In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.
Onderdelen in deze les
Introductie
Gezonde voeding
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Slide 3 - Tekstslide
Slide 4 - Tekstslide
Slide 5 - Tekstslide
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Tekstslide
Slide 8 - Video
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Tekstslide
Slide 12 - Tekstslide
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Tekstslide
Slide 15 - Video
Eiwitten zijn een....
A
brandstof
B
bouwstof
C
beschermende stof
Slide 16 - Quizvraag
Eiwitten zijn nodig om
A
Botten te versterken
B
Lichaamscellen te vernieuwen
C
Energie van te maken
Slide 17 - Quizvraag
Noem een product dat veel koolhydraten bevat
Slide 18 - Open vraag
In welk voedingsmiddel zitten veel koolhydraten?
A
brood
B
kaas
C
melk
D
vlees
Slide 19 - Quizvraag
Koolhydraten zijn een....
A
brandstof
B
bouwstof
C
beschermende stof
Slide 20 - Quizvraag
Fabel of Feit?
Zijn de stelling op de volgende dia's een fabel (niet waar) of een feit (waar)?
Slide 21 - Tekstslide
De meeste vitamine C haal je uit groente
Fabel (niet waar)
Feit (waar)
Slide 22 - Poll
Fabel
Vitamine C zit met name in fruit zoals sinaasappel en kiwi en in sommige groentesoorten waaronder paprika en kool. In veel andere groenten zit een stuk minder vitamine C, maar zitten tal van andere vitamines en mineralen.
Slide 23 - Tekstslide
Vetten heb je ook nodig in je eetpatroon.
Fabel (niet waar)
Feit (waar)
Slide 24 - Poll
Je hebt vlees nodig om genoeg eiwitten binnen te krijgen.
Fabel (niet waar)
Feit (waar)
Slide 25 - Poll
Slide 26 - Video
Hoelang moet je hardlopen om een hamburger van de Mac Donalds (big Mac) te verbranden?
A
15 minuten
B
30 minuten
C
45 minuten
D
2 uur
Slide 27 - Quizvraag
Voor hoeveel % bestaat een komkommer uit water?
A
50%
B
75%
C
85%
D
meer dan 96%
Slide 28 - Quizvraag
Bekijk op de volgende dia het filmpje over roken en sporten.
Er volgt daarna een vraag over het filmpje.
Slide 29 - Tekstslide
Slide 30 - Video
Wat is een 'kong' bij het freerunnen?
A
je zet alleen je handen neer en springt over iets heen
B
je springt eerst over iets heen en zet dan je handen neer
C
je draait om je as heen
Slide 31 - Quizvraag
Hoe hard gaat de snelste man ter wereld? (Usain Bolt)