De School van vroeger

Vroeger
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisBasisschoolGroep 3,4

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Vroeger

Slide 1 - Tekstslide

Het klaslokaal van vroeger

Aan het einde van de les kunnen jullie drie belangrijke verschillen vertellen tussen een klaslokaal van vroeger en nu.
Ook kunnen jullie aan het einde van de les vertellen wat nu vroeger, nu en later betekent.

Slide 2 - Tekstslide

7PVwQM1HtE https://www.youtube.com/watch?v=w
Leesplankje
De kinderen leerden lezen via het leesplankje.

Slide 3 - Tekstslide

Krijtbordjes ipv wisbordjes
krijtbord
Er werd met krijt op een bord geschreven en getekend.

Slide 4 - Tekstslide

Telraam
Vroeger waren er geen rekenmachines maar werd geteld op een telraam

Slide 5 - Tekstslide

Schoolbankje
De kinderen zaten vroeger op een houten schoolbankje.
klassenindeling
Kinderen zaten in rijen. Niet in groepjes.

Slide 6 - Tekstslide

Inktpot
De kinderen schreven met een kroontjespen. In het schoolbankje zat een inktpot waar de meester of de juf inkt in deed.

Slide 7 - Tekstslide

Verschillen en Overeenkomsten

Slide 8 - Tekstslide

Hoort het bij de klas 
van vroeger of nu?

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Hoort het bij de klas van vroeger of nu?

krijtbord
A
klas van vroeger
B
klas van nu

Slide 11 - Quizvraag

Waarmee leerden de kinderen vroeger schrijven?
A
met een balpen
B
met een potlood
C
met een veer
D
met een kroontjespen

Slide 12 - Quizvraag

Hoort het bij de klas van vroeger of nu?

digibord
A
klas van vroeger
B
klas van nu

Slide 13 - Quizvraag

Hoort het bij de klas van vroeger of nu?

kroontjespen
A
klas van vroeger
B
klas van nu

Slide 14 - Quizvraag

Hoort het bij de klas van vroeger of nu?

laptop
A
klas van vroeger
B
klas van nu

Slide 15 - Quizvraag

Het lesdoel
Aan het einde van de les kunnen jullie drie belangrijke verschillen vertellen tussen een klaslokaal van vroeger en nu.

Ook kunnen jullie aan het einde van de les vertellen wat vroeger, nu en later betekent.

Slide 16 - Tekstslide