1.4 Elektriciteit en veiligheid 3k 23/24

Nask1
1 / 38
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 3

In deze les zitten 38 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Nask1

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen vandaag?

  • Herhalen huisinstallatie, draden, kortsluiting en overbelasting
  • Uitleg elektriciteit en veiligheid en opdrachten maken.

Slide 2 - Tekstslide

Huisinstallatie en draden

Hoofdleiding
Kilowattuurmeter
Aardlekschakelaar
Groepen met groepsschakelaar en zekering

Slide 3 - Tekstslide

Sleep de onderdelen naar de juiste plaats in de meterkast.
Zekering
Aardlekschakelaar
kWh-meter
groepenkast

Slide 4 - Sleepvraag

Overbelasting en kortsluiting

Slide 5 - Tekstslide

Bij kortsluiting........
A
zijn er teveel apparaten op dezelfde groep aangesloten
B
gaat de stroom direct van + naar -, zonder apparaat ertussen
C
Is de stroomdraad te kort om goed te kunnen geleiden
D
is de stroomkring een heel korte tijd gesloten

Slide 6 - Quizvraag

Kortsluiting krijg je door
A
overbelasting
B
brand
C
direct contact tussen de fase en nuldraad
D
te kleine stromen

Slide 7 - Quizvraag

Kortsluiting of overbelasting?
A
Kortsluiting
B
Overbelasting

Slide 8 - Quizvraag

Welke twee bewering over overbelasting is waar?
A
De stroom wordt te groot, doordat blote draden elkaar raken
B
De stroom ondervindt vrijwel geen weerstand meer
C
Er treedt kortsluiting in een apparaat op
D
Er zijn te veel apparaten op één groep aangesloten.

Slide 9 - Quizvraag

Kortsluiting of overbelasting?
A
Kortsluiting
B
Overbelasting

Slide 10 - Quizvraag

Wat is het gevaar bij zowel kortsluiting als overbelasting?
A
Een hoge spanning kan voor een schok zorgen.
B
Een grote stroom kan voor een schok zorgen.
C
Een hoge spanning kan voor brand zorgen.
D
Een grote stroom kan voor brand zorgen.

Slide 11 - Quizvraag

Bij welke stroomsterkte is er sprake van overbelasting?
A
14 A
B
15 A
C
16 A
D
17 A

Slide 12 - Quizvraag

1.4 Elektriciteit en veiligheid

Slide 13 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt beschrijven welke twee gevaren het gebruik van elektriciteit met zich meebrengt;
  • Je kunt uitleggen waarom je in vochtige ruimtes extra voorzichtig moet zijn met elektriciteit;
  • Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met enkele- en dubbele isolatie;
  • Je kunt zekeringen, aardlekschakelaars en randaarde beschrijven en herkennen. 

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

Gevaren
1) Brand bij kortsluiting of 
overbelasting.
2) Schok.

Hoeveel stroom je lichaam te verwerken heeft hangt af van de weerstand die de stroom ondervindt.

Slide 16 - Tekstslide

Lichaamsweerstand en contactweerstand
Contactweerstand is 
de weerstand waar de stroom
het lichaam in gaat.

Lichaamsweerstand is de
weerstand door je hele lichaam
heen.

Slide 17 - Tekstslide

Lichaamsweerstand en contactweerstand

Hoe groot de stroom is hangt af van twee dingen:
1 - Hoe groot de spanning is
2 - Hoe groot de weerstand in je lichaam is

Totale weerstand is lichaamsweerstand en contactweerstand

Droge huid = hoge contact weerstand en natte huid =lage contactweerstand

Slide 18 - Tekstslide

Enkele/dubbele isolatie
Om de draden van een apparaat zit altijd isolatie, zodat de draden geen kortsluiting veroorzaken. Dit heet enkele isolatie.

Sommige apparaten zijn, om een schok te voorkomen, ook van buiten van een materiaal gemaakt dat geen stroom geleid. Dit heet dubbele isolatie

Slide 19 - Tekstslide

Zekering

Slide 20 - Tekstslide

Zekeringen
Een zekering is er om te voorkomen dat de stroomsterkte niet te hoog wordt. De zekering schakelt de stroom dan namelijk uit.
Deze zekeringen voorkomen dus dat er overbelasting ontstaat.
Vaak worden installatieautomaten gebruikt. Dit zijn hefboompjes die omklappen

Slide 21 - Tekstslide

Zekering - smeltveiligheid

Slide 22 - Tekstslide

Aardlekschakelaar en randaarde

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Aardlekschakelaar en randaarde
De lekstroom gaat via de aardedraad naar de meterkast door de aardlekschakelaar en dan de grond in. 
Wanneer er stroom door de aardlekschakelaar gaat, gaat de elektriciteit uit.

Slide 25 - Tekstslide

Randaarde

Slide 26 - Tekstslide

Randaarde
Randaarde bij een stopcontact

Slide 27 - Tekstslide

Randaarde
Randaarde bij een stekker.
Zonder randaarde                          Met randaarde

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Video

Elektriciteit kan gevaarlijk zijn.
De gevaren zijn:
A
brand - geen stroom meer
B
brand - schok
C
kortsluiting - ontploffing
D
schok - kortsluiting

Slide 30 - Quizvraag

Een groepszekering beveiligt tegen
A
Elektrische schokken
B
Te hoge stroom
C
Lekstroom
D
Dubbele isolatie

Slide 31 - Quizvraag

Dit is het symbool van
A
enkele isolatie
B
elektriciteitssnoer
C
dubbele isolatie
D
meterkast

Slide 32 - Quizvraag

wat zie je hier?
A
randaarde
B
zekering
C
dubbele isolatie
D
aardlekschakelaar

Slide 33 - Quizvraag

Welke elektrische beveiliging
heeft dit nachtlampje
volgens het typeplaatje?
A
aardlekschakelaar
B
dubbele isolatie
C
randaarde
D
groepszekering

Slide 34 - Quizvraag

Wat bedoelen ze met 'dubbele' isolatie bij snoeren?
A
koperdraad en het plastic vormen en dubbele laag. Dat zorg dat het koper beter geleidend is.
B
Er zit twee plastic laagjes rond om het koperdraad voor bescherming.
C
Het geel/groene draad is een speciaal dubbel isolerend draad
D
Eigenlijk is het een driedubbele isolatie, want je hebt bruin, blauw en geel/groen isolatie rond het koper.

Slide 35 - Quizvraag

Welke van de twee maakt elektriciteit gevaarlijk?
A
de hoeveelheid spanning
B
de hoeveelheid stroom

Slide 36 - Quizvraag


Welke beveiliging sluit de stroom af?
A
De aardlekschakelaar
B
De dubbele isolatie
C
Het blijft aan, er is niks aan de hand.
D
De groepsszekering

Slide 37 - Quizvraag

wat is dit?
A
randaarde
B
zekering
C
dubbele isolatie
D
aardlekschakelaar

Slide 38 - Quizvraag