bs 5.6 DNA technieken

Wat zijn rudimentaire organen?
Leg uit wat het verschil is tussen homologe en analoge organen
Ongeveer 65 miljoen jaar geleden is er een grote meteoriet ingeslagen op het Mexicaanse schiereiland Yucatan. Dat weten we doordat er een bodemlaag is ontdekt die in die tijd is ontstaan. Die laag bevat veel iridium. Iridium komt nergens op aarde in zo’n grote hoeveelheid voor. Iridium komt wel veel voor in meteorieten. De meteorietinslag heeft veel invloed gehad op de leefomgeving.

Na de meteorietinslag zijn veel nieuwe soorten ontstaan. Hoe kunnen deze nieuwe soorten zijn ontstaan?
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Wat zijn rudimentaire organen?
Leg uit wat het verschil is tussen homologe en analoge organen
Ongeveer 65 miljoen jaar geleden is er een grote meteoriet ingeslagen op het Mexicaanse schiereiland Yucatan. Dat weten we doordat er een bodemlaag is ontdekt die in die tijd is ontstaan. Die laag bevat veel iridium. Iridium komt nergens op aarde in zo’n grote hoeveelheid voor. Iridium komt wel veel voor in meteorieten. De meteorietinslag heeft veel invloed gehad op de leefomgeving.

Na de meteorietinslag zijn veel nieuwe soorten ontstaan. Hoe kunnen deze nieuwe soorten zijn ontstaan?

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Desoxyribonucleïnezuur
 

 
technieken

basisstof 5.6

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ontdekking DNA
  • In 1953 ontdekten James Watson, Francis Crick, Rosalind Franklin en Maurice Wilkins de structuur van DNA. 
  • In 1962 kregen Watson, Crick en Wilkins hiervoor een Nobelprijs voor Geneeskunde.
  • In 1987 voor het eerst DNA gebruikt als daderbewijs

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Video

Deze slide heeft geen instructies

biotechnologie

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

lesdoel
Toepassingen van biotechnologie kunnen noemen
De voor en nadelen uitleggen

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is biotechnologie ?
  • Verzamelnaam technieken waarbij organismen worden gebruikt om producten te maken voor de mens
  • Klassieke- en moderne biotechnologie 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klassieke biotechnologie
  • gebruik van traditionele technieken
  • gebruik van bacteriën, gisten en schimmels
  • productie van Kaas, bier, wijn, brood 
  • DNA van organismen wordt niet veranderd

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Moderne biotechnologie
  • Gebruik van moderne technologie
  • Gebruik van bacteriën, gisten, en schimmels
  • Aanpassen van eigenschappen
  • DNA wordt aangepast (genetische modificatie)

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar word biotechnologie voor gebruikt?

  • gezondheidszorg
  • landbouw
  • industrie
  • milieu 

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

genetische modificatie
  • De genen met positieve eigenschappen van het ene organisme toevoegen aan het DNA van een ander soort 
  • een gemodificeerd organisme heet 'transgeen'

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tijgermug

  • Muggen zijn ziekteverspreiders. Ze zijn moeilijk te bestrijden omdat ze zich snel voortplanten, klein zijn en er heel veel aanwezig zijn. Recent onderzoek ziet genetische modificatie als een oplossing. 

  • Bij tijgermuggen, de verspreiders van knokkelkoorts zijn mannelijke muggen gemodificeerd zodat hun nageslacht sterft voordat het zich kan reproduceren. De mannelijke muggen vinden een vrouwtje, wat zich slechts eenmaal voortplant. Deze jongen gaan dood zonder voor nageslacht te zorgen, waardoor de populatie wordt verkleind.


Het aantal gevallen van knokkelkoorts neemt toe. 
Er bestaan geen medicijnen of injecties om het te voorkomen.
Knokkelkoorts
U krijgt plotseling koorts met koude rillingen, vaak met heftige hoofdpijn en pijn achter de ogen.
Uw hele lichaam kan pijn doen: spieren, botten en gewrichten, vooral onder in uw rug.
U krijgt huiduitslag op uw borst (romp), armen, benen en gezicht.
Na een paar dagen kunt u misselijk worden en overgeven.
Ook hoesten, keelpijn en smaakverandering komen voor.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Video

Deze slide heeft geen instructies

argumenten voor:

  • producten kunnen goedkoper worden
  • hogere opbrengsten in de landbouw (minder honger)
  • milieuvriendelijkere gewassen
  • medicijnen tegen ziektes
  • betere producten (meer smaak)
  • gaat sneller dan kruisen van rassen
argumenten tegen:

  • mens heeft het recht niet om te knippen en plakken met genen van andere organisme
  • maken van nieuwe soorten gaat tegen natuur in
  • variatie neemt af
  • gewassen kunnen beter bestand worden gemaakt tegen bestrijdingsmiddelen 

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Video

Deze slide heeft geen instructies

genomics (NL: genomica)

  • Studie van het complete DNA.


  • Hiermee kun je voorspellen hoe gezond/goed een organisme is
  • kankeronderzoek (vergelijk DNA van een ziek persoon met dat van een gezond persoon)

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Genomics in de veeteelt
  • Welke stier heeft de beste combinatie van genen voor de hoogste melkopbrengst bij zijn nageslacht?


  • Voorheen moest je wachten tot dat nageslacht er ook echt was, nu kun je dat aan het genoom zien.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

DNA testen

  • misdaadbestrijding
  • fraude met vlees
  • erfelijkheidsonderzoek
  • vaderschapstesten
  • verwantschap tussen soorten

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Crispr-cas
  • Enzym cas vindt stukje DNA dat gewijzigd moet worden
  • Cas knipt het DNA door
  • Nieuw stuk DNA wordt ingebouwd

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

andere technieken
eDNA

synthetische biologie

Slide 24 - Tekstslide

e DNA = 

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

designer baby's?
ethische dilemma's?

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schrijf een betoog (opdr 8)

Je mag deze opdracht alleen doen of in tweetallen.
Lever de opdracht aan het eind van de les in. 
Deze opdracht geldt als een vraag op de repetitie van volgende week.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Biotechnologie is al eeuwen oud
A
waar
B
niet waar

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bij de productie van bier en zuurkool wordt biotechnologie toegepast
A
Ja
B
Nee

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het toevoegen van gist in brood om het luchtig te maken is:
A
klassieke biotechnologie
B
geen biotechnologie
C
recombinant-DNA-techniek
D
moderne biotechnologie

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

wat is transgeen?
A
klassieke biotechnologie
B
er is geen trans aanwezig
C
een genetisch gemodificeerd organisme
D
genetische modificatie

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is bij de toepassing van biotechnologie altijd sprake van genetische modificatie?
A
ja
B
nee

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat wordt er gedaan bij recombinant-DNA-techniek?
A
Met behulp van bacteriën wordt van melk yoghurt gemaakt.
B
In het DNA van een organisme wordt nieuwe erfelijke informatie aangebracht.
C
de celkern van een lichaamscel van een organisme wordt gecombineerd met een 'lege' eicel van een ander organisme
D
Er wordt gekeken of er een DNA match is tussen een verdachte en bewijsmateriaal

Slide 33 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de verzamelnaam van technieken waarbij organismen worden gebruikt om producten te maken voor de mens?
A
DNA- recombinant techniek
B
Genetische modificatie
C
Biotechnologie
D
Klonen

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

huiswerk
volgende week: 
Maak de opdrachten van bs 5.6 + test jezelf. 

22 november:
REP Thema 5 bs 5.1 - 5.6

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies