Les 1. Wereldgodsdiensten

Wereldgodsdiensten
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1,2

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Wereldgodsdiensten

Slide 1 - Tekstslide

Les:
2 havo

Duur: 
2 x 60 minuten

Methode: 
Feniks

Introductie:
De wereld is gevuld met mensen die verschillende overtuigingen en religies hebben. Een aantal van deze overtuigingen worden wereldwijd gedeeld door miljoenen mensen. Deze overtuigingen noemen we wereldgodsdiensten.

Er zijn vijf grote wereldgodsdiensten: christendom, islam, hindoeïsme, boeddhisme en jodendom. Elke godsdienst heeft zijn eigen verhalen, rituelen en tradities. Mensen die deze religies volgen, geloven in verschillende manieren van leven, wat ze belangrijk vinden en hoe ze met elkaar omgaan.

Bijvoorbeeld, christenen geloven in één God en volgen de leer van Jezus Christus. Moslims geloven in Allah en volgen de leer van de profeet Mohammed. Hindoes hebben verschillende goden en geloven in karma en reïncarnatie, terwijl boeddhisten proberen het lijden te begrijpen en verlichting te bereiken. Joden volgen de Tora en geloven in de verbondenheid met God.

In dit thema gaan we dieper in op deze wereldgodsdiensten: wat ze precies inhouden, welke feestdagen en rituelen belangrijk zijn, en hoe mensen hun geloof in hun dagelijks leven beleven. We kijken ook naar de overeenkomsten en verschillen tussen deze religies en hoe ze invloed hebben op de wereld waarin we leven.




Leerdoelen:

De leerling kan uitleggen wat monotheïsme 
betekent en welke godsdiensten daarbij horen.

De leerling kent kernbegrippen van het jodendom, christendom en de islam, zoals heilige boeken, 
belangrijke figuren en religieuze gebruiken.”

IDe leerlinge kan uitleggen wat het jodendom,
christendom en islam met elkaar gemeen hebben 
én waarin ze van elkaar verschillen.”


Slide 2 - Tekstslide

Doel slide: 
De leerdoelen kunnen aan het begin van de les worden gedeeld. Het is belangrijk voor de leerlingen om te weten wat er van hen wordt verwacht aan het einde van de les(2 min)
Monotheïsme?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Monotheïsme

Slide 4 - Woordweb

Werkvorm: 
Woordweb: 
Leerlingen gaan in duo's een woordweb maken om het woord monotheïsme. (2 minuten). Daarna opent de docent de antwoorden en bespreekt de antwoorden klassikaal (3 minuten). Hierbij geeft hij uitleg over het de betekenis van het woord. 

Verantwoording:
De gekozen werkvorm activeert voorkennis. 
1.ISLAM
2.CHRISTENDOM
3. ISLAM
4. BOEDDHISME
5. HINDOEISME

Slide 5 - Tekstslide

Werkvorm:
Symbolenmatch (10 min)

Docent geeft de leerlingen een geprint werkblad met daarop verschillende symbolieken. 1 t/m 5 staan de verschillende godsdiensten. 

Leerlingen gaan individueel de symbolen met de religies koppelen. Tevens moeten ze benoemen welke religie monotheïstisch is en welke polytheïstisch. 

Daarna geeft de docent de leerlingen een buurt om zijn of haar antwoorden klassikaal te bespreken (2 minuten). 

Verantwoording: 
De gekozen werkvorm activeert de  voorkennis.  Het koppelen van een beeld aan de religie zorgt er voor dat de informatie beter blijft hangen. Daarnaast kunnen leerlingen bestaande kennis (herkenbaar van internet, krant of tv) aan nieuwe kennis. 

Jodendom
Geloof in één God (monotheïsme)
Het jodendom is een monotheïstische godsdienst: er is één God, die almachtig, alwetend en rechtvaardig is.

God heeft een verbond gesloten met het Joodse volk, dat zij in ruil daarvoor zijn geboden volgen.


Slide 6 - Tekstslide

Doel slide: 

Informatie geven over het verloop van het Jodendom (10 min).
De Tenach is het heilige boek (vergelijkbaar met het christelijke Oude Testament).

De belangrijkste delen zijn de Tora (de vijf boeken van Mozes), de Profeten en de Geschriften.

Joden proberen te leven volgens de 613 geboden (mitswot) uit de Tora.
Deze regels gaan over eten (kosjer), rustdagen (sabbat), eerlijkheid, bidden, enzovoort.

Traditie speelt een grote rol: feestdagen, gebruiken en geschiedenis worden generatie op generatie doorgegeven.

Dit wordt ook wel tikoen olam genoemd: het herstellen of verbeteren van de wereld.





Slide 7 - Tekstslide

Doel slide: 
Het geven van informatie over het het Jodendom.
Levenslijn van het Jodendom

Slide 8 - Tekstslide

Werkvorm:
Levenslijn van het Jodendom (15 minuten)

Start klassikaal: Wat weten we al over het Jodendom?

Geef elk groepje een kaartje met een aspect (bijv. sabbat, menora, Mozes, Tora, Tenach, Poeriem (lotenfeest)
Pesach (en Seideravond) Jom Kippoer en Rosj Hasjana (Grote Verzoendag en Joods Nieuwjaar) .
Leerlingen zoeken op of lezen een korte tekst over het aspect. 

De docent laat ze het kaartje op volgorde in een 'levenslijn' leggen (touw op de grond of digitaal).

Docent laat groepjes presenteren waarom hun onderdeel belangrijk is voor het Jodendom.

Bespreek klassikaal: Wat valt op? Wat is de rode draad?

Verantwoording: 
Door het maken van een levenslijn wordt het abstracte begrip Jodendom concreet. Leerlingen leren het verwerken van informatie op hun eigen niveau en bouwen samen kennis op. Daarnaast 
ondersteunt deze werkvorm het samenwerken, kritisch denken en presenteren. 




Christendom
 Geloof in één God
Het christendom is een monotheïstische godsdienst.

Christenen geloven in één God die zich laat kennen als Vader, Zoon (Jezus Christus) en Heilige Geest — dit heet de drie-eenheid.
Jezus Christus als de Zoon van God
Jezus is de centrale figuur in het christendom.

Christenen geloven dat hij de Zoon van God is, naar de wereld gekomen om de mensen te verlossen van hun zonden.

Zijn kruisiging en opstanding uit de dood zijn het hart van het geloof.

3. 📖 De Bijbel als heilig boek
De Bijbel bestaat uit het Oude Testament (overeenkomend met de Tenach van het jodendom) en het Nieuwe Testament (met de verhalen over Jezus en de eerste christenen).

De bijbel bevat boodschappen van liefde, vergeving, hoop en gerechtigheid.

4. 💖 Leven volgens de leer van Jezus
Jezus leerde mensen om God lief te hebben boven alles en je naaste als jezelf.

Vrede, barmhartigheid, vergeving, eerlijkheid en dienstbaarheid zijn kernwaarden.

Het christendom moedigt aan om het goede te doen en te leven zoals Jezus dat deed.

5. 🌍 Hoop op eeuwig leven
Christenen geloven dat wie in Jezus gelooft, vergeving van zonden krijgt en na de dood bij God mag zijn.

Deze hoop op eeuwig leven geeft richting en troost in het leven nu.


Slide 9 - Tekstslide

Doel slide: 
Informatie geven over het Christendom (10 min)
Christendom
Zijn kruisiging en opstanding uit de dood zijn het hart van het geloof.

De Bijbel bestaat uit het Oude Testament (overeenkomend met de Tenach van het jodendom) en het Nieuwe Testament (met de verhalen over Jezus en de eerste christenen).

De bijbel bevat boodschappen van liefde, vergeving, hoop en gerechtigheid.

Jezus leerde mensen om God lief te hebben boven alles en je naaste als jezelf.

Vrede, barmhartigheid, vergeving, eerlijkheid en dienstbaarheid zijn kernwaarden.

Het christendom moedigt aan om het goede te doen en te leven zoals Jezus dat deed.

5. 🌍 Hoop op eeuwig leven
Christenen geloven dat wie in Jezus gelooft, vergeving van zonden krijgt en na de dood bij God mag zijn.

Deze hoop op eeuwig leven geeft richting en troost in het leven nu.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Werkvorm
Beeldbron analyse en interpretatie:

Introductie (klassikaal, 5 min)
De docent toont het schilderij op het bord.
Vertel kort wie Leonardo da Vinci was en dat dit schilderij het moment toont waarop Jezus met zijn leerlingen het laatste avondmaal houdt. Leg uit dat dit het moment is waarop Jezus zegt dat één van hen hem zal verraden.

Leerlingen gaan observeren (individueel of in tweetallen, 5 min)

Laat de leerlingen eerst goed naar het schilderij kijken en laat leerlingen de volgende vragen beantwoorden:
- Wie zie je allemaal?
- Wat doen de mensen op het schilderij?
- Wat valt je op aan de houdingen en gezichtsuitdrukkingen?
- Waar zit Jezus?

Interpreteren (in groepjes, 10 min)
Laat de leerlingen antwoord geven op de volgende vragen:
-Wat betekent dit beeld?
- Wat zou Jezus aan het vertellen zijn?
- Wat denk je dat de schilder wil laten zien?
- Wat zou het schilderij mensen willen laten voelen of begrijpen?

Terug naar de context (klassikaal, 5 min)
De docent gaat klassikaal met de leerlingen hun bevindingen bespreken en gaat antwoord vinden op de volgende vraag:

- Wat betekent het Laatste Avondmaal voor christenen? (→ instelling van het Heilig Avondmaal / Eucharistie)
- Wat leert dit over Jezus’ rol in het christendom?

Verantwoording:
Leerlingen leren de verhalen over jezus beter begrijpen via beeld. Door te kijken en vragen te stellen worden ze bewust van hun eigen leerproces.  Het Laatste Avondmaal is een kernmoment in het christendom. Door het analyseren van het schilderij krijgen de leerlingen meer begrip van Jezus’ rol, verraad, gemeenschap en het sacrament.

.



De islam is een monotheïstische godsdienst.

Moslims geloven in Allah, de ene ware God, die barmhartig, rechtvaardig en almachtig is.

Allah is dezelfde God als in het jodendom en christendom, maar moslims volgen de boodschap zoals die is geopenbaard aan profeet Mohammed.

De Koran is het heilige boek van de islam en bevat de woorden van Allah, geopenbaard aan Mohammed via de engel Gabriël.
Het boek is geschreven in het Arabisch en is leidraad voor hoe moslims horen te leven.


.

Slide 12 - Tekstslide

Doel slide: 
Contextualiseren Islam (10 min)
Er is geen god dan Allah, en Mohammed is zijn profeet.
 
Er wordt vijf keer per dag gebeden in de richting van Mekka.

 In de maand ramadan tussen zonsopkomst en zonsondergang.

Bedevaart (hadj) – Één keer in je leven naar Mekka, als je daartoe in staat bent.
Moslims proberen te leven zoals Allah dat vraagt: eerlijk, respectvol, behulpzaam, schoon, en gehoorzaam.

De islam geeft richtlijnen voor zowel persoonlijke als sociale en morele keuzes





Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Werkvorm:
Think – Pair – Share:

De docent toont een kijkplaat van een gezin dat de iftar viert. De docent vraagt de leerlingen; 
- Wat zie je?
- Wat valt je op?
- Wat zou dit met geloof of islam te maken hebben?

Leerlingen denken zelf na en noteren steekwoorden of een korte gedachte op een kladblaadje.

PAIR:
Leerlingen hebben overleg met een klasgenoot (2-3 min)
Leerlingen bespreken hun observaties en gedachten in tweetallen. Hierbij kunnen ze elkaar de volgende vragen stellen: 
- Wat zag jij wat ik niet zag?
- Dachten we hetzelfde of juist iets anders?
-Wat vinden wij bijzonder of herkenbaar?

SHARE: 
Klassikale terugkoppeling (5  min).
De docent vraagt enkele tweetallen om te delen wat ze besproken hebben.

De docent vult aan met inhoudelijke duiding, bijv. over gebed, ramadan, verbondenheid of rituelen.

Verantwoording:
Bij deze werkvorm gaan leerlingen eerst zelf denken, dan samen, dan klassikaal – dit verdiept het begrip. Het tonen van een afbeelding van de iftar helpt leerlingen op een visuele manier inzicht te krijgen in religieuze gebruiken binnen de islam.




Slide 15 - Tekstslide

Werkvorm:
Venn-diagram (Drie-cirkelmodel):
 Leerlingen kunnen de verschillen en overeenkomsten ordenen tussen de drie monotheïstische religies.

Intro: 
Opfrissen van basiskennis (5-10 min)
De docent geeft kort klassikaal een overzicht van de drie religies:

Uitleg werkvorm + Venn-diagram uitdelen (3 min):
Geef elke leerling of duo een werkblad met drie overlappende cirkels:
Links: Jodendom
Rechts: Christendom
Onder: Islam
Middenin (waar alle drie overlappen): gemeenschappelijke kenmerken

Invullen van het Venn-diagram (10 min)
Laat leerlingen in tweetallen of kleine groepjes werken.
 Ze noteren:
Alleen in de cirkel van één religie
unieke kenmerken
In de overlappende vlakken: 
Overeenkomsten tussen twee
In het midden: 
wat ze alledrie delen

Voorbeelden die ze kunnen ontdekken:

Alleen Islam Islam + Jodendom. 
Vijf zuilen. Geen varkensvlees. Eén God.
Koran. Gebed richting God. Heilige tekst.
Bedevaart (Hadj) Vasten (Ramadan/Sabbat) Jerusalem belangrijk.

Klassikale nabespreking (10 min)
De docent bespreekt wat de leerlingen hebben opgeschreven.

Verantwoording:
Leerlingen ontdekken dat religies zowel uniek als verbonden zijn.



AFSLUITER

Slide 16 - Tekstslide

Werkvorm: 
De Kennisdriehoek (2 min):

De docent geeft elke leerling een leeg driehoek-schema.
Je kunt het als werkblad uitdelen of op het bord/projectiescherm tekenen.

           Islam
           / \
          / \
     Jodendom — Christendom

In de hoeken schrijven ze 1 typisch kenmerk van die religie.

Op de lijnen tussen twee religies schrijven ze 1 overeenkomst.

In het midden schrijven ze wat alle drie religies met elkaar gemeen hebben.

Verantwoording:
Leerlingen verwerken de stof in hun eigen woorden. Ze merken zelf of ze de leerdoelen beheersen.

.

💡