Examentraining les 1

Examentraining les 1
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 4

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Examentraining les 1

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wie maakt zich zorgen om het examen Engels?

Slide 2 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat zit er in het kader examen?
A
Lezen en luisteren
B
Luisteren en schrijven
C
Lezen en schrijven
D
Alleen lezen

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe denk je het beste te kunnen voor te bereiden op je CE van Engels?

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Ik weet hoe een woordenboek werkt en hoe ik snel een woord op kan zoeken. 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

a) Normale
b) Rare
c) Rommelig

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat is juist?
A
normale
B
rare
C
rommelig

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

a) troebel
b) bodemloos
c) helder

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

welke is juist?
A
troebel
B
bodemloos
C
helder

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

a) producten
b) papier
c) afval

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

welke is juist?
A
producten
B
papier
C
afval

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

a) waarderen
b) kritiek geven
c) Kiezen

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

welke is juist?
A
waarderen
B
kritiek geven
C
kiezen

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

a) zuinig
b) geinteresseerd
a) zuinig
b) verspillend
c) geinteresseerd

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

welk antwoord is goed?
A
zuinig
B
verspillend
C
geinteresseerd

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom zou je een woordenboek gebruiken?

Slide 27 - Tekstslide

wash yourself -> self-service
Andere prachtexemplaren

Slide 28 - Tekstslide

outdoor use -> out of use
at the expense of -> by order of
fire resistance ->fire brigade
do not stall -> do not store here

Bij de tandarts: fill a hole instead of a cavity (oopsy)

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe 'lees' je een woordenboek?
  1. Het woord dat je moet opzoeken.
  2. De uitspraak van het woord. 
  3. Het aantal woordsoorten wordt aangeven, in dit geval 2, zowel een zelfstandig naamwoord als een werkwoord.
  4. Woordsoort zoals bijvoorbeeld zelfstandig nw, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord
  5. Hier vul je het woord in dat je hebt opgezocht.
  6. Voorbeelden in het Engels worden schuingedrukt. 

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe gebruik je een woordenboek? 
Tips:
  • De woorden staan op alfabetische volgorde.
  • Gebruik de gidswoorden boven aan. Deze geven het 1e woord en het laatste woord van die pagina aan en helpen je beter zoeken naar het woord. 
  • Bedenk welke vertaling het meest logisch in de zin is.
  • Zoek naar de stam van het woord: zie volgende pagina.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stam van het woord

It was extremely  cold outside.     >   stam = extreme
She loved her new phone.            >   stam = love
That is unfair.                              >   stam = fair  
They are talking  too much.          >   stam = talk
We went home after class            >   stam = go


Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gebruik alleen je woordenboek.
Schrijf de definitie van "disingenuous" op.
timer
1:00

Slide 34 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Gebruik alleen je woordenboek.
Schrijf de definitie van "inconspicuous" op.
timer
1:00

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

1. artery 2. revulsion 3. jug
4. fawn 5. twinkle 6. pitfall

timer
2:00

Slide 36 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zoek de betekenis op van het woord
"ludicrously"
timer
1:00

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik:
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies