§4.2 Wat kost de productie?

Paragraaf 4.2
Wat kost productie?
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Paragraaf 4.2
Wat kost productie?

Slide 1 - Tekstslide

Terugblik §4.1
Hoe produceren we?

Slide 2 - Tekstslide

  • In deze presentatie leer je:
  • wat produceren is
  • wat een bedrijfskolom is en hoe bedrijven waarde toevoegen
  • wat productiefactoren zijn
  • hoe je de kostprijs per product berekent
§ 4.1 Hoe produceren we?

Slide 3 - Tekstslide

Je moet de productiekosten terugverdienen. 
Daarvoor moet je weten hoe hoog de kostprijs per product Is.
Die bereken je zo:

§ 4.1 Hoe produceren we?

Slide 4 - Tekstslide

De bedrijven die na elkaar aan een product werken, vormen samen de bedrijfskolom.

§ 4.1 Hoe produceren we?

Slide 5 - Tekstslide

- In deze presentatie leer je:
  • wat milieuschade is
  • wat het verschil is tussen bedrijfskosten en maatschappelijke kosten
  • hoe bedrijven duurzaam kunnen produceren
  • wat recycling en de kringloopeconomie met elkaar te maken hebben

§ 4.2 Wat kost productie?

Slide 6 - Tekstslide

Geef een voorbeeld van milieuschade

Slide 7 - Woordweb

Consumptie en productie brengen schade toe aan onze leefomgeving.
Deze milieuschade ontstaat door:
  • vervuiling van lucht, water en bodem
  • energieverbruik
  • verbruik van grondstoffen
  • afval.

Milieuschade

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Wie betaalt?
Maatschappelijke kosten
= alle nadelen die voor rekening komen van de samenleving,
bijvoorbeeld alles wat milieuschade veroorzaakt.
Beter is dat de vervuiler betaalt.
Maar dat gebeurt niet altijd.

Dit kan via:
  • Milieubelastingen (bv. CO₂-heffing voor bedrijven).
  • Boetes voor vervuiling.
  • Verplichtingen om schade te herstellen (bv. opruimen van afval).


Bedrijfskosten
= kosten van
een bedrijfspand
de machines
het personeel
reclame
transport
enzovoort.
Een bedrijf betaalt deze kosten zelf.

Slide 10 - Tekstslide

Duurzaam produceren

Slide 11 - Tekstslide

Duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG's)

Slide 12 - Tekstslide

Milieuschade beperken

Slide 13 - Tekstslide

Kringloopeconomie

Slide 14 - Tekstslide

Lineaire economie
"
Voorbeeld:

Je koopt een flesje water --> drinkt het op --> gooit het weg --> dat flesje wordt niet opnieuw gebruikt = Lineair

Slide 15 - Tekstslide

Aan de slag!

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Paragraaf 4.2
Wat kost de productie?

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Opdrachten §4.2
Maken deze les:
  • Opdracht 1 t/m 12

Wat ga je doen als je klaar bent?
  • Nakijken
  • Ander vak

Slide 25 - Tekstslide