8.2 De aarde en de zon

Par 8.2
De aarde en de zon
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Par 8.2
De aarde en de zon

Slide 1 - Tekstslide

Planning
  • Terugblik
  • Leerdoelen
  • Uitleg / filmpje
  • Lessonup
  • Zelfstandig werken

Slide 2 - Tekstslide

Krachten in het heelal

Slide 3 - Tekstslide

De miljoenen rotsblokken die tussen de banen van Mars en Jupiter in een baan om de zon draaien heten …
A
planetoïden
B
kometen
C
meteorieten
D
astroïden

Slide 4 - Quizvraag

Zet op volgorde van links naar rechts. Begin bij het middelpunt van ons zonnestelsel.
Aarde
Venus
Zon
Mars
Mercurius

Slide 5 - Sleepvraag

Welk hemellichaam is rond
A
Dwergplaneet
B
Planetoïde

Slide 6 - Quizvraag

Leerdoelen
Je kunt:
  • uitleggen wat de begrippen aardas, baanvlak en schrikkeljaar betekent
  • Uitleggen wat de seizoenen op aarde op aarde veroorzaakt
  • uitleggen hoe noorderlicht ontstaat en wat de zonnewind is.

Slide 7 - Tekstslide

Baanvlak of eclipticavlak

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Aardas 23,4 graden. De noordpool wijst naar poolster in Noorden. Daardoor lijkt de poolster stil te staan.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Op een winterdag komt de zon op om 08:48 uur en gaat ze om 16:48 uur onder. Op welk tijdstip bereikt de zon haar hoogste punt?
A
12:00 uur
B
13:00 uur
C
13:48 uur
D
12:48 uur

Slide 13 - Quizvraag

Leg uit waarom een schrikkeljaar nodig is.

Slide 14 - Open vraag

Leg uit waarom een schrikkeljaar nodig is.
Mogelijk antwoord:
Een schrikkeljaar is nodig omdat de aarde er niet precies 365 dagen over doet om rond de zon te gaan maar 365 dagen en 6 uur.
Door die 6 uur van 4 jaar bij elkaar op te tellen, heb je 24 uur, oftewel 1 dag. Dit is de schrikkeldag die elke 4 jaar meegenomen wordt in de telling.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Waarom is het in de winter bij ons kouder?
A
De aarde staat in de winter verder van de zon af.
B
Nederland staat in de winter aan de donkere kant van de zon.
C
Nederland ontvangt in de winter licht wat minder loodrecht op de aarde schijnt.
D
Nederland ontvangt in de winter meer koude wind uit de ruimte.

Slide 19 - Quizvraag

Vraag vooraf :
Hoe ontstaat het noorderlicht?
A
de planeet mars staat op een bepaald moment zo dat de magnetische kracht van mars en die van de Aarde elkaar afstoten
B
door zonnedeeltjes van de zon wat botst met het magnetisch veld van de aarde.
C
er komt een komeet uit de ruimte langs vliegen en die straalt een raar licht uit
D
omdat de atmosfeer heel dun is op dat moment en daardoor kunnen er heel veel zonnestralen de aarde bereiken

Slide 20 - Quizvraag

De noordpool van de aarde wijst altijd naar ......
A
Jupiter
B
De poolster
C
De zon
D
De maan

Slide 21 - Quizvraag

In de zomer zijn op het noordelijk halfrond de dagen langer
A
Juist
B
Onjuist

Slide 22 - Quizvraag

Slide 23 - Tekstslide

Opgaven
21, 24 al gedaan
dus nog doen:
25, 27, 28 en 29

Slide 24 - Tekstslide