Hoe schrijf je een verslag?
Verdeel je verslag in drie delen:
Inleiding: Vertel kort wat de activiteit is.
Middenstuk (hoofdgedeelte): Beschrijf wat er gebeurde.
Slot: Geef een korte conclusie of jouw mening.
Begin met een korte introductie van de activiteit.
Gebruik eenvoudige zinnen en vertel wat er zal komen.
Middenstuk (hoofdgedeelte) uitschrijven
Gebruik opsommingswoorden om de volgorde duidelijk te maken.
Bijvoorbeeld:
Eerst gebeurde…
Vervolgens gebeurde…
Daarna gebeurde…
Tot slot gebeurde…
Zorg dat elke stap helder en logisch is beschreven.
Slot schrijven
Vat kort samen wat je hebt beschreven.
Vertel eventueel wat je ervan vond of wat je geleerd hebt.
Nakijken en verbeteren
Lees je verslag nog een keer door en controleer op spelling en zinsopbouw.
Vraag eventueel een klasgenoot of docent om feedback.