werkwoorden1

Werkwoorden
Vul het juiste werkwoord in!
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Werkwoorden
Vul het juiste werkwoord in!

Slide 1 - Tekstslide

Aan het eind van deze les kun je
  • De juiste werkwoordsvorm in de tegenwoordige en verleden tijd kiezen.
  • Jezelf voorstellen met hebben en zijn
  • Een dagboekfragment schrijven met de juiste werkwoorden 


Slide 2 - Tekstslide

Aan het eind van deze les kun je

Slide 3 - Tekstslide

STAVAZA
Team 1 Suzy, Ebube, Yilu, Kevin: C1, H1 (Wie ben je, wat heb je)
Team 2 Nazari, Yaroslav, Meyra, Prudie, Andy, Sajjad, Zirun, C1,  H 5 

Team 3 Sonya, Santiago, Oiohui: deel 2, H 1 en 2 (Dagboekfragment en reisblog)
Team 4 Ihor, Zakaria, Wajid, Ahamad deel 2 H6

Slide 4 - Tekstslide

STAVAZA
Team 1 Suzy, Ebube, Yilu, Kevin: C1, H1 (Wie ben je, wat heb je)
Team 2 Nazari, Yaroslav, Meyra, Prudie, Andy, Sajjad, Zirun, C1,  H 5 

Team 3 Sonya, Santiago, Oiohui: deel 2, H 1 en 2 (Dagboekfragment en reisblog)
Team 4 Ihor, Zakaria, Wajid, Ahamad deel 2 H6

Slide 5 - Tekstslide

Hij schrijf een boek
timer
1:00
A
goed
B
fout

Slide 6 - Quizvraag

Hij ..... een brief.
timer
1:00
A
schrijf
B
schrijft
C
schrijvt
D
schrijven

Slide 7 - Quizvraag

Hij .... naar Amsterdam
met de trein.
timer
1:00
A
reist
B
reizt
C
reis
D
reizen

Slide 8 - Quizvraag

Hij ...... een boek aan
de docent.(geven)
timer
1:00

Slide 9 - Open vraag

De docent .... een
lekkere pizza. (kiezen)
timer
1:00

Slide 10 - Open vraag

Ik ... vandaag naar school.
timer
1:00
A
loop
B
loopt
C
lopen
D
loopen

Slide 11 - Quizvraag

Wij ... in Wageningen
timer
1:00
A
woon
B
woont
C
wonen
D
woonen

Slide 12 - Quizvraag

De man ... het paspoort
uit zijn tas.
timer
1:00
A
pak
B
pakt
C
pakken
D
pakkt

Slide 13 - Quizvraag

Wij ... met de fiets
naar school.
timer
1:00
A
ga
B
gaat
C
gaan

Slide 14 - Quizvraag

Hij ... op het bed.
timer
1:00
A
lig
B
ligt
C
liggen

Slide 15 - Quizvraag

Mijn neef en mijn nicht ...
in Utrecht.
timer
1:00
A
woon
B
woont
C
wonen
D
wont

Slide 16 - Quizvraag

De studenten ... vanmorgen
de toets.
timer
1:00
A
maak
B
maakt
C
maken

Slide 17 - Quizvraag

Waarom ... jullie
hier vandaag?
timer
1:00
A
ben
B
bent
C
is
D
zijn

Slide 18 - Quizvraag

Jij ... vijf broers.
timer
1:00
A
heb
B
hebt
C
heeft
D
hebben

Slide 19 - Quizvraag

Hoeveel broers ... jij?
timer
1:00
A
heb
B
hebt
C
heeft
D
hebben

Slide 20 - Quizvraag

Hoeveel broers ... je tante?
timer
1:00
A
heb
B
hebt
C
heeft
D
hebben

Slide 21 - Quizvraag

Even en Mohamed ...
naar de Albert Heijn.
timer
1:00
A
ga
B
gaat
C
gaan

Slide 22 - Quizvraag

De jongens ...
vandaag samen.
timer
1:00
A
voetbal
B
voetbalt
C
voetballen

Slide 23 - Quizvraag

Mijn buurman ... elke dag
3 kilometer.
timer
1:00
A
zwem
B
zwemt
C
zwemmen

Slide 24 - Quizvraag

Mijn buurman ... elke dag
op de sportschoool.
timer
1:00
A
fitnes
B
fitnest
C
fitnessen

Slide 25 - Quizvraag

De docent ... aardig.
timer
1:00
A
ben
B
bent
C
is
D
zijn

Slide 26 - Quizvraag

Waar ... jij? Ik woon
in Wageningen.
timer
1:00
A
woon
B
woont
C
wonen
D
wont

Slide 27 - Quizvraag

Ik wil ...., want ik ben moe.
timer
1:00
A
eten
B
lopen
C
slapen
D
denken

Slide 28 - Quizvraag

De boot ..... naar Spanje.
(varen)
timer
1:00

Slide 29 - Open vraag

Je ... niet goed naar mij.
(luisteren)
timer
1:00

Slide 30 - Open vraag

Mijn oma ... zes kinderen.
(hebben)
timer
1:00

Slide 31 - Open vraag

U .... elke dag naar Amsterdam met de trein.
(reizen)

Slide 32 - Open vraag

Ik ... me heel erg in de klas!
(vervelen)

Slide 33 - Open vraag

Opdracht
Team 1 (Hebben en Zijn)
Maak de opdrachten uit de hand-outs
Beschrijf daarna wie je bent en wat je hebt (zie werkblad)
Korte presentatie in je groepje (mondeling)

Slide 34 - Tekstslide

Opdracht
Team 3 en 4
Maak opdracht 5, p. 74 en 75 (op Schrift)
Maak de vragen bij dagboekfragment op p. 76
Vul het reisblog in op p. 78
Maak opdracht 4, p, 79 dagbroekfragment bij puberruil

Slide 35 - Tekstslide

Opdracht
Team 2 
Maak de opdrachten uit de hand-outs
Beschrijf daarna wie je bent en wat je hebt (zie werkblad)
Korte presentatie in je groepje (mondeling)
Maak uit Schrijven in Nederland H7 en H8

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Video