LES 1 - INTRODUCTIE THEMA GELD

1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapPraktijkonderwijsLeerjaar 2,3

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie 
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 2 - Tekstslide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inleiding
Je krijgt zo een video bij te zien ter introductie van dit thema.
Beantwoord twee kijkvragen:
  • Wat is gezond?
  • Wat is ongezond?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Aan het eind van de les:
Weet ik wat de kosten van verschillende producten zijn.
Weet ik dat sommige producten geen geld kosten, maar we voor die producten op een andere manier betalen.


Slide 6 - Tekstslide

Leerdoelgericht werken: 
Voor iedere leerling is duidelijk waar er aan gewerkt gaat worden. Docenten geven vanuit deze leerdoelen vorm aan
de inhoud van hun lessen. Om dit voor leerlingen behapbaar te houden wordt alleen het hoognodige aangeboden. Iedere les worden de beoogde leerdoelen kenbaar gemaakt en
worden onderwijsactiviteiten ingezet die moeten leiden tot het beoogde leerdoel. Hierbij wordt gericht ingezet op succeservaringen. Leerdoelen worden vanuit hoge positieve verwachtingen van alle leerlingen geformuleerd en zetten in op succeservaringen. 
Geld

Slide 7 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Theorie
Iedereen geeft wel eens geld uit.
Je krijgt geld van je ouders, of je werkt en of studeert.
Hoe veel geld je uitgeeft hangt eraf van je  leefstijl 
Geef je veel uit dan kan je krap zitten in je financien 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de gevolgen van veel geld uitgeven dan wat je krijgt?

Slide 9 - Open vraag

Door leerlingen vooraf na te laten denken over waar de opdracht aan moet voldoen, krijgen ze kwaliteitsbesef. Hierdoor zijn de leerlingen in staat om zelf in te schatten waar hun inspanningen bij de opdracht voor verbetering vatbaar zijn. 
Feit of fabel
Een paar dagen frisdrank per dag kunnen geen kwaad.
Fabel
Frisdranken en fruitsappen zorgen voor een verhoogd lichaamsgewicht. Beperk dus het drinken van frisdranken en fruitsappen. Kies liever vaker voor thee of water. 


Af en toe een blikje energiedrank is helemaal niet erg.
Fabel
Energiedrankjes kan je het beste helemaal vermijden. Eén blikje bevat 2 tot 4 suikerklontjes en meer dan 100 caloriëen. Daarnaast bevat het veel cafeïne wat voor jongeren heel ongezond is. Te veel hiervan kan zelfs hartkloppingen veroorzaken.


Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Feit of fabel
Je moet ongeveer 1,5 liter water per dag drinken.
Feit
Water drinken is belangrijk. Er wordt aangeraden om dagelijks 1,5 tot 2 liter te drinken. Water drinken, afgewisseld met thee en koffie zonder suiker, is het gezondst. Deze dranken staan in de Schijf van vijf. Genoeg drinken is belagnrijk om voldoende vocht binnen te krijgen. Je hebt vocht nodig omdat je het verliest door te ademen, te zweten en toiletbezoekjes.

Eén keer per week sporten heeft geen zin.
Fabel
Een keer per week sporten is beter dan helemaal niet. Sporten is goed voor bijna alles: het gaat stress tegen, je conditie verbetert, je zelfverzekerdheid gaat omhoog en het is goed voor je hart- en lichaamsconditie. Dus ook die ene training in de week scheelt een hoop! 


Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies