Wat is LessonUp
Zoeken
Kanalen
Inloggen
Registreren
‹
Terug naar zoeken
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
Signaalwoorden
Signaalwoorden geven de lezer een
seintje
dat een
zin of een alinea:
een opsomming,
een tijdsvolgorde
een voorbeeld
geeft.
Door signaalwoorden kun je de tekst beter begrijpen en kun jij zelf betere teksten schrijven.
1 / 35
volgende
Slide 1:
Tekstslide
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
In deze les zitten
35 slides
, met
interactieve quizzen
,
tekstslides
en
1 video
.
Lesduur is:
30 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Onderdelen in deze les
Signaalwoorden
Signaalwoorden geven de lezer een
seintje
dat een
zin of een alinea:
een opsomming,
een tijdsvolgorde
een voorbeeld
geeft.
Door signaalwoorden kun je de tekst beter begrijpen en kun jij zelf betere teksten schrijven.
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Video
Wat is een signaalwoord?
Verbindingswoorden
Signaalwoorden geven het verband aan tussen zinsdelen, zinnen en/of alinea’s
Slide 3 - Tekstslide
Signaalwoorden
Meest voorkomende signaalwoorden en verbanden
Slide 4 - Tekstslide
Tijd
voordat, nadat, eerst, daarna, vervolgens, wanneer, vroeger.
Voordat
hij naar school gaat, poetst hij zijn tanden.
Slide 5 - Tekstslide
Opsomming
en, ook, ten eerste, ten tweede, vervolgens
Ik hou van voetbal:
ten eerste
is het gezond,
ten tweede
ben je lekker buiten
en
je werkt samen aan de overwinning.
Slide 6 - Tekstslide
Voorbeeld/ toelichting
een voorbeeld ( hier)van, ter illustratie, bijvoorbeeld, zoals
Mijn broer speelt graag games,
zoals
Call of Duty en GTA.
Slide 7 - Tekstslide
Oorzaak – gevolg
door, doordat, waardoor, te danken aan
Ik was veel te laat voor de les,
doordat
mijn zus de badkamer bezet hield en ik op haar moest wachten.
Oorzaak = wachten op zus
Gevolg = te laat in de les
Slide 8 - Tekstslide
Tegenstelling
Zo, evenals, in vergelijking met, soortgelijk(e), maar
Deze vakantiebestemming is oké,
maar
vind ik de vorige bestemming veel leuker!
Slide 9 - Tekstslide
Doel – middel
Om te, daarmee, waarmee, door middel van, zodat
Zij leert elke avond voor haar autotheorie,
zodat
ze haar rijbewijs snel haalt.
Doel = rijbewijs halen. Middel = elke avond leren
Slide 10 - Tekstslide
Verklaring / argument
Want, omdat, daarom, vanwege, immers.
Ik hou van honden,
omdat
ze goed luisteren en je ze dingen kunt leren.
Slide 11 - Tekstslide
Voorwaarde
Als... dan..., wanneer, tenzij, in (voor) het geval dat
Als
je goed luistert,
dan
weet je wat hij bedoelt.
Slide 12 - Tekstslide
Samenvatting / conclusie
Samengevat, kortom, dus, al met al, vandaar dat
Kortom
, signaalwoorden en tekstverbanden zijn niet zo ingewikkeld als veel leerlingen vaak denken.
Slide 13 - Tekstslide
Oefenen; onthoud jouw score
Slide 14 - Tekstslide
Wat is een signaalwoord
Wat zijn signaalwoorden?
A
Woorden die verbanden tussen zinnen leggen.
B
Ze geven een signaal, zodat je weet waar je gebleven bent met lezen.
C
Ze geven voor welk publiek de schrijver de tekst heeft geschreven.
D
Woorden die extra informatie geven
Slide 15 - Quizvraag
'verder' is een signaalwoord van opsomming.
A
waar
B
niet waar
Slide 16 - Quizvraag
Wat is/ zijn een signaalwoord(en) van: opsommend verband?
A
Ten eerste
B
Bijvoorbeeld
C
Zo
D
tenslotte
Slide 17 - Quizvraag
Welk signaalwoord is een signaalwoord voor voorbeeld?
A
zoals
B
ten slotte
C
tegenover
D
denk aan
Slide 18 - Quizvraag
wat is een signaalwoord van: OPSOMMING
A
ook
B
maar
C
al met al
D
zoals
Slide 19 - Quizvraag
Welk signaalwoord is een signaalwoord voor tegenstelling?
A
zoals
B
daarnaast
C
echter
D
zo
Slide 20 - Quizvraag
Welk signaalwoord is GEEN signaalwoord voor 'tijdsvolgorde'?
A
eerst
B
ten slotte
C
daarna
D
denk aan
Slide 21 - Quizvraag
Uitslag
0 fout = alles begrepen!
1 en 2 fouten = bijna alles begrepen :)
3 of meer fouten= nog extra oefenen
Slide 22 - Tekstslide
Aan de slag!
Wat?
NN H2 blz. 40 t/m 45 maken: start, 1, 2, 3 (kader), 4 (basis)
Hoe?
Nieuw Nederlands leerwerkboek en schrift
Tijd?
30/40 minuten + vanmiddag afronden
Hulp?
Je gaat zelfstandig aan de slag. Bij vragen kom ik langs.
Klaar?
Tekstverbanden oefenen via eindexamensite.nl
Slide 23 - Tekstslide
Signaalwoord
Geen signaalwoord
ook
aan
word
zo
maar
slecht
Slide 24 - Sleepvraag
Signaalwoorden
van
voorbeeld
Signaalwoorden
van voorwaarde
Signaalwoorden van opsomming
Signaalwoorden van samenvatting
Signaalwoorden van oorzaak&gevolg
Signaalwoorden van tegenstelling
Signaalwoorden van tijd
Signaalwoorden van conclusie
dus
vervolgens
echter
omdat
kortom
ten tweede
mits
bijvoorbeeld
als
zoals
al met al
vervolgens
hierdoor
want
maar
daarentegen
ook
Slide 25 - Sleepvraag
Aan de slag!
Wat?
NN cursus 1 §2 opdracht 5 t/m 8 + cursus 1 §5 opdracht 1 t/m 7
Hoe?
Nieuw Nederlands leerwerkboek en schrift
Tijd?
30/40 minuten + vanmiddag afronden
Hulp?
Je gaat zelfstandig aan de slag. Bij vragen kom ik langs.
Klaar?
NN online cursus 7 §9 en cursus 7 §10 maken
Slide 26 - Tekstslide
Aan het eind van de les
Weet je wat tekstverbanden zijn
Weet je wat signaalwoorden zijn
Weet je hoe belangrijk signaalwoorden zijn
Ken je minimaal 3 signaalwoorden bij de verschillende tekstverbanden
Weet je welke onderdelen jij nog extra gaat oefenen/ leren
Kun je gerichte acties benoemen om deze doelen alsnog te behalen: extra uitleg vragen, extra oefenen, herhalen van de leerstof, goed leren, enz.
Heb je tijdens de les goede inzet, concentratie en motivatie getoond om de lesstof te beheersen
Slide 27 - Tekstslide
Welke gerichte acties ga jij doen om deze doelen alsnog te behalen?
extra uitleg
extra oefenen
herhalen van de leerstof
goed leren
geen, want ik beheers de doelen al
Slide 28 - Poll
Hoe scoor je jouw inzet deze les?
-1
100
Slide 29 - Poll
Vragen?
Alles is duidelijk, ik weet wat ik moet doen
Ik heb nog een vraag, namelijk ...
Slide 30 - Poll
Welk tekstverband hoort bij het tekstverband 'tijdsvolgorde'?
A
Terwijl
B
Daarnaast
C
Toch
D
Bovendien
Slide 31 - Quizvraag
Dus dit was de herhaling over tekstverbanden.
Wat is het tekstverband?
A
tegenstelling
B
voorbeeld
C
conclusie
D
opsomming
Slide 32 - Quizvraag
" Kortom, dit was de herhaling over tekstverbanden."
Wat is het tekstverband?
A
tegenstelling
B
conclusie
C
voorbeeld
D
opsomming
Slide 33 - Quizvraag
Kortom, dit was de herhaling over tekstverbanden en signaalwoorden.
Wat is het tekstverband?
A
Doel-middelverband
B
Vergelijkend verband
C
Samenvattend verband
D
Concluderend verband
Slide 34 - Quizvraag
Tekstverbanden, het signaalwoord 'maar' hoort bij een .......tekstverband
A
opsommend
B
uitleggend
C
tegenstellend
D
redengevend
Slide 35 - Quizvraag
Meer lessen zoals deze
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
16 dagen geleden
- Les met
36 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
4 dagen geleden
- Les met
36 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
5 dagen geleden
- Les met
36 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
19 dagen geleden
- Les met
41 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
Leesvaardigheid: Signaalwoorden en tekstverbanden
Oktober 2024
- Les met
42 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-4
Signaalwoorden en tekstverbanden
April 2017
- Les met
18 slides
door
Examentraining
Nederlands
Middelbare school
vmbo b
Leerjaar 4
Examentraining
Examen
Juni 2023
- Les met
14 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4
Examen
April 2024
- Les met
14 slides
Nederlands
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4