Les 3 - Werkwoorden imparfait, futur, leesdossier

On a besoin de quoi?
un stylo
un cahier
un ordinateur
pas de portable!
le manuel
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

On a besoin de quoi?
un stylo
un cahier
un ordinateur
pas de portable!
le manuel

Slide 1 - Tekstslide

Aujourd'hui, on va:
  • Répéter les verbes de la dernière fois: qui s'est entraîné?
  • Lire: leesdossier - comment ça marche?
  • Répéter: l'imparfait, le futur
  • Un jeu?

Slide 2 - Tekstslide

Est-ce qu'on va...
...écouter la prof? 
...travailler en silence?
... ou travailler ensemble?

Slide 3 - Tekstslide

On va...
...travailler en silence.

Slide 4 - Tekstslide

Est-ce que ............................ les verbes?
Hebben jullie de werkwoorden herhaald?
A
nous avons répété
B
vous avez répété
C
nous avons répéter
D
vous avez répéter

Slide 5 - Quizvraag

Slide 6 - Link

Aujourd'hui, on va:
  • Répéter les verbes de la dernière fois: qui s'est entraîné?
  • Lire: leesdossier - comment ça marche?
  • Répéter: l'imparfait, le futur
  • Un jeu?

Slide 7 - Tekstslide

Est-ce qu'on va...
...écouter la prof? 
...travailler en silence?
... ou travailler ensemble?

Slide 8 - Tekstslide

On va...
...écouter la prof! 

Slide 9 - Tekstslide

Instruction
Quoi: Leesdossier
Comment: Je kiest elke periode één boekje of strip, mag informatief (P'tit Libé) of fictief (boekje, strip) zijn. Ik zal proberen er af en toe in de les tijd voor te maken. 
Je houdt tijdens of na het lezen een leesverslag bij, die je aan het eind van de periode bij mij inlevert op Classroom. Ik stel ook bijna iedereen een paar vragen over het gelezen werk.
Le but: Je breidt je woordenschat uit, je maakt leeskilometers, je leest iets leuks


Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Link

On va...
... choisir un livre ou un BD!

Slide 12 - Tekstslide

Aujourd'hui, on va:
  • Répéter les verbes de la dernière fois: qui s'est entraîné?
  • Lire: leesdossier - comment ça marche?
  • Répéter: l'imparfait, le futur
  • Un jeu?

Slide 13 - Tekstslide

Est-ce qu'on va...
...écouter la prof? 
...travailler en silence?
... ou travailler ensemble?

Slide 14 - Tekstslide

On va...
...écouter la prof! 
... et travailler en silence.

Slide 15 - Tekstslide

Nu de uitgangen van de imparfait
Onderwerp
Stam + uitgang
1e persoon ev
parl
2e persoon ev
dans
3e persoon ev
chant
1e persoon mv
regard
2e persoon mv
écout
3e persoon mv
march
vous
Céline
nous
Ils
tu
je
aient
ais
ait
ions
iez
ais

Slide 16 - Sleepvraag

Verbes ER - imparfait
Je gebruikt deze tijd: voor gewoontes in het verleden, dingen die "aan de gang waren"

Regel: onderwerp + présent nous-vorm -ons + uitgang
Voorbeeld: ik danste / ik was aan het dansen 
--> je + dansons - ons
--> dans + uitgang van "je" 
--> je dansais


-ais
-ais
-ait
-ions
-iez
-aient

Slide 17 - Tekstslide

Nu de uitgangen van de futur simple
Onderwerp
Stam + uitgang
1e persoon ev
parler
2e persoon ev
danser
3e persoon ev
chanter
1e persoon mv
regarder
2e persoon mv
écouter
3e persoon mv
marcher
vous
Le prof
nous
Les filles
tu
je
ont
ai
as
ons
ez
a

Slide 18 - Sleepvraag

Verbes ER - futur simple
Je gebruikt deze tijd: voor voorspellingen, dingen die in de toekomst liggen

Regel: onderwerp + hele werkwoord + uitgang (lijkt op vormen van "avoir")
Voorbeeld: ik zal dansen
--> je + danser
--> danser + uitgang van "je" 
--> je danserai


-ai
-as
-a
-ons
-ez
-ont

Slide 19 - Tekstslide

Verbes ER - futur proche
Je gebruikt deze tijd: voor dingen die je vast van plant bent, die sowieso gaan gebeuren, die in de toekomst liggen

Regel: onderwerp + vorm van "aller" + hele werkwoord
Voorbeeld: ik ga dansen
--> je + vorm van "aller"
--> je vais + hele werkwoord
--> je vais danser


Je vais
Tu vas
Il va
Nous allons
Vous allez
Ils vont
Futur simple of futur proche mag vaak allebei

Slide 20 - Tekstslide

Aujourd'hui, on va:
  • Répéter les verbes de la dernière fois: qui s'est entraîné?
  • Lire: leesdossier - comment ça marche?
  • Répéter: l'imparfait, le futur
  • Un jeu?

Slide 21 - Tekstslide

DE ER-puzzel
Ik schrijf een vorm op het bord, jullie "leggen" die vorm zo snel mogelijk op tafel. Bijvoorbeeld: 
Wij hebben gegeten

Hij zal zingen
Nous
avons
mang
é
Il
chant
er
a
timer
0:30

Slide 22 - Tekstslide

Merci et à demain! 
Pas de devoirs ;)
Sauf: neem je aantekenig van les 1 mee 
(Antwoorden op eenvoudige vragen)

Slide 23 - Tekstslide