2.3 verder

2.3 verder
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

2.3 verder

Slide 1 - Tekstslide

Hoe zit je er op dit moment bij voor je gevoel?
😒🙁😐🙂😃

Slide 2 - Poll

Lesdoel: 
- aan het einde van de les kunnen we de functies van de inleiding en het slot benoemen en herkennen
- aan het einde van de les weten we wat het 'samenvattend tekstverband' is en herkennen we de signaalwoorden die erbij horen

Slide 3 - Tekstslide

Waarom heeft een
informatieve tekst
een inleiding?

Slide 4 - Woordweb

Wat staat er
meestal in de
inleiding?
(meerdere antwoorden mogelijk)

Slide 5 - Woordweb

De inleiding
 - aandacht trekken

- het onderwerp noemen of beschrijven
- de aanleiding noemen, aangeven waarom de tekst is geschreven
-de centrale vraag stellen, die later in de tekst wordt beantwoord
- de mening van de schrijver geven. De argumenten volgen in de kern
-een samenvatting van de inhoud geven. In de rest van de tekst volgen bijzonderheden. Een nieuwsbericht is zo opgebouwd.

Slide 6 - Tekstslide

'Gisteren raakte een auto te water. De inzittende kon door omstanders gered worden.'
Wat voor soort inleiding is dit?
A
samenvatting van de inhoud geven
B
de mening van de schrijver geven
C
een centrale vraag stellen
D
aandacht trekken van de lezer

Slide 7 - Quizvraag

Bezoekers van Walibi hebben 1,5 uur ondersteboven gehangen in een attractie. 'We wisten niet hoe lang we daar al hingen. De vrouw naast me raakte bewusteloos'. Hoe kon dit gebeuren?
Wat voor soort inleiding is dit?
A
samenvatting van de inhoud geven
B
de mening van de schrijver geven
C
een centrale vraag stellen
D
aandacht trekken van de lezer

Slide 8 - Quizvraag

Het slot
- een conclusie geven, bijvoorbeeld in een betoog. Signaalwoorden: dus, daarom, dan ook;
- een samenvatting van de inhoud geven, bijvoorbeeld in een informatieve tekst. Signaalwoorden: kortom, samenvattend;
- een advies geven, bijvoorbeeld in een reisverslag. Te herkennen aan zinnetjes zoals het is raadzaam, het is beter.

Slide 9 - Tekstslide

Wat weet je over
het slot van een tekst?

Slide 10 - Woordweb

Samenvattend tekstverband
We kennen al de volgende tekstverbanden: 
- opsommend (signaalwoorden: ook, en)
- tegenstellend (signaalwoorden: maar, toch)
- tijdsvolgorde (signaalwoorden: eerste, daarna, toen) 
- concluderend (signaalwoorden: dus, daarom)

Daar komt samenvattend bij. 

Slide 11 - Tekstslide

Samenvattend tekstverband
Signaalwoorden:
 kortom, om kort te gaan, samenvattend, al met al

Dit tekstverband vind je in de slot-alinea van een tekst. 

Slide 12 - Tekstslide

Aan de slag! 
Maken: 
2.3 Lezen 
opdracht 10 t/m 15 

Klaar? 
Werk verder aan je schrijfopdracht of fictie-opdracht!
timer
1:00
Succes!

Slide 13 - Tekstslide

Hoe heb je vandaag gewerkt?
0100

Slide 14 - Poll

Ik vond de opdrachten goed te doen.
0100

Slide 15 - Poll