 2nd of April

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies